Sport Basketbal Apollo - Weert 80 - 60

Verliezen is niet altijd erg

Basketbalclubs Apollo en Weert roeien op het hoogste niveau in Nederland tegen de stroom in. Ze hebben liever geen Amerikanen. Maar hoe lang ze dat gaan volhouden?

Apollo is in de aanval en heeft de rebound tegen Weert te pakken. Beide ploegen spelen met zo min mogelijk Amerikanen. Beeld Jiri Büller

Wie succesvol wil zijn in de Nederlandse basketbalcompetitie kan niet zonder Amerikanen. Spelers uit het basketbalwalhalla vullen de gaten die het handjevol Nederlandse topspelers niet kunnen dichten. Behalve bij het Limburgse Weert en Apollo uit Amsterdam. Deze clubs kiezen er bewust voor om met zo min mogelijk Amerikanen te spelen. Ook al is dat vechten tegen de bierkaai.

Van de 49 wedstrijden die beide ploegen de afgelopen drie maanden speelden, wonnen ze er 7. Zaterdag speelden ze tegen elkaar als het laatste en voorlaatste team van de competitie. Apollo won met 80-60, hoewel het tijdens de rust met een stand van 35-34 nog alle kanten op kon. Voor Apollo-coach Patrick Faijdherbe zijn wedstrijden zoals tegen Weert de leukste van het seizoen. ‘Want als je tegen ploegen uit de topvier speelt, weet je dat het klaar is als ze de motor aanzetten’, zegt hij.

Met ‘ze’ doelt Faijdherbe op de Amerikanen die vooral bij de vier topclubs uit de competitie – Donar, Zwolle, Leiden en Den Bosch – bepalend zijn. Van de negen spelersstatistieken die in de competitie worden bijgehouden, worden er zes aangevoerd door Amerikanen. De topteams hebben er gemiddeld vier onder contract. Apollo stelt daar een ploeg tegenover die bestaat uit een mix van Nederlandse routiniers en talent.

Zonder Amerikanen meer toekomst

Hoewel het winnen van titels een utopie is, denkt de club zonder Amerikaanse inbreng toekomstbestendiger te zijn. Tal van gerenommeerde basketbalclubs zijn de afgelopen decennia ten onder gegaan door het aantrekken van te veel dure buitenlanders, gecombineerd met de afhankelijkheid van een grote geldschieter.

Weert is er daar een van. De landskampioen van 1994 was lang een grootmacht, maar ging in 2016 failliet. Als Basketball Academie Limburg maakte de vereniging in 2017 een doorstart en herijkte het de koers. Nu draait het bij de club om het opleiden van talenten. Sportief succes is daar ondergeschikt aan, zegt Henk Konings, die de basketbalclub in 1968 oprichtte. ‘We zijn vorig jaar zeven man kwijtgeraakt aan grotere ploegen’, zegt hij trots.

Amerikanen zijn bij de club geen taboe, stelt hij. ‘Maar dan maximaal twee en alleen voor posities waar je zelf niets hebt.’ Voor dit seizoen heeft de ploeg bijvoorbeeld de 2 meter 8 lange Amerikaan Tony Washington in de gelederen. Lange, goede Nederlandse spelers zijn namelijk zeldzaam. In zijn eerste jaar voert hij meteen de lijst met meeste rebounds (balheroveringen) aan.

Volgens Konings worden jonge Nederlandse spelers beter met een speler als Washington naast zich. ‘Hij voegt echt iets toe. Je moet Amerikanen zorgvuldig rekruteren. Helaas doen niet alle teams dat.’ Apollo-coach Faijdherbe sluit zich bij die woorden aan. ‘Neem bijvoorbeeld Aris (Leeuwarden, red.). Dat is kansloos voor de titel, maar speelt bijna alles met Amerikanen. Ik kan het misschien makkelijk zeggen, maar ik denk: gooi die gasten eruit en ga met Nederlanders spelen. Je verliest dan wat meer wedstrijden, maar je leidt wel jongens op. Je loopt het risico dat jongens die nu maximaal anderhalve minuut per wedstrijd spelen over twee jaar zeggen: ik stop ermee en ga voor mijn maatschappelijke carrière.’

Zonde, vindt Faijdherbe, omdat de meeste Amerikanen niet meer dan passanten zijn die zich via een klein basketballand als Nederland in de kijker willen spelen bij rijkere basketbalcompetities.

Zo meldde zich half december opeens een Amerikaan bij hem tijdens een training. Dat gebeurt wel vaker, legt Faijdherbe uit: ‘Die jongens zijn dan op doorreis en willen hun conditie op peil houden’. Hij begon het alleen vreemd te vinden toen de Amerikaan na twaalf minuten oververmoeid stond over te geven.

Oplichting

Faijdherbe: ‘Ik zei dat hij beter naar de kleedkamer kon gaan. Hij stond erop door te gaan en zei dat hij zich morgen sowieso weer goed zou voelen. Daarna liet hij een contract zien.’ De Amerikaan was in de veronderstelling speler van Apollo te zijn. Hij was op stel en sprong naar Amsterdam afgereisd. Het contract stond vol fouten en verkeerde namen. Hij bleek te zijn opgelicht door een Roemeense spelersmakelaar. Faijdherbe: ‘Die jongen was straatarm en had van zijn laatste geld een ticket van Chicago naar Amsterdam gekocht.’

Apollo-speler Mack Bruining nam de Amerikaan een aantal dagen in huis. Via een crowdfundingactie werd een ticket terug naar de VS geregeld, zodat hij de feestdagen met zijn familie kon doorbrengen. ‘Erg zielig’, zegt Faijdherbe. ‘Die jongens hopen in Europa op het beste. Ze hebben vaak niets in de VS. Deze jongen was zestien vrienden en familieleden verloren aan bendegeweld in Chicago.’

Om het aantal Amerikanen binnen de perken te houden, mogen eredivisieclubs maximaal vijf buitenlanders onder contract hebben. Ook moet er te allen tijde minimaal één Nederlander op het veld staan. Mogelijk verandert dat volgend jaar. Vorige week werd bekend dat de Nederlandse competitie overweegt de regels van de wereldbasketbalbond Fiba over te nemen. Teams zouden dan in theorie zeven Amerikanen kunnen contracteren en zijn niet meer verplicht een Nederlander op te stellen. Apollo-aanvoerder Aron Royé (30) speelde jaren in de top van het Nederlandse basketbal met Amerikanen. Hij vindt ze belangrijk voor het niveau.

Toch beschouwt hij de voorgenomen regelwijziging als een slechte zaak: ‘Ik begrijp het vanuit het perspectief van de topclubs. Die zijn in Europa kansloos met weinig Amerikanen. Maar als je er meer mag contracteren, krijg je ook Amerikanen die helemaal niet zo goed zijn. Die pikken de plek in van Nederlandse jongens. En ik speel liever met een Nederlander dan met een minder goede Amerikaan.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.