Van Sterkenburgs a-thematische kijk

Vandaag staan we uitvoerig stil bij de geladen stelling die in de 15e matchpartij Koeperman-Sjtsjogoljev om het wereldkampioenschap 1961 na wits 30e zet (46-41?) was ontstaan....

Een voor de hand liggende manoeuvre. Maar zij leverde, zoals de lezer zich herinneren zal, uiteindelijk niet meer op dan een - overigens nog opmerkelijk benauwde - puntendeling. Wat had zwart dan wèl moeten doen om van dat open veld 49 te profiteren?

Die vraag kregen - zij het impliciet - ook dìe dammers voorgelegd die in de tweede helft van de jaren zeventig deelnamen aan het concours Test Uw Speelsterkte, dat door de redactie van Het Nieuwe Damspel was uitgeschreven. Geen van de deelnemers vond echter het juiste antwoord, zelfs de zogeheten 'experts' (onder wie zich enkele grote namen bevonden die ik hier genadiglijk ongenoemd zal laten) kwamen niet verder dan sjablone-zetten als 30...13-18 of het door Sjtsjogoljev gespeelde 30...14-19 annex 13-19x19.

Alleen de uit Utrecht afkomstige Frank van Sterkenburg, één van de redacteuren van het onvolprezen maar helaas ter ziele gegane vaktijdschrift, zag het licht. Van Sterkenburg schoof alle conventies terzijde en kwam met een even knappe als verbijsterende oplossing op de proppen, te weten 30...12-18!!

Zie diagram 1

In Het Nieuwe Damspel van september/oktober 1977, bijna 16 jaar na dato dus, legde Van Sterkenburg uit hoe Sjtsjogoljev met deze volstrekt a-thematische voortzetting alle kansen naar zich toe had kunnen trekken. Ik schrijf de belangrijkste spelgangen, aangevuld uiteraard met eigen bevindingen, voor u over:

1) 31.29-23 (ogenschijnlijk een onmiddellijke weerlegging; maar zwart heeft een duivels antwoord:) 31...20x29!! 32.23x32 11-17! 33.33x24 22x35 en niet wit maar zwart gaat winnen!

2) 31.36-31 27x36 32.29-23 (met de bedoeling het spel gelijk te houden via 32...18x29 33.28-23! 29x18 34.39-34 20x29 35.34x3 11-16 36.3x21 16x27 37.37-32 enz.; maar:) 32...20x29!! (opnieuw zorgt zwart voor een levensgrote verrassing door met schijf 20 te slaan) 33.23x3 (op 33.23x21 beslist 33...13-19/15-20! 34.33x13/15 22x35 +) 33...11-16!! 34.3x21* 16x27 en altijd rolt er een slag naar 35 uit de bus, zelfs na 35.28x17 27-31! 36.33x24 31x35 +. Hier klinkt de echo door van de verbluffende combinatieve mogelijkheid die oud-kampioen Wim de Jong aangaf in de 9e matchpartij Koeperman-Sjtsjogoljev 1961 (zie de Volkskrant van 11 maart 2000).

3) 31.37-32 18-23!! (een nauwelijks minder verrassende finesse) 32.32x3 23x45 33.28x17 20x29! 34.33x24 11x22 35.3x20 25x14 +.

4) 31.37-31. Pas nu het witte stuk op 37 uit zijn (min of meer) actieve positie is verdreven en zwart veld 23 heeft afgegrendeld, is de stand rijp voor afruil van de vijandelijke indringer. Na 31...14-19! 32.40-35 19x30 33.35x24 13-19! 34.24x13 8x19! blijkt wit - anders dan in het partijverloop - in de grootste moeilijkheden te verkeren.

Zo faalt 35.41-37 op de doorbraak-combinatie 35...19-23!!, 36...17-21!, 37...27-32!, 38...20-24 en 39...25x41 +. Voorts gaat 35.47-42 geforceerd verliezen door 35...20-24! 36.29x20 15x24!, bijvoorbeeld 37.39-34 24-30! 38.34-29 (38.43-39 18-23 +) 38...18-23! 39.29x18 22x13 40.31x22 19-23 41.28x8 17x46 42.8-3 46-14 +, of 37.41-37 27-32! 38.38x27 24-29 39.33x13 22x44 40.13x22 17x28 41.43-39 44x33 42.42-38 33x42 43.37x48 28-33 enz. enz. +.

Op 35.39-34 ten slotte beschikt zwart over meerdere kansrijke c.q. winnende mogelijkheden, variërend van 35...18-23 enz. (met vervolgens opnieuw een comfortabele keuze tussen 37...19-23 enz. en 37...13-18 enz.) tot 35...20-24 36.29x20 15x24. Zelfs dit laatste moet volgens mijn analyses tot winst leiden, bijvoorbeeld 37.34-29 11-16! 38.29x20 25x14 39.41-37 16-21! 40.37-32 14-20! 41.47-42 (na 41.43-39 gaat het helemaal hard: 41...18-23 42.39-34 20-24 43.47-42 2-8 +) 41...20-25! 42.43-39 18-23 43.39-34 6-11 44.33-29 (of 44.42-37 11-16! 45.33-29 22x24 46.31x11 16x7 47.26x17 24-30 +) 44...22x24 45.31x22 17x48 46.26x6 48x30 47.6-1 24-29 48.38-33 29x38 49.1x42 19-23/30-34 enz. met een probleemloos 4x2 eindspel.

Dit alles zou inhouden dat in de stand na 34...8x19 wits meest hardnekkige verweer uit de afwikkeling 35.29-23 18x29 36.33x13 22x44 37.31x22 17x28 38.43-39 44x42 39.47x38 bestaat. Maar het lijdt geen twijfel dat zwart ook dan uitstekende winstkansen moet hebben.

5) 31.28-23 8-12. Eén van de pointes van het zwarte spel is dat wit nu niet met schijf 37 mag spelen; een enkel voorbeeldje: 32.37-31 27-32! 33.38x27 22-28! enz. met schijfwinst of dam op 46. (Ziedaar waarom Koepermans 30e zet niet de beste was, ook al was dat achter het bord nauwelijks te voorzien!)

Wit zal het dus moeten hebben van 32.47-42. Hierop schijnt zelfs 32...2-7 (winst)kansen te geven, zoals Van Sterkenburg in een vervolg-analyse in het november/december nummer van zijn blad aannemelijk weet te maken. Maar als ik mij niet vergis, is het schijnoffer 32...25-30!! 33.24x35 13-19! nog veel overtuigender. Ik zie in elk geval nìet hoe wit nog zou moeten voorkomen dat de 'verstopping' aan zijn linker vleugel (de gelijktijdige bezetting van de velden 41 en 42) hem fataal wordt.

Hierbij zijn de volgende tactische finesses van belang:

5.1) 34.35-30 19x28 35.30-25 27-32!! 36.38x27 22x31 37.33x13 2-7 38.36x27 17-22 39.27x18 12x45 +.

5.2) 34.37-31 19x28 35.29-24 20x29 36.33x24 18-23! 37.24-19 14-20!! 38.19-13 2-8!! enz. met winnende dam.

6) 31.47-42! Het is in deze moeilijk te vinden zet dat wits beste verdediging schuilt. Vervolgt zwart namelijk met het voor de hand liggende 31...27-32?! 32.38x27 22x31 33.36x27 17-22 34.28x17 11x31, dan staat hij na 35.33-28/43-38* 31-36 36.43-38/33-28* 36x47 37.38-33 47x38 38.33x42 (Van Sterkenburg 1977) weliswaar een schijf vóór, maar ik vrees dat zijn winstkansen minimaal zijn.

Anno 2000 zou ik daarom voor een totaal andere aanpak willen pleiten, te weten 31...8-12! Hierop zijn de volgende varianten mogelijk:

6.1) 32.28-23 25-30! enz. - zie variant 5.

6.2) 32.37-31 2-8!! en wit staat (weer) verloren; men zie:

a) 33.41/42-37 27-32! 34.38x27 17-21! 35.27x7 12x1 36.28x17 18-23 37.29x9 20x49 38.9x20 15x24 +.

b) 33.28-23 13-19!! 34.24x2 14-19! 35.2x32 19x46 +.

c) 33.39-34 17-21! en altijd 35...14-19 enz. met combinatieve vernietiging.

d) 33.40-34 14-19 +.

e) 33.40-35 25-30 +.

6.3) 32.37-32 (derhalve wits beste zet) 32...14-19! 33.32x21 19x30 en nu een laatste vertakking:

6.3.1) 34.40-35?? 30-34! +.

6.3.2) 34.40-34? 11-16! 35.41-37 16x27 36.37-32 6-11! 37.32x21 11-16! 38.42-37 16x27 39.37-32 en zwart breekt via 20-24! en 25x14! enz. door naar dam.

6.3.3) 34.29-23(!) 18x29 35.33x35 22x44 36.40x49. Alleen zo kan wit zich - voorlopig althans - nog op de been houden. Maar het behoeft nauwelijks betoog dat zwart positioneel alle troeven in handen heeft, zodat zelfs in deze spelgang winst voor zwart nog steeds een reële mogelijkheid blijft!

Een ongekend boeiend en inhoudrijk fragment!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden