Elis Ligtlee tijdens een eerdere race vorig jaar.
Elis Ligtlee tijdens een eerdere race vorig jaar. © afp

Tranen bij Elis Ligtlee: 'Kan ik het nog wel?'

Minsk is voor de baanwielrenster de laatste kans

Ineens, bijna vanuit het niets, komen er tranen. Olympisch kampioen Elis Ligtlee (23) heeft zojuist op het NK baanwielrennen in Alkmaar een kleurloze finale op de keirin gereden, het onderdeel waarop ze goud pakte in Rio de Janeiro.

Ze hoort voor de camera van de NOS dat bondscoach Bill Huck haar toch heeft aangewezen voor deelname aan de wereldbekerwedstrijd over drie weken in Minsk. Dat had ze toch liever van hemzelf vernomen - het botert kennelijk nog niet helemaal met de in september aangetreden trainer. Geëmotioneerd tegen de verslaggever: 'Waarom zegt hij dat eerst tegen jou en niet tegen mij?'

De plotselinge waterlanders na een misverstand over een kennisgeving tekenen vooral haar nog wankele gemoedstoestand. Ligtlee probeert zich alsnog in de selectie te vechten voor de WK in Apeldoorn eind februari, na een voor haar grauwe periode. Een langslepende knieblessure, relatieperikelen - inmiddels weer voorbij - en het vertrek van Hucks voorganger, de door haar op een voetstuk geplaatste René Wolff, leidden tot een na-olympisch jaar vol frustraties. Het nieuwe bestaan als bekende topsporter maakte het er niet gemakkelijker op.

'Kan ik het nog wel?'

Ik wil gewoon weer die supersterke Elis zijn

Elis Ligtlee

Ze moest lang vanaf de zijlijn toezien hoe anderen geregeld het podium beklommen. 'Super voor hun, moeilijk voor mij. Ik heb in die tijd echt wel gedacht: kan ik het nog wel? Zit het er nog in? Maar ik wil gewoon weer die supersterke Elis zijn.'

Ze weet dat het nog niet zover is. Op de keirinfinale in Alkmaar werd ze vijfde. Ze startte direct achter de derny, die op dit onderdeel na enkele ronden de baan verlaat, waarna de renners het uitvechten. 'Ik kon die koppositie niet vasthouden. Daarna liet ik het lopen. Natuurlijk baal ik daarvan.' Maar tegelijkertijd stelt ze vast dat de tijden beter worden en dat ze eerder op de NK zilver haalde op de sprint. 'Het gaat stapje voor stapje vooruit.'

De vraag is of coach Huck dezelfde perceptie en het geduld heeft. Nadat hij in een ijlings belegd onderhoud met Ligtlee de emoties over haar deelname in Wit-Rusland heeft trachten te temperen, laat hij weinig ruimte voor misverstand: Minsk is haar laatste kans. Daar zal ze zich moeten bewijzen met nog scherpere tijden en podiumplekken. Als die uitblijven, ontbreekt de olympisch kampioen straks op de WK in eigen land. Hij wijst erop dat de teamgenoten Laurine van Riessen en Shanne Braspennincx al wel de gewenste resultaten hebben gereden.

Niet de enige renner

Het is alsof ze de werkelijkheid niet onder ogen wil zien. Ja, daar ben ik teleurgesteld over

Coach Elis Ligtlee

In zijn analyse van haar uitblijvende prestaties is maar weinig plek voor kwetsuren en liefdesverdriet. Die concentreert zich vooral op één ingrediënt. 'Je hebt haar gezien op de baan. Ze is te zwaar. Met dit gewicht is het onmogelijk om resultaten van wereldklasse te rijden. Het probleem bestaat al heel lang. Ook René is er mee bezig geweest.' Ligtlee was volgens Huck ook al te zwaar toen ze in Rio won. 'Ze had geluk, toen. Iedereen wachtte en wachtte maar en misrekende zich. Op de keirin kun je er nog mee weg komen, maar in de sprint niet. Dan moet je echt snel zijn.' Hij laat in het midden hoeveel kilo's eraf moeten.

Lukt het hem haar te overtuigen van de noodzaak? 'We werken eraan, we hebben er meermaals over gesproken. Ik hoop het. Het is moeilijk de juiste manier te vinden om in haar hoofd te kruipen. Ik weet niet wat het is. Het is alsof ze de werkelijkheid niet onder ogen wil zien. Ja, daar ben ik teleurgesteld over. Als ze lichter wordt, kan ze met haar capaciteiten wereldkampioen worden. Maar we kunnen niet 24 uur per dag met haar bezig zijn. We hebben nog andere renners waar we op moeten letten. Ze moet uiteindelijk zelf haar verantwoordelijkheid nemen.'

Elis Ligtlee pakt intussen haar tas in. Natuurlijk wil ze naar de WK, aan de motivatie ligt het niet. Apeldoorn was het decor voor haar eerste succes bij de elite, toen ze op de EK als 19-jarige zilver greep op de sprint. 'Het komt goed. Ik moet vertrouwen hebben in mezelf. Als ik ga zeggen dat het niet goed komt, komt het ook niet goed.'