Van der Weijden leert op ziekbed geduld te bewaren

Op zijn kaalgeschoren hoofd stond zelfs bij de huldiging nog het opschrift ‘NED’ geverfd. Maar in het uiterlijk van Maarten van der Weijden, olympisch zwemkampioen op de 10 kilometer open water, zal na een druilerige donderdagochtend in Peking niemand zich meer vergissen....

Van onze verslaggever John Volkers

Het hoofd van de 27-jarige geweldenaar is voortaan het gezicht van de strijd tegen kanker, het smoel van nooit opgeven, altijd doorgaan. Maar ook de verpersoonlijking van het begrip ‘grote kampioen’. Van der Weijden overwon een haast onverslaanbare ziekte, lymfatische leukemie.

Hij herrees – van 76 miezerige kilootjes naar 93 – om het grote talent dat hij eens was, weer aan de wereld te tonen. De reus van 2.02 meter was in de roeibaan van Shunyi de ervaren zwemmer die in de race de goede tactiek volgde. In de eindsprint klopte hij de onervaren Brit Davies, een medaillewinnaar uit het indoorbad, op snelheid, inzicht en op gespaarde krachten.

Van der Weijden was in zijn jeugd ook zo’n ‘zwembadzwemmer’ geweest. Hij werd gezien als een jongen die wereldkampioen zou kunnen worden, een nieuwe Marcel Wouda, die later zijn coach werd.

Hij viel vooral op als ventje met een enorm uithoudingsvermogen. Bij Ids Gobes, zijn trainer bij De Alkmaarse Waterratten DAW, zwom hij als 12-jarige de ultieme proef: 100 x 100 meter.

Het vormde hem, maar de Nederlandse op de sprint ingestelde zwemwereld vond het maar niets. Van der Weijden: ‘Men sprak er schande van. Het was het stokpaardje van Gobes. Hij deed het een keer per jaar. Niemand hield het vol. O nee. Maar ik wel. Ik hield vol. Ik vond dat wel leuk als klein jongetje.’

Hij werd door zijn zus Etta meegenomen naar het open water. Ze zei dat hij even moest doortrekken na een Europees jeugdkampioenschap. Zo veroverde hij een ticket voor de WK open water op Hawaii. Hij deed het voor de reis, verklaarde hij.

Niet veel later werd hij ziek. Hij dreigde zich klaar te moeten maken voor zijn laatste reis. Hij was er beroerd aan toe, maar toen was de diagnose nog niet gesteld. Van der Weijden kon er later beeldend over vertellen. ‘Ik kreeg blauwe ogen, dikke klieren, later een gezichtsverlamming. Als ik snoot, kwam het bloed mee. Als ik in de bus zat, dacht ik over de dood. Dan moet je wel heel ongerust zijn.’

Na de diagnose in 2001 onderging hij zware behandelingen; vier chemokuren en een stamceltransplantatie. Als enige van acht patiënten van een ziekenzaal van het AMC in Amsterdam overleefde hij. Maar pas op de dag dat zijn moeder Janneke hem weer meenam naar het zwembad van Schagen, leefde hij echt op.

Donderdag werd hij vergeleken met Lance Armstrong. IOC-lid Hein Verbruggen wil zijn landgenoot in contact brengen met de befaamdste kankerpatiënt van de wereld. Opvallend genoeg nam Van der Weijden afstand van de opvattingen van de Amerikaanse wielerkampioen. Die zegt dat positief denken de genezing bevordert. Van der Weijden: ‘Het impliceert dat mensen die niet positief denken, altijd verliezen.’

Van der Weijden wilde vooral relativeren, na de overwinning die de hele wereld overging. Hij had geluk gehad, want de chemische hulpmiddelen waren beschikbaar, de artsen waren kundig genoeg geweest en er waren donateurs geweest die alle onderzoek mogelijk hadden gemaakt.

Wel riep hij bij de analyse van zijn winnende race zijn dagen in de ziekenzaal in herinnering. Hij had per uur, per dag geleefd. Bij het turen naar het plafond had hij geleerd zijn geduld te bewaren. Die eigenschap was hij de laatste jaren gaan gebruiken, toen hij in het open water zwemmen tot de wereldtop ging behoren.

Bij de EK van 2006 kwam de doorbraak. Hij veroverde in Hongarije zilver op de olympische afstand, de 10 kilometer. Dit jaar werd hij in Sevilla wereldkampioen op de 25 km. Voor Peking leefde hij in een hypobare tent, om een voortdurende hoogtestage na te bootsen.

Van der Weijden en zijn coach Wouda wisten dat ze een kans hadden, omdat het water in China warm zou zijn. Andere toppers gingen kapot in het water van 28 graden in Shunyi. De Nederlander voelde zich er kiplekker in. Hij zwom, volgens plan, in de groep en kwam in de derde van vier ronden naar voren. In de laatste kilometer lag hij klaar om toe te slaan.

Hij kon de wereld toespreken, want iedereen wilde dit bijzondere verhaal aanhoren en optekenen. De karakterman overdreef niet, want sinds zijn genezing in 2003 is hij zich bewust van zijn eigen kwetsbaarheid.

Zoals hij het destijds verwoordde: ‘Ik kan me geen doelen meer stellen. Of ik mijn studie wiskunde over vijf jaar heb afgerond? Of ik als open waterzwemmer later Het Kanaal over wil? Ik weet het niet. Het zou leuk zijn, maar ik kan er over vijf jaar wel niet meer zijn.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden