INTERVIEWMARTINA WEGMAN

Van watervallen waar je je rug kunt breken naar de olympische wildwaterbaan

Ze komt in 2021 in actie tijdens de Spelen op de kajakslalom. Eerder beoefende Wegman de sport extreem-kajakken. ‘Als je daar een fout maakt, kan het leven of dood zijn.’

Martina Wegman tijdens de Kajakslalom Wereldkampioenschappen kwalificatie, 2019.Beeld Getty Images

Martina Wegman (30) is waarschijnlijk Nederlands onbekendste olympiër. Ze is geplaatst voor de Zomerspelen van Tokio die met een jaar zijn uitgesteld, naar 2021. Ze komt uit in de K1, de kajakslalom, die sinds 1992 tot het vaste olympische programma behoort. Ze vaart in een kunstmatige wildwaterstroom langs hangende poortjes. 

Kajakken, en dan vooral de extreme variant, is al heel lang haar leven. Wegman leerde het op zee, bij Hargen, Noord-Holland. ‘Mijn vader deed het voor. Het was een levensstijl. Wij gingen op vakantie naar plekken waar wild water was. Mijn broer deed het ook. Ik wilde dat ook. Zo ben ik er ingerold. Het was spannend, uitdagend. Je bent in het begin niet in controle. Als je die wel hebt, wil je steeds stapjes verder. Je ziet filmpjes van watervallen, van mensen die daar met de kajak af gaan en je denkt die zijn echt gek. Maar op een gegeven moment sta je daar zelf, heb je zelf die mogelijkheid.’

Ze vertelt vanuit Nieuw-Zeeland, waar ze elke winter traint, van haar eerdere sportleven, het extreme kajakken. Ze was toonaangevend in Teva Outdoor Games en Sickline Extreme World Championships. Soms liet ze zichzelf 15 meter naar beneden vallen met een kajak.

‘Bij meer dan 10 meter, de psychologische grens, moet je met de neus van de kajak in het water vallen. Zodat je geen harde klap krijgt. Water onder aan de waterval bevat veel lucht. Als je daar goed in landt, is het vrij zacht. Maar als je plat met je kajak op het water komt, dan heb je veel impact. Je rug krijgt een opsodemieter. Er zijn mensen die zo hun rug hebben gebroken. Onder de 10 meter kun je wel vlak landen, maar daarboven moet je het niet wagen.’

In 2015 liet ze de extreme tak van haar sport achter zich. Ze ging het betonkanaal in, de kunstmatige baan waarin het olympische wildwatervaren wordt gehouden. ‘Mijn vriend, Mike Dawson, kwam op twee Olympische Spelen voor Nieuw-Zeeland uit. Hij is twee jaar geleden gestopt, maar ik vond zijn sport heel leuk en het was gemakkelijker om samen te reizen. 

‘De andere reden is dat ik er een uitdaging in vond, zonder het risico van wildwater extreem kajakken. Ik voelde me zeker hoor, bij die watervallen. Ik koos de lijn die het risico verkleinde. Maar het risico is er natuurlijk wel. Op een betonbaan is het risico veel kleiner dan op een wilde rivier, wat ik hiervoor deed. Als je daar een fout maakt, kan het leven of dood zijn. Maar de gecontroleerde sport in een betonkanaal, dat is voor mij alsof je op de fiets stapt.’

'Water onder aan de waterval bevat veel lucht. Als je daar goed in landt, is het vrij zacht. Maar als je plat met je kajak op het water komt, dan heb je veel impact.' Beeld Tom Zaunbrecher

Toen Wegman in 2015 de wilde rivier verliet en het gestructureerde beton opzocht, veranderde haar wereld. ‘Van wereldtopper werd ik een beginner in een wereld waarin landen als Tsjechië en Duitsland de toon aangeven.’ Ze begon toen voor het eerst van haar leven ook serieus te trainen. Het krachthonk werd bezocht. ‘Ik had altijd een fitte levensstijl door de vele uren op het water, maar toen ik de olympische slalomdiscipline ging beoefenen, ben ik gerichter gaan trainen.’

Na de plaatsing voor de Spelen, ze is er ongelooflijk trots op, reisde de Nederlandse al tweemaal naar Tokio, om de wildwaterbaan van Kasai te verkennen. ‘Maar in de Nederlandse winter verblijf ik de laatste jaren altijd in Nieuw-Zeeland, waar het dan zomer is. Zo doen de windsurfers Dorian van Rijsselberghe en Kiran Badloe het ook. Normaliter was ik nu teruggeweest in Europa, met als uitvalsbasis mijn thuis in Schoorl.’

Vanwege corona verblijft Wegman langer dan normaal in Nieuw-Zeeland. Het virus heeft er minder slachtoffers geëist dan in Europa: Oceanië telde de voorbije week één sterfgeval. In april was het code 4, vervolgens werd het code 3 en nu is het code 2 geworden. Code 4 was streng. ‘Ik mocht toen sporten, maar je moest vanaf je huis beginnen. Je mocht niet met je kajak op de auto weg. Ik heb hier in Okere Falls het voordeel dat ik aan een meer woon. Ik kan van mijn huis naar de steiger lopen. Dat is twee minuten. Dan het meer op en daar is helemaal niemand.’

Het meer, Lake Rotoiti, wordt even verderop een rivier, de Kaituna. ‘Het stroomt daar, in het begin zelfs rustig. En het is zeker niet vergelijkbaar met een olympische baan, zo’n betonnen constructie van wild stromend water die hier op het Noordereiland in de hoofdstad Auckland ligt. Maar die baan was, tot de voorbije week onder code 3, gesloten. Ik had twee maanden lang het voordeel dat ik wel kon varen, een groot voordeel natuurlijk.’

Wegman wacht rustig af wat komen gaat. ‘Ik zit hier prima hoor. Mijn Spaanse coach Telmo Olazabal verblijft hier ook. Hij heeft nu een ticket voor juli geboekt. Ik niet. De Nieuw-Zeelandse winter is aangenaam. En alles gaat hier nu weer open, van horeca tot de baan van Auckland. Tot en met september zijn alle wedstrijden in de wereld afgelast. Ik weet niet wat het slimste moment is om terug te keren naar Europa.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden