Vleugels in veilig Rotterdam

Tien jaar geleden maakte Raemon Sluiter 'als broekie van zestien' zijn debuut bij het ABN Amro World Tennis Tournament in Rotterdam....

Eindelijk had tennisser Raemon Sluiter het hoofd op orde nadat de motivatie tijdelijk was verdwenen, speelde zijn oude enkelblessure weer op tijdens de Australian Open. Huilend van ellende verliet Sluiter Melbourne Park. 'Ik ben er twee weken down van geweest. Zat ik weer elke dag bij de fysio en kon ik mijn energie niet kwijt.'

Nog erger was het perspectief dat hij zijn geliefde tennistoernooi in Rotterdam aan zich voorbij moest laten gaan. 'Ondenkbaar, dit is voor mij een van de mooiste weken van het jaar', zegt Sluiter. 'Ideaal is het niet, dat ik in de aanloop naar Rotterdam geen toernooi heb kunnen spelen. Ik heb nu geen enkele indicatie over mijn vorm.

'Ik ben net weer begonnen met trainen, ik moet eerst mijn angst voor die enkel overwinnen. De loting zal in Rotterdam heel belangrijk voor me zijn. Ik heb onlangs naar het schema gekeken, een makkie zit er niet tussen.'

Sluiter, grijnzend: 'Zondag mag ik het toernooi met Roger Federer openen vanaf een boot. Ik kan hem beter meteen in de Maas flikkeren, want Federer wil ik zeker niet tegenkomen in de eerste ronde.'

Het maakt niet uit wie Sluiter treft, als Rotterdams ketelbinkie staat ook hij op de affiches van het ABN Amro World Tennis Tournament. Van ballenjongen tot nationale knuffelbeer, niet slecht voor dat ventje uit Hillegersberg met zijn curieuze, dubbelhandige slagen. Of zoals de Rotterdamse burgemeester Opstelten hem typeerde in Tennis Magazine: 'Zijn wijze van tennissen is ook heel Rotterdams: niet overdreven mooi, niet elegant, wel keihard werken.'

De eerste liefde.

Sluiter volgde de klassieke route in sportpaleis Ahoy'. 'Ik ben begonnen als ballenjongen. Het was mijn enige kans om de tennistoppers van dichtbij aan het werk te zien. Ik stond twee of drie meter naast spelers als Schapers, Koevermans, Hlasek, Jarryd en Gilbert. Ik kan me niet herinneren dat ik met een van hen een aanvaring heb gehad. Ik ben nooit uitgescholden als ballenjongen, ik probeerde mijn werk zo goed mogelijk te doen.

'Ik had niet het besef dat ik ooit zelf in Ahoy' zou spelen. Dat was toen nog een droom. Ik was er wel snel bij, al op mijn zestiende kreeg ik een wildcard voor het kwalificatietoernooi. Op een bijbaantje verloor ik in de eerste ronde van Hendrik-Jan Davids, zo nerveus als toen ben ik nooit meer geweest. Ik vond het al heel bijzonder dat ik in Ahoy' mocht tennissen.'

Amsterdam-Rotterdam.

Sluiter, ironisch: 'Rotterdam is mijn stad, maar ik heb met Hugo Ekker een Amsterdamse coach. Zie het als een uitwisselingsverdrag. Ik train ook vaak in Amsterdam, op tennispark Amstelpark. Na die nederlaag van Ajax tegen FC Twente kwam ik daar wel wat vrolijker binnen dan normaal.

'Kreeg ik meteen opmerkingen naar mijn hoofd als: nu ben je wel als eerste aanwezig. En: je hebt zeker een weekje gewacht voor je weer begon met trainen. Maar als Feyenoord-fan beleef ik ook niet echt een lekker seizoen.

'Tijdens het toernooi in Rotterdam ben ik binnen tien minuten op de plaats van bestemming. Dat is een fantastisch gevoel. Jarenlang ben ik vanuit Hillegersberg met de tram en de metro naar Ahoy' gegaan. Ik denk dat Rotterdam trots op mij is, zoals ik trots ben op Rotterdam.

'Ik houd geen propaganda-praatjes, zoals mensen wel eens denken. Rotterdam zit in mijn hart, ik sta ook model voor de normen en waarden van deze stad. In dat opzicht ben ik het prototype van de echte Rotterdammer, hard werken, je kop houden en verder normaal doen.'

De thuiswedstrijd.

'Zeker in het begin van mijn carrière was het verschil tussen de Sluiter in Nederland en daarbuiten te groot. Toen piekte ik alleen in Rotterdam, Amersfoort en Rosmalen en won ik buiten Nederland bijna geen partij. Daar heb ik aan gewerkt. Maar ik blijf een typische publieksspeler en in Ahoy' kom ik echt thuis.

'Ik ken er ook iedereen. De dames achter de spelersbalie, de conciërge tot en met de gasten van de beveiliging. Zo regelt de moeder van oud-speelster Caroline Vis nog altijd de ballenjongens. En dan heb je nog de ouwe Leo Delwel, die er voor zorgt dat alle koelkasten vol staan voor de spelers en dat ze voldoende handdoeken hebben.

'De ambiance in Ahoy' is zo intiem dat het lijkt of ik aan de Rotterdamse clubkampioenschappen mee doe. Ook ten opzichte van de andere Nederlanders ben ik in Rotterdam in het voordeel. Ik voelde me vorig jaar bijna schuldig dat ik Sjeng Schalken in twee setjes wegtikte. In Maastricht zou Schalken thuis spelen, maar in Ahoy' ben ik de baas. Zo zal Sjeng het ook hebben ervaren.'

De tempel.

'De eerste keer dat je die hal binnenloopt, wow, dat gevoel is nauwelijks te beschrijven. Ahoy' is zo imposant. Zeven jaar geleden maakte ik mijn debuut in het hoofdtoernooi tegen Brett Steven. Zie je daar plotseling bijna tienduizend mensen zitten, voor mij, voor het Rotterdamse jochie Raemon Sluiter. Dat doet wat met je. Het is heel apart.

'Zeker twee keer per jaar bezoek ik een concert in Ahoy', dan ga ik lekker op in de massa. Dan realiseer ik me tegelijkertijd dat al die mensen ook één week per jaar in de rij staan om mij te zien tennissen. In mijn favoriete snookercentrum hoor ik de mensen alweer roepen: hé Sluit, we komen volgende week hoor!

'Dat bijzondere gevoel komt telkens terug als ik de hal in Ahoy' binnenloop, maar ik kan er nu veel beter mee omgaan. Ik krijg echt kippenvel als ik de baan betreed. Het is zo'n kick, spotlichten aan, het geroezemoes van het publiek en bam, die baan op, knallen.'

De missie.

'Als kind was Rotterdam mijn Wimbledon, maar zo extreem zie ik het niet meer. Ik heb nog geen ATP-titel, voor mij zou elke toernooizege fantastisch zijn. Ik ben ook wel eens helemaal vastgelopen in de kwalificaties, zoals in 2000 tegen Björkman. Maar de laatste jaren geeft Ahoy' me vleugels. Die wedstrijd vorig jaar tegen Ferrero was heel speciaal, die heeft veel losgemaakt in Rotterdam.

'De volgende avond ben ik de stad ingegaan, omdat de adrenaline nog door mijn lichaam gierde. Ik hoorde van veel mensen dat ze de partij live op Radio Rijnmond hebben gevolgd. Het publiek ging compleet uit zijn dak. Toen Ferrero op matchpoint tegen een tweede service sloeg, brulde de helft van de zaal dat de bal uit was, terwijl hij dik voor de servicelijn viel. Van Lottum had een dag eerder al een kraker gespeeld tegen Ferrero, maar dit sloeg alles.

'Ik ben nog weken doodziek geweest van mijn nederlaag tegen Ferrero, al gaf het veel voldoening dat ik zoveel mensen een mooie avond heb bezorgd. Die krankzinnige kwartfinale is me meer bijgebleven dan mijn finale, twee jaar geleden tegen Mirnyi. Toen had ik met een walkover tegen Ferrero en een overwinning op een zieke Grosjean veel geluk gehad.

'Ik kwam nooit los in de finale. Het was bovendien het eerste toernooi zonder directeur Wim Buitendijk. Door zijn overlijden lag dat jaar echt een deken over het toernooi, dat merkte je aan alles. '

De Krajicek-factor.

'Krajicek heeft het toernooi een extra dimensie gegeven. Als speler streefde hij al naar perfectie, dat doet hij nu als toernooidirecteur. Zo heeft hij de spelers, het bedrijfsleven en het publiek dichter bij elkaar gebracht. De faciliteiten waren al uitstekend in Rotterdam. Het ligt vooral in de communicatie tussen Krajicek en de spelers.

'Richard weet wanneer hij je iets kan vragen en wanneer hij je met rust moet laten. Daar merk je aan dat hij zelf heeft gespeeld. Het gekke is dat Krajicek die interactie met het publiek en het bedrijfsleven vroeger nooit ambieerde. Als speler was Richard vrij gesloten. Nu beseft hij hoe belangrijk het kan zijn.

'Onderschat ook niet het effect van de mond-tot-mond reclame in de ATP Tour. Natuurlijk praat je met collega's over de kwaliteit van de toernooien. Als een tennisser in de kleedkamer vertelt dat hij in Rotterdam op dinsdagavond voor een volle bak speelde, maakt dat indruk. Het probleem is alleen dat het toernooi bijna niet beter kan.'

Het afscheid.

'Het is grappig dat je me daar nu mee confronteert, want ik heb vorig jaar meer dan ooit aan mijn afscheid gedacht. Ik was niet meer zo gemotiveerd, vroeg me af of ik het tennis nog wel echt ambieerde. Ik heb lang getwijfeld tot ik besefte dat ik als tennisprof een bevoorrecht leven heb. Veel mensen schilderen het mooier af dan het is, het reizen is me tegen gaan staan. Toch weet ik dat ik er nog niet klaar mee ben.

'Ik zie me nu nog wel drie of vier jaar tennissen. Maar mijn laatste wedstrijd speel ik uiteraard in Rotterdam. Desnoods eindig ik waar ik begonnen ben, in het kwalificatietoernooi. Het mooie is dat ik na mijn afscheid in Ahoy' binnen tien minuten thuis zal zijn. Nog eens vijf minuten later zit ik in het snookercentrum en dan begint deel twee van het leven van Raemon Sluiter.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden