Voetballegende Puskas (79) overleden

Hongarije is zijn beste voetballer uit de geschiedenis verloren. Ferenc Puskas overleed vrijdag op 79-jarige leeftijd. Puskas, die eind jaren vijftig en begin jaren zestig furore maakte op de internationale velden was al geruime tijd ziek....

Een moment uit het voetbaljaar 1962 om nooit te vergeten. De finale van de Europa Cup tussen Real Madrid en Benfica in het Olympisch Stadion van Amsterdam. Aan de ene kant de parel van Mozambique, Eusebio. Aan de andere kant Ferenc Puskas en, vooruit, Alfredo di Stefano. En precies daartussen in nog een beroemdheid: de fluitende stoffenhandelaar Leo Horn.

Er zijn in dat jaar nog niet zo gek veel voetballiefhebbers in het bezit van een televisietoestel. De gelukkigen die het spektakelstuk tussen de kampioen van Portugal en het ook toen al in smetteloos wit gestoken Spaanse kampioen op het scherm kunnen volgen, herinneren zich tot de dag van vandaag de spetterende goals van Eusebio, maar vooral die ene inderdaad onvergetelijke vrije trap die de koninklijke brigade uit Madrid krijgt.

Wie gaat die vrije trap, op zo’n 25 meter van het Portugese doel, nemen? Iedereen hoopt vurig dat de geblokte linksbinnen van Real Madrid, die tovenaar met het gebrillantineerde ravenzwarte haar en de scheiding in het midden, zich over het buitenkansje gaat ontfermen.

Maar niets wijst daarop. Puskas houdt zich weliswaar in de buurt van de bal op, maar dat kleine, gedrongen lichaam met die opvallende tonachtige borstkas maakt maar geen aanstalten het projectiel de gewenste lel te verkopen.

Geen aanloop of iets wat daar serieus op lijkt. Puskas staat daar maar wat te staan en lijkt de bal die aan zijn voeten ligt straal te negeren. Dan ineens haalt hij, bijna geniepig, zijn linkerbeen uit en kogelt de bal – die in die tijd loeizwaar was – met sidderende effecten achter de Portugese keeper Pereira.

Benfica wint met 5-3 en Eusebio is door de drie doelpunten die hij maakt op slag een beroemdheid. Velen vinden die treffers van de parel uit Mozambique inderdaad juweeltjes, maar die halen het in schoonheid toch niet bij die trap uit stand van Puskas. Om nooit meer te vergeten.

Ferenc Puskas was er in Kispest, een dorp aan de rand van Boedapest, al vroeg bij. Hij kon, beweren enthousiaste geschiedschrijvers, eerder tegen een bal trappen, met zijn linkervoet uiteraard, dan lopen op beide benen. Een natuurtalent, al viel er voor zijn vader, die als semiprof speelde voor Vasas, natuurlijk nog wel het nodige te schaven.

In 1943 was de opleiding wel zo’n beetje voltooid. Als jongen van amper 16 mocht Ferenc Puskas debuteren in het eerste elftal van Kispest, een club in een volksbuurt aan de rand van Boedapest. Een papperig jongetje, klein van stuk, zo op het oog niks bijzonders. En toch zou de kleine Ferenc niet veel later uitgroeien tot het Brein van het Gouden Team, tot de Magiër der Magyaren, tot de beste linksbenige aanvaller van zijn tijd, tot de beste schutter die Hongarije ooit heeft voortgebracht.

Puskas scoorde altijd en overal, voor Kispest, dat in 1948 door de communisten werd omgedoopt tot Honved, maar hij scoorde vooral als hij het Hongaarse shirt droeg: 83 doelpunten in 84 interlands.

Onder zijn leiding greep het Hongaarse elftal de wereldmacht. Het Gouden Team liet in de periode 1950-1954 elke tegenstander verbleken. In vijftig interlands op een rij (216 doelpunten voor, vijftig tegen) trok het maar liefst 49 keer aan het langste eind. Slechts één keer ging het mis, nota bene in de WK-finale van 1954. De Hongaren waren huizenhoog favoriet en zouden Duitsland wel even in de pan hakken. Dat hadden ze tenslotte eerder in het toernooi ook al gedaan (8-3). Maar uitgerekend op de finaledag was Puskas vanwege een blessure, hem toegebracht door de Duitser Liebrich, niet in goeden doen. Daardoor won niet Hongarije, het beste elftal ter wereld, maar het Duitsland van Fritz Walter.

Een jaar eerder had Hongarije het superieure voetballand Engeland te kijk gezet, en dat nog wel op de heilige grond van Wembley in wat de voetbalwedstrijd van de eeuw werd genoemd. Engeland had in zijn voetbaltempel nog nooit verloren van een continentale tegenstander, maar werd nu helemaal zoek gespeeld. De Hongaren scoorden al in de eerste minuut en lieten de Engelsen, inclusief Stanley Matthews, alle hoeken van het veld zien. Het werd 6-3 voor Puskas, de ‘galloping Major’, en zijn luitenants Hidegkuti, Kocsis en Boszik.

Eind 1956 viel het Gouden Team uiteen. Russische tanks trokken Boedapest binnen. Puskas bevond zich met zijn club Honved tijdens de inval in Spanje vanwege een Europa Cupwedstrijd tegen Athletic Bilbao en weigerde terug te keren naar zijn bezette vaderland. Hij werd ingelijfd door Real Madrid, waar hij met Di Stefano, Gento en Garrincha nog tal van triomfen zou vieren.

In 1992 keerde Puskas terug naar Boedapest, dat hem een heldenontvangst bereidde. Hij werd meteen president van de voetbalbond en een jaar later bondscoach. Daarna kwamen de internationale onderscheidingen. Hij werd door het IOC geridderd en door de voetbalwereld geëerd als topscorer aller tijden.

Puskas scoorde 512 keer in de 528 wedstrijden die hij speelde voor Kispest, Honved en Real Madrid. Zijn mooiste doelpunt? Die vrije trap in 1962 natuurlijk.

Een portret uit de jaren vijftig van de Hongaarse voetballegende Ferenc Puskas, die vrijdag op 79-jarige leeftijd overleed. Puskas was al lange tijd ziek. (AFP)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden