InterviewTurncoach Vincent Wevers

Vincent Wevers is terug van zijn schorsing: ‘Ik ben niet meer de trainer van toen’

Vincent Wevers hervatte donderdag de trainingen met zijn pupillen Naomi Visser (links) en dochter Sanne Wevers.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Turncoach Vincent Wevers stond donderdag, na vijf weken op non-actief, weer in de hal met zijn pupillen. Fysieke mishandeling ontkent hij met klem, maar Wevers erkent dat het er vroeger anders aan toeging.

Na vijf weken ‘huisarrest’ betrad turncoach Vincent Wevers donderdagochtend weer een deels vertrouwde plek: de turnhal. Het was een andere hal dan hij gewend was als werkplek. Het Epke Zonderland Turncentrum van Heerenveen was verruild voor de SportQube in Nijmegen. De turnsters waren dezelfde; twee van zijn dochters (Sanne en Lieke) en multitalent Naomi Visser.

De start van de training was rustig. Het was eerder een langgerekte warming-up. Met opzet. ‘Want we hebben heel lang niet met elkaar in de zaal gestaan.’

Kalm beginnen was ook een probaat middel in week zes van een zware crisis, waarbij de gemoederen in de turnwereld na weken van publicaties nog lang niet tot bedaren zijn gekomen. Wevers, bondscoach bij de nationale gymnastiekunie (KNGU), werd op woensdag 29 juli op non-actief gesteld. Hij reageerde slechts één keer, bij de NOS, en zweeg verder.

Nu mag hij weer, onder strikte voorwaarden, de zaal in met zijn olympische turnsters. ‘Het ISR (instituut sportrechtspraak, red.) heeft hiermee ingestemd. En het bestuur van de KNGU heeft dat advies overgenomen. Onder de voorwaarde dat hier een waarnemer aanwezig is.’

Wevers zat op de woensdag van de beslissing hem op een zijspoor te zetten om tafel met zijn bestuur. Hij moest een verklaring geven, over beschuldigingen, en met name die van turnster Joy Goedkoop die de coach uit Oldenzaal betichtte van fysieke mishandeling. ‘Joy Goedkoop beweert dat ik haar geschopt en geslagen heb. Daar neem ik afstand van. Dat heb ik nooit gedaan’, zegt de coach die donderdag ook zegt dat de woorden ‘dikke koe’ nooit in zijn zaal zijn gebruikt.

Nog een felle verdediging van de coach is dat hij ‘niet op één lijn met Gerrit Beltman gezet wil worden’. Beltman stak met zijn bekentenis over fysieke en mentale mishandeling de turnwereld in brand. Hij was enkele jaren trainer in het topsportcentrum van de familie Wevers, Bosan TON Oldenzaal. Wevers en hij waren zelfs bevriend. Beltman woonde in die jaren in een huisje van de schoonfamilie van Wevers.

Cultuurbepaler

‘Toen Beltman in België ontslagen was, heb ik hem naar Oldenzaal gehaald en is hij bij mij weer begonnen. Ik had altijd omgang met hem gehad. Heb ook veel van hem geleerd. Hij was de coach in Nederland die het meest vooruitstrevend was in een bepaalde periode. Toen ik als coach begon, ging ik kijken waar ik mijn kennis kon opdoen. Wie is de beste van Nederland? Beltman was de eerste met een eigen halletje, met schoolaanpassingen voor zijn pupillen, met twee keer trainen per dag. Hij was de trendsetter van heel veel. Hij was ook de cultuurbepaler.

‘Heel Nederland was daar ontvankelijk voor. Het was me wel duidelijk dat ik niet alles moest kopiëren, maar dat ik de goede dingen eruit moest halen. En die toepassen op mijn eigen situatie. Dat je niet de fout maakt dat wat Beltman met 30 uur training kon doen, jij met je ploeg in 20 uur training kon bereiken.’

Hij nam afscheid van de rigide, beltmanniaanse aanpak toen de KNGU, in samenwerking met sportkoepel NOCNSF, in 2007 een onderzoek ging instellen naar het welzijn in het Nederlandse vrouwenturnen. ‘Oldenzaal was een pilot. Daar stonden we heel erg achter. Wij wilden ook een spiegel om onze aanpak te bekijken. Die spiegel is ons voorgehouden. Er zijn tal van aanbevelingen uit dat rapport gekomen. Daarmee zijn we aan de slag gegaan. Ik ben toen met sportpsycholoog Loes de Ridder een traject ingegaan om mijzelf te ontwikkelen. In de zin van pedagogisch op een andere manier training geven. Ik heb samen met haar ontdekt dat er ook andere wegen zijn om sporters te benaderen.’

Het is een wat omfloerste, bedekte manier om toe te geven dat hij in zijn eerste coachperiode soms te bars of te hard was. Zijn hele trainersploeg in Oldenzaal wijzigde de aanpak. Hij wil de namen van zijn assistenten niet kwijt. ‘Ik wil ze liever niet betrekken in dit, dan worden ook zij achtervolgd. Ik was hoofdtrainer, ik was verantwoordelijk. Maar we hebben toen de omslag gemaakt als trainers.’

Samenvattend: ‘De trainer van toen is niet meer de trainer van nu. Net als de dokter en de politieman, we hebben allemaal een maatschappelijke ontwikkeling doorgemaakt. Daar wil ik niet mijn straatje mee schoonvegen. Maar ik ben meegegroeid met wat nodig was.’

Vanaf 2008 was Wevers (57) met tussenpozen werkzaam voor de KNGU. Talentcoach, back-upcoach, sparringcoach, arenacoach, bondscoach. Met technisch directeur Hans Gootjes en hoofdcoach Gerben Wiersma tekende hij voor een nieuw, topsportvriendelijk klimaat. ‘Wij hebben het vrouwenturnen vanaf 2008, met vallen en opstaan, een nieuw gezicht gegeven. Elke keer hebben we onszelf verbeterd, verbeterd en nog eens verbeterd. Tot waar we nu staan, met turnsters op leeftijd, met inspraak in werkwijze en selectie. Zij hebben daarin een bepalende rol. Daarmee zijn we top van de wereld. In geen enkel land wordt dit zo gedaan.’

Tokio

De aandrang van de tien olympische kandidaten om de training onder hun vaste, tijdelijk geschorste coaches te hervatten, is door de slachtoffers van de vorige decennia als ongepast aangemerkt. ‘Dat moet je los zien van elkaar. De KNGU zet alles op alles om de slachtoffers te horen. Er moet recht worden gedaan aan wat hun is overkomen. Zodat hierna niemand meer kan zeggen: ze zijn mij vergeten.

‘Los daarvan zijn er tien turnsters die zich voorbereiden op de Olympische Spelen van Tokio. Dat wordt met de nazorg en het onderzoek van de gymnastiekunie verweven. Reacties als ‘mes in de rug’ en ‘slag in het gezicht’, nu wij weer de zaal ingaan, die horen niet op de turnsters gericht te zijn. Die kunnen er niks aan doen wat in het verleden is gebeurd. Die moet je daar ook niet verantwoordelijk voor stellen. Die moeten hun droom niet hoeven opgeven. Als je die zaken uit elkaar houdt, dan doe je niemand tekort.

‘Ik vind het sneu voor deze tien turnsters, die hebben erg hard meegeholpen aan alle verbeterslagen die we de laatste tien, twaalf jaar in het turnen hebben doorgemaakt. Je hebt de vroegere tijden en de huidige tijd.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden