InterviewDirecteur Team Jumbo-Visma

Van de winst van Van Aert tot de val van Jakobsen: Richard Plugge van Jumbo-Visma leeft in een wereld van uitersten

Beeld Klaas Jan van der Weij

Zaterdag won Jumbo-renner Wout van Aert de Strade Bianche, woensdag veroorzaakte teamgenoot Dylan Groenewegen een horrorcrash. Zo is het leven van Richard Plugge, directeur van Jumbo-Visma, wielerploeg met grote ambities in onzekere tijden.

Het leverde de ploeg nog meer op dan de gedroomde herstart van het wielerseizoen: de Belg Wout van Aert won zaterdag in het shirt van Team Jumbo-Visma de Strade Bianche, de eerste koers na de coronapauze die ertoe deed. Het was ook nog eens een jaar na een zware blessure.

Thuis op de bank in Oegstgeest, net terug van vakantie, kon directeur Richard Plugge (50) zijn emoties niet de baas. ‘Vorig jaar om deze tijd wisten we niet eens of hij zijn carrière kon voortzetten.’ In Pau, tijdens een tijdrit in de Tour de France, liep Van Aert een diepe vleeswond in zijn dijbeen op toen hij achter een dranghek bleef haken. Een revalidatie vol onzekerheden volgde. Van rolstoel naar krukken tot de eerste wankele schreden. ‘Dit was het finale oordeel dat het gelukt is. Ik ben helemaal uit mijn dak gegaan.’

Dat in het wielrennen een jubelstemming in een oogwenk kan omslaan in zwaar mineur werd afgelopen woensdag nog maar weer eens bewaarheid. De euforie is voorbij. In de Ronde van Polen, in de openingsetappe naar Katowice, sneed de topsprinter van de ploeg Dylan Groenewegen de naast hem opkomende collega Fabio Jakobsen de doorgang af. Die vloog de hekken in en raakte zwaar gewond. Ineens moest Plugge toezien hoe zijn werknemer in de beklaagdenbank belandde. De baas van Jakobsen, Patrick Lefevere van Deceuninck-Quickstep, vond dat Groenewegen de gevangenis in moet. Jumbo-Visma besloot vooralsnog zich tot nader order te beperken tot een veroordeling van de actie, excuses aan te bieden en medeleven te betuigen. Vrijdagmiddag maakte de ploeg bekend dat Dylan Groenewegen voorlopig niet mag starten.

De ontmoeting met Plugge is twee dagen voor de horrorcrash in Polen. Hij ontvangt het bezoek in een kantoor in een voormalige boterfabriek in Zoetermeer. Van hieruit regisseert hij de wielertak van Jumbo-Visma. De afgelopen weken zijn vooral opgegaan aan de voorbereidingen op de hervatting van het wielerseizoen, met de meeste aandacht voor de deelname aan de Tour de France.

Vorig jaar was de ploeg al uiterst succesvol, met twee dagen de gele trui, vier etappezeges (één keer Groenewegen) en een podiumplaats in de Tour en eindwinst in de Vuelta. Met de dit jaar van Sunweb overgekomen Tom Dumoulin, Steven Kruijswijk en de Sloveen Primoz Roglic doet het team vanaf 29 augustus een serieuze gooi naar het geel op de Champs-Élysées door weerwerk te bieden aan de rijkste ploeg in de wielrennerij, Ineos. Die stelt de drie laatste Tourwinnaars op: Egan Bernal, Geraint Thomas en Chris Froome. Deze dagen is de eerste confrontatie van de zes vermoedelijke hoofdrolspelers, in de Tour de l’Ain, in de bergen van de Jura.

Net als Wout van Aert heeft Plugge een periode van revalidatie achter de rug. Begin maart kreeg hij corona. Het begon met hoge koorts die twee weken aanhield. In het ziekenhuis was aanvankelijk geen plek. Hij was niet op skivakantie in Italië geweest, noch had hij zich in het carnaval gestort. Pas na een positieve test kon hij terecht in het Leids Universitair Medisch Centrum. Hij verbleef er acht dagen.

‘Ik ben gelukkig niet op de ic geweest, maar ik heb wel extra zuurstof nodig gehad. Werkelijk alles deed pijn. Het was een rare en heftige ervaring. Wat het zo angstig maakte dat niemand wist wat je ertegen moest doen. Ze hadden geen idee, het was helemaal aan het begin van de crisis. Heel eng. Ik denk dat ze het nog steeds niet weten.’

Hoe gaat het nu met u?

‘Heel goed. Het herstel heeft me wel veel weken gekost. Het is geen gewoon griepje, zoals je zo vaak hoort. Daarvan ben je niet zolang van de leg. In het sporten merk ik het nog. Er zijn dagen dat ik op de fiets gemiddeld prima 30 kilometer per uur haal. Maar dan is er ineens een rit waarin ik niet vooruit kom, maar dan ook écht niet vooruit kom. Dat is gek, normaal is er altijd een ondergrens waar je nooit doorheen zakt. Er is kennelijk iets veranderd.’

Heeft die ervaring uw kijk op de hervatting van het wielerseizoen beïnvloed? Jullie waren de eersten die Parijs-Nice annuleerden.

‘Nee. Ik ben redelijk nuchter, ik was al voorzichtig. De dag voordat ik ziek werd, besloot ik dat we niet in Italië zouden rijden, niet de Strade Bianche, niet de Tirreno-Adriatico. We moesten met de bus en de trucks door de brandhaard heen, Lombardije. Ik zei: dat gaan we niet doen. Toen was nog het verhaal: jonge jongens worden niet ziek. Dat zal best, maar er loopt ook nog twintig man personeel omheen. De dag erna heb ik beslist dat we ook niet naar Parijs-Nice gingen. Het protocol tegen besmettingen was onduidelijk. Hoe het virus zich verplaatste, wisten we niet. Er waren renners positief getest in de UAE Tour, in het Midden-Oosten. Die zouden ook in Frankrijk gaan rijden. Daar gingen we onze mensen niet aan blootstellen.’

Nu is Frankrijk 30 duizend doden verder, de besmettingen nemen weer toe, en de wielerwereld houdt vol dat de Tour verantwoord is.

‘Daar geloof ik zeker in. We hebben nu veel beter in de gaten wat je kunt en moet doen om verspreiding te voorkomen. Er wordt veel meer getest, er worden snel positieve gevallen ontdekt. Als je buiten bent, weten we nu, is de kans op overdracht veel kleiner. Het protocol van de ASO, de organisator, ziet er heel strikt uit. En terecht. Media mogen niet bij start en finish komen, niet in de buurt van de renners. De beelden van het publiek bij de eerste wedstrijden waren bemoedigend. In de Ronde van Burgos had bijna iedereen een mondkapje voor. Er waren weinig mensen op de klimmetjes, ook bij de Strade Bianche niet.’

Dylan van Baarle van Ineos vertelde dat vorig weekeinde tijdens de Tour de Occitanie toeschouwers nog steeds pogingen konden ondernemen een bidon uit zijn fiets te grissen.

‘Zoiets was wel een beetje te voorspellen. Al in een vroeg stadium heb ik in een meeting met de internationale wielerfederatie gezegd dat als je het wielrennen als een schaakbord ziet, je de pionnen moet offeren om de koningen te beschermen. Dat is niet gebeurd. De kalender zit overvol met allerlei pionnen, kleine wedstrijden die een risico kunnen betekenen voor de koningen, de grote ronden en de grote klassiekers. Kleine organisaties hebben de middelen en mogelijkheden niet om de uitvoering van een protocol af te dwingen. Wat mij betreft waren zulke wedstrijden er niet gekomen. We gaan naar de Tour de l’Ain omdat de ASO meekijkt. Als we de boel niet vertrouwen, komen we niet. We zullen heel kritisch op de nationale kampioenschappen zijn. Renners van grote ploegen moeten altijd twee keer worden getest. Het kan niet zo zijn dat ze daar starten tussen niet geteste collega’s. Dan zeg ik: better safe than sorry. Als er één organisatie in staat is publiek te weren, dan is het die van de Tour de France. Die kan één miljoen toeschouwers reguleren. Dan lukt het ook een col vrij te houden.’

Virologen menen dat in die grote evenementen geduchte risico’s blijven. Samenscholingen van publiek zijn gevaarlijk en moeilijk te voorkomen.

‘Hoe dan ook is er een risico. Dat geldt ook voor een bezoek aan het terras. De ASO is in staat het risico te minimaliseren. Medici zullen altijd zeggen: het is niet goed genoeg. Die willen een nul zien. Wij hebben nog andere belangen.’

Uw collega Patrick Lefevere van Deceuninck-Quickstep vreest een miljoenenverlies en een slagveld als de koersen weer uitvallen. U ook?

‘Natuurlijk speelt het commercieel belang mee. Kijk naar de exposure van de Strade Bianche. Die was gigantisch en voor de Tour is dat in 21-voud, in die 21 etappes. Maar niemand weet wat er zal gebeuren als de kalender weer leeg is. Ik ben niet van het doemdenken. Als het zover is, zoek ik liever naar oplossingen. Als je niet meer koerst, heb je ook minder kosten. Je kunt met de renners in gesprek gegaan. Hoe gaan we dit overleven? Salariskorting, bijvoorbeeld, whatever. Maar er is ook een maatschappelijk belang. Hoeveel mensen hebben niet een ongelooflijk plezier beleefd aan de Strade Bianche? Het is afleiding, het is entertainment. Ze snakten ernaar.’

Plugge was perschef van de Rabobankploeg, toen de sponsor eind 2012 de aanhoudende dopingschandalen beu was en zich terugtrok. De voormalig hoofdredacteur van Fiets en Sportweek – eind jaren tachtig begonnen als sportmedewerker bij de Zoetermeerse editie van de Haagsche Courant - nam de taak op zich de gedeukte nalatenschap op de rails te houden. Na een overgangsperiode zonder financier en een kort intermezzo met Belkin, groeide de ploeg met hulp van supermarktketen Jumbo uit van een uitgetelde oudgediende tot een grote speler in het peloton, al reikt het budget nog niet tot de hoogste regionen. Bedragen worden niet genoemd, er circuleert een schatting van 18 miljoen.

Top-5?

‘Top 7, 8, denk ik. Onderaan het linkerrijtje.’

Hoe heeft u dat klaargespeeld?

‘We hebben een cultuuromslag moeten maken. Van een ploeg met een van de grootste budgetten in het wielrennen tot een team dat zelfs nog op zoek moest naar een sponsor. Het was opnieuw beginnen. Niet voor niets heet mijn bedrijf Blanco. Het was drie jaar overleven, drie jaar onzekerheid. Er moesten mensen uit, dat heeft pijn gedaan. Daarna was het drie jaar bouwen, dankzij onze geldschieters. Andere begeleiders. Performance-coaching. Innovatie. Individuele voedingsprogramma’s. De basis moet goed zijn. Dat is belangrijker dan nog maar weer een renner erbij.

‘We hebben gericht geselecteerd. Zo hadden we met Robert Gesink en Steven Kruijswijk hele goede renners in huis, maar geen tweede lijn, renners die ze konden ondersteunen. Met jonge gasten als Koen Bouwman, Lennard Hofstede en George Bennett is de selectie nu veel meer in verhouding. Mooi is dat Robert intussen als wereldtopper de andere wereldtoppers bijstaat. Wij krijgen veel telefoontjes van renners die graag bij ons willen horen.

‘Jumbo en Visma zijn mooie bedrijven. Die kijken naar kansen en mogelijkheden. Er is een opleidingsploeg, er komt een vrouwenteam. Het zijn meedenkende en meebouwende partners. Frits van Eerd, de baas van Jumbo, moedigt ons alleen maar aan. Zijn credo is: samen ondernemen, samen winnen. Zo staan wij er ook in. Het resultaat is dat we nu kunnen oogsten.’

Bij succes komen ook vragen. Er ontstond vorig jaar een stormpje toen jullie toegaven ketonen te gebruiken als extra voedingsbron. Roglic zou hebben samengewerkt met een manager die banden had met een Duitse dopingdokter.

‘Mooi toch? Dat betekent dat we bovenaan de piramide beginnen te komen. Laat duidelijk zijn: het was allemaal onzin. Ik heb niet voor niets mijn bedrijf Blanco genoemd. Ik wilde met een schone lei beginnen, het dopingverleden achter ons laten. Daar zit ik nog altijd vol op. Alles binnen de grenzen. Als buitenwacht zou ik ook argwanend worden als we vorig jaar niks presteerden en nu ineens meedoen voor de overwinning in de Tour. Bij ons wordt iedereen elk jaar een stapje beter. Het komt niet uit de lucht vallen.’

Waar kijkt u het meest naar uit in de komende Tour?

‘Naar hoe goed we zijn, natuurlijk. Kunnen we de strijd aan? Het niveau op het trainingskamp van de klassementsrenners is zo verschrikkelijk hoog. Ze zijn elkaar alleen maar beter aan het maken. Maar vooral kijk ik uit naar de start. Dat zou al een geweldige overwinning voor het gehele wielrennen betekenen.’

Donderdag komt Plugge in een verklaring van de ploeg toch nog terug op de gebeurtenissen in Polen. Hij heeft in Katowice met  sportief directeur Merijn Zeeman Groenewegen in het ziekenhuis bezocht. Die brak zelf zijn sleutelbeen bij de valpartij. ‘Dylan vindt het verschrikkelijk wat er is gebeurd. Hij was zichtbaar aangeslagen. Ook voor hem telt nu vooral het herstel van Fabio en de anderen die gewond zijn geraakt.’ Wat nog te doen staat, behoort bij zijn directeursfunctie: binnenkort heeft hij een uitgebreidere bespreking van het voorval met Groenewegen - aan oogsten zal de renner voorlopig niet toekomen. Plugge: ‘We zijn met onze gedachten bij de slachtoffers.’ 

Wielrenner Jakobsen uit kunstmatige coma gehaald, Groenewegen voorlopig niet meer op de fiets
Wielrenner Fabio Jakobsen (23) is uit zijn kunstmatige coma gehaald. Hij raakte woensdag zwaargewond bij een valpartij in de Ronde van Polen, maar maakt het naar omstandigheden goed. Volgens zijn behandelend artsen zal hij op de fiets terugkeren. Dylan Groenewegen, veroorzaker van de valpartij, wordt door zijn ploeg voorlopig aan de kant gehouden.

Groenewegen en Jakobsen: een gruwelijke val zal ze voor altijd met elkaar verbinden
De een (Dylan Groenewegen) geldt al jaren als een van de snelste sprinters ter wereld. De ander (Fabio Jakobsen) was bezig om bij dat selecte gezelschap aan te haken. Een gruwelijke val zal hun levens en carrières voor altijd met elkaar verbinden. Wie zijn zij?

Er wordt weer gekoerst, maar het peloton staat voor honderd hectische dagen
Het startschot voor drie maanden wielergekte over de wegen van een geplaagd Europa is gelost. Haalt het wielrennen gezond de finish?

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden