ColumnPaul Onkenhout

Van Bommel noemde Van Basten bijna een Amsterdamse lul

Het scheelde niet veel of Mark van Bommel had voormalig bondscoach Marco van Basten, die aan de tafel van het Ziggo-programma Rondo recht tegenover hem zat, een lul genoemd. Dat kwam door Jack van Gelder, de presentator. Die zat lekker te stoken.

Het ging zondag over de beroerde relatie van Van Bommel met Van Basten. Op het laatst had Van Bommel er genoeg van en bedankte hij voor Oranje. Van Basten gaf toe dat hij, misschien, wel wat bot was geweest, soms. Intussen zag je hem denken dat Van Bommel een aansteller was die niet zo moest zeuren.

Het ging finaal mis tussen die twee toen Nederland in Rotterdam tegen Roemenië speelde, in 2005. Een paar minuten na de rust haalde Van Basten de middenvelder naar de kant – een vernedering. Van Gelder vond dit het moment om een langlopend binnenlands conflict ter sprake te brengen, Eindhoven (en Rotterdam) tegen Amsterdam en andersom.

Tegen Van Bommel: ‘En toen dacht jij, wat een ontzettende Amsterdamse lul die me eruit haalt na vijftig minuten?’

Ja, zei Van Bommel. Meteen daarna: ‘Nou, niet omdat hij uit Amsterdam kwam.’

Van Gelder, een Amsterdammer, een echte: ‘Nou…. Een gezonde hekel aan Amsterdam?’

Van Bommel: ‘Neuh.’

Van Gelder wist wel beter. Hij had de conflicten uit de jaren zeventig en tachtig erbij gepakt. Johan Cruijff speelde in beide kwesties een dubieuze rol. Eerst werden doelman Jan van Beveren en Willy van der Kuylen van PSV door Cruijff uit de nationale selectie weggetreiterd, met fatale gevolgen want reken er maar op dat Nederland in 1974 de Duitsers met Van Beveren tussen de palen in de WK-finale zou hebben verslagen.

Een decennium later, Cruijff was inmiddels trainer van Ajax, probeerde hij twee protegees in Oranje te krijgen, doelman Stanley Menzo en Sonny Silooy. Ze moesten de plaatsen innemen van twee PSV’ers, Hans van Breukelen en Berry van Aerle.

Van Gelder rakelde de kwestie in Rondo behendig op. Ruud Gullit, Amsterdammer en oud-speler van PSV, zat ook aan tafel. Hij had er destijds een stokje voor gestoken. Toen Van Breukelen de handdoek in de ring dreigde te gooien, was hij bij hem op bezoek gegaan en had hij gezegd, of beter gezegd geëist, dat de keeper terug zou vechten.

Dat riep een andere anekdote in herinnering, de keer dat Gullit zich in 1994 terugtrok uit de WK-selectie en steen en been klaagde over wat hij de ‘Ajax-kliek’ noemde. Gullit is als Amsterdammer een vreemde eend in de bijt, hij vindt Ajax niet zo’n leuke club.

Dat Van Basten het verwijt kreeg ‘Amsterdam’ te bevoorrechten als bondscoach was niet zo vreemd. Zijn assistenten waren drie maten met een Ajax-verleden, John van ’t Schip, Rob Witschge en Stanley Menzo. Ook Danny Blind werd later een sterke voorkeur voor Ajax verweten, door Willem van Hanegem onder anderen.

Zo gaat het altijd, als de bondscoach een Ajax-achtergrond heeft. Frank de Boer is de volgende pineut. Amper had hij vrijdag de selectie voor de komende drie interlands bekendgemaakt of de verwijten op Twitter stroomden binnen. Ik noteerde onder meer de kwalificaties clown, koekenbakker en jood.

De Boer werd zo genoemd omdat hij Davy Klaassen en de oud-Ajacieden Joël Veltman en Ryan Babel wel had geselecteerd, en Feyenoord-keeper Justin Bijlow niet. De keuze voor Tonny Vilhena, de oud-Feyenoorder die – en dit is geen aanbeveling –voor Krasnodar speelt, compenseerde het kennelijk niet.

Zo werkt het niet in de breinen van complotdenkers. De ‘gezonde hekel aan Amsterdam’ zal nooit verdwijnen en is, afgaande op het aantal beledigingen, vaak trouwens ongezond. En soms begrijpelijk, het valt niet te ontkennen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden