Van Valkengoed, de beste van de jonge honden

Sterzwemmer Pieter van den Hoogenband had een weekeinde vrijaf genomen. Donderdag en vrijdag had hij bij de NK afwijkende nummers, 100 vlinder en 400 vrij, gezwommen en de zaterdag en zondag had de olympisch kampioen benut om na alle inspanningen van de laatste weken de benen eens te strekken en...

De afwezigheid van het lichtende voorbeeld van het Nederlandse zwemmen bood een ongehinderd zicht op de rest van die badwereld. Die aanblik was beter dan lange tijd voor mogelijk werd gehouden. De professionalisering, meer dan dertig toppers zwemmen onder de beste omstandigheden, lijkt langzaamaan vrucht te dragen.

Bij TZA, de opvallende profploeg uit Amsterdam van coach Fedor Hes, was het werkelijk dringen bij de jongeren. Thijs van Valkengoed was uiteindelijk de jonge hond (19) die de meeste aandacht kreeg. De schoolslagspecialist met het witte piekhaar zwom in één toernooi liefst twee Nederlandse records.

Vrijdag ging de 200 meter-tijd van Benno Kuipers eraan: 2.13,43. Zaterdag volgde de geslaagde aanval op de toptijd op 100 meter, jarenlang in het bezit van trainingsbeest Marcel Wouda. Van Valkengoed kwam tot 1.01,80, veertienhonderdste seconde beter dan Wouda in 2000.

Hij maakte met die verrichtingen een entree door de voordeur in de ploeg voor de wereldkampioenschappen van Barcelona die in juli plaats hebben. Hij werd door zijn coach, de aandoenlijk enthousiaste Fedor Hes, aangemerkt als het schoolvoorbeeld van hoe het zou moeten met een jonge zwemmer. Van Valkengoed doorloopt alle klassen, zonder te doubleren of van schoolrichting te hoeven veranderen.

Bij de Olympische Spelen voor jeugd, de EJOD, in Esbjerg stak hij in 1999 voor het eerst de neus aan het venster. Daarna werd hij in Duinkerken Europees juniorenkampioen, iets wat hij (dubbel) herhaalde bij de volgende EJK, op Malta. 'Dat was nog nooit iemand gelukt, zo'n titel prolongeren', herinnerde hij zich gisteren vergenoegd.

Daarna volgde een ziekteperiode. Op de dag dat de jongeman uit Lelystad bij TZA begon, wees zijn eerste bloedonderzoek op de ziekte van Pfeiffer. Hij herstelde snel en kon daardoor de Europese titelstrijd van Berlijn alsnog halen. Het WK-toernooi van Barcelona is de volgende logische stap en daarna zullen, de klok kan erop gelijk gezet worden, de Olympische Spelen van Athene worden gehaald.

Coach Hes had het zo vaak fout zien gaan met jeugdige talenten dat hij bij Van Valkengoed tot het uiterste ging om de 'dip' te voorkomen. 'Dan komen zulke jongens terug van de Europese jeugdkampioenschappen waar ze door hun eerste serieuze trainingskampen een sprong voorwaarts hebben gemaakt en dan vallen ze terug in hun oude wereld, het clubzwemmen.

'Ze trainen weer tussen recreanten, de coach komt vijf minuten te laat omdat hij van zijn werk naar het zwembad moest racen. Dan zie je de ontwikkeling vaak stagneren. Maar niet bij Thijs. Diens loopbaan vertoont een hele mooie, zeg maar ideale lijn. Hij heeft ook zoveel talent. Daar hoeft een trainer niet eens zoveel aan te doen.'

Van Valkengoed is een technische zwemmer. Hij stond bij de EK kortebaan in Duitsland deze winter naast mannen 'met twee keer zulke dikke armen als de mijne'. Van kracht moet hij het nog niet hebben.

Er zijn jeugdige zwemmer met een minder vlekkeloze ontwikkeling. Rugslagzwemmer Sander Ganzevles, ook van TZA, is er zo een. Hij viel na een doorbraak in 2000, hij zwom zijn olympische limiet te laat voor afvaardiging, serieus terug. Het was een terugval die vaak leidt tot een zwembroek aan de wilgen.

Ganzevles beet door en keerde onder de hoede van Hes en bevorderd door de professionele omstandigheden in Amsterdam terug in zijn beste doen.

Hij zwom geheide eerste keus Klaas-Erik Zwering uit de estafetteploeg. Hes, donderdag nog bevreesd dat het gebeurd zou zijn met zijn pupil, had op hem ingesproken dat hij nu de echte Ganzevles moest laten zien. 'Hoe je het doet, doe je het, maar je moet de beste race van je leven zwemmen.'

Zo nam de Amsterdamse coach ook veelkunner Robin van Aggele onder handen. De Hilversummer is pas achttien, maar zwemt de wisselslagnummers als een kerel. Bij de open Franse titelstrijd in Saint Etienne had hij evenwel gefaald.

Zondag bewees hij zijn weergaloze talent door op de 200 wissel tot anderhalve seconde van het Nederlands record van oud-wereldkampioen Marcel Wouda te reiken. Bij voortgaande groei lijkt hij rijp voor een plekje in de olympische ploeg van volgend jaar.

Van Aggele, kanshebber op de 4x200 estafette, is voor dit jaar een van zeven 'twijfelgevallen' die van de nieuwe bondscoach André Cats een herkansing krijgen in de Mare Nostrum Tour aan de Middellandse Zee. De nationale WK-selectie zwemt de afleveringen in Monaco (10 en 11 juni) en Barcelona (14 en 15 juni).

Cats heeft voor de WK al zeventien zwemmers definitief uitgekozen: zeven vrouwen met als kopstuk Inge de Bruijn plus tien mannen, met Van den Hoogenband als aanvoerder. Een ploeg van 24 zwemmers lijkt ondanks de strenge eisen haalbaar. Die omvang is tien groter dan bij de vorige WK, in 2001 in Japan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden