Voetbalclub Young Boys boekte succes dankzij crimineel

Deze week staat de hoofdverdachte terecht in een grote strafzaak rond Young Boys. Dankzij Kris J., ooit de spil in de IRT-affaire, promoveerde de Haarlemse voetbalclub naar de hoofdklasse. De club is nu failliet, en J. wordt vervolgd voor witwassen en afpersing.

De oude kantine van de failliete voetbalclub Young Boys in Haarlem. Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Het sprookje van de Haarlemse voetbalclub Young Boys, zoals lokale media het noemen, stopt in oktober 2011 abrupt als justitie een inval doet in het clubgebouw. Dertien mensen worden aangehouden vanwege illegaal gokken.

De bestuurskamer van de club, die 's avonds dienst deed als pokerruimte, wordt op last van de gemeente gesloten. Het was, zo blijkt uit camerabeelden die de recherche heimelijk maakte, een epicentrum van criminele activiteiten.

Terug naar 2010. Rinus Israël is net gestopt als scout bij Feyenoord als zijn oude kennis Kris J. belt. 'Ben je geneigd hier trainer te worden?' Young Boys, waar J. de scepter zwaait, is gepromoveerd naar de hoofdklasse en wil een zwaargewicht aan het roer om door te stoten naar het profvoetbal. 'IJzeren Rinus' is de perfecte kandidaat.

Ruim vijftien jaar heeft Israël geen contact gehad met Kris, die hij kent via vrienden. Maar de geboren Surinamer, ooit de spil in de IRT-affaire, is hem kennelijk niet vergeten. Israël hoeft niet lang na te denken. Ja, hij wil wel. Nu, vier jaar later, heeft hij spijt. 'Ik ben er niet trots op dat ik daar gezeten heb. Je werkt liever niet bij een club die zo aan z'n eind komt.'

Illegale toernooien

Deze week staat Kris J. voor de rechter in de zaak die justitie Courage noemt. Hij wordt verdacht van het organiseren van illegale pokertoernooien, het witwassen van de opbrengst, het witwassen van betalingen aan spelers en trainers van Young Boys en de afpersing en bedreiging van oud-voetballer Martien Vreijsen. Dertien medeverdachten moesten zich de afgelopen weken al verantwoorden voor hun rol in het criminele netwerk rond de vereniging.

Young Boys was jarenlang een club in bonis. Voormalige profvoetballers als Arno Splinter en Serge van der Ban prijken op de spelerslijsten van de Haarlemse volksclub. Oud-international Sonny Silooy structureerde de jeugdopleiding en Rinus Israël werd dus aangetrokken als trainer. Op papier verdienden ze niet veel, maar volgens justitie compenseerde Kris J. dat met enveloppen vol contant geld.

Sinds de IRT-affaire, waarmee J. naar verluidt miljoenen verdiende, volgde justitie hem met bovenmatige belangstelling. Hij investeerde in vastgoed, deed aan vermogensbeheer, begon een ticketbureau en kocht zich in bij een Oostenrijks wedkantoor. Hij won vele tonnen met eigen sportweddenschappen. Volgens de politie hielp hij het lot een handje door spelers om te kopen en zo de uitslag te beïnvloeden.

Als hij in 2004 vrijkomt na een celstraf voor cokehandel, stort J. zich op zijn hobby: voetbal. Hij richt Young Boys op. De club begint in de kelder van het amateurvoetbal. Maar zoals altijd denkt Kris groot. En aan geld heeft hij geen gebrek. Vier jaar achtereen promoveert zijn club. Hoe hoger ze spelen, hoe bekender de spelers. Regionale kranten staan er vol mee.

Foto uit 2011, kort na de arrestaties op de voetbalclub. Beeld anp

Begin van het einde

Tot die herfstdag in 2011, de dag van de inval. Het is de inleiding van het einde. Begin 2012 vraag Young Boys faillissement aan en trekt zich terug uit de competitie. Uit faillissementsverslagen blijkt dat er geen boekhouding was. De mensen die de club op papier bestuurden hadden niets in de melk te brokkelen. Young Boys was van Kris J., en niemand anders.

Het proces dat justitie nu voert tegen de veertien verdachten is met veel bombarie aangekondigd. Dat komt volgens advocaat Hugo Heerebout - die verdachte Herman W. bijstaat - door de afgang van justitie in de IRT-affaire waarin Kris J. een hoofdrol speelde. 'Het Openbaar Ministerie wil die flater van toen in deze zaak rechtzetten. Een onbelangrijke verdachte als mijn cliënt wordt daardoor ten onrechte met een exorbitante zware strafeis opgezadeld.'

Rinus Israël heeft bij de politie een keer zijn verhaal gedaan, een jaar of drie geleden. 'Sindsdien heb ik er niks meer over gehoord.' Van de enveloppen van Kris J. zegt hij niks te weten. 'Ik verdiende niet veel, ik deed het ook niet voor het geld. Natuurlijk zag ik dat er goede voetballers waren, ik ben niet gek natuurlijk. Maar ik heb me nooit afgevraagd waar het geld vandaan kwam.'

Van de criminele activiteiten die vanaf het sportpark werden geregisseerd, heeft Israel niks meegekregen, zegt hij. 'Ik zweer je dat ik niet wist wat daar gebeurde. Hou op zeg, ik heb echt geen idee. Na de training ging ik altijd als een haas naar huis.'

Kris J. heeft hij sinds de inval niet meer gesproken. 'Of ik dat nog zou willen? Hij is een aardige gozer. Als hij me zou bellen, ga ik naar hem toe.'

Rinus Israël Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden