NIEUWS

Trainen in de garage of op natuurijs; de Canadese schaatser weet in coronawinter wat improviseren is

De goede prestaties van de Canadese schaatsploeg in Heerenveen springen momenteel in het oog. Dat is geenszins vanzelfsprekend na een rampzalige voorbereiding op het seizoen die veel van het improvisatietalent vroeg.

De Canadees Laurent Dubreuil tijdens het eerste wereldbekerweekend van dit coronaseizoen in Heerenveen, waar hij zilver won op de 500 meter. Beeld International Skating Union
De Canadees Laurent Dubreuil tijdens het eerste wereldbekerweekend van dit coronaseizoen in Heerenveen, waar hij zilver won op de 500 meter.Beeld International Skating Union

Twintig dagen stond sprinter Laurent Dubreuil in de aanloop naar dit korte internationale schaatsseizoen op het ijs. Meer niet. ‘Tien dagen augustus in Calgary en tien dagen begin november in Fort St. John. Daarna heb ik twee maanden mijn schaatsen niet meer aangetrokken.’

Toch reed hij tijdens het eerste wereldbekerweekend van dit coronaseizoen naar zilver op de 500 meter. En hij was niet de enige Canadees die goed presteerde. Op de openingsdag pakten de achtervolgingsvrouwen goud, de mannen brons. Vrijdag, bij de tweede wereldbekerwedstrijd, deden de ploegen het nog beter met de tweede plek voor de mannen en wederom de zege bij de vrouwen in een nieuw baanrecord van 2.54,64.

Niet verrast

Dubreuil (28) was niet verrast over zijn zilveren medaille. Hij heeft al maanden het gevoel in goede vorm te steken, ondanks zijn gebrek aan ijstraining. ‘Ik denk dat niemand van de andere schaatsers hun afgelopen half jaar zou willen ruilen met dat van ons. Het was verschrikkelijk. Maar ik hield het geloof dat we goed zouden presteren.’

In Nederland konden de topschaatsers vanaf 27 juli onafgebroken hun rondes maken in Thialf en vijlen aan hun techniek. In november en december organiseerde de KNSB, bij gebrek aan internationale competitie, nationale kampioenschappen en het kwalificatietoernooi. Door de oogharen bezien leek het een normale schaatswinter.

In Canada konden ze er alleen maar van dromen. De ijsmachines van de Olympic Oval gingen in september stuk en door logistieke problemen konden vervangende onderdelen niet geleverd worden. De baan zal pas eind mei gerepareerd zijn. De enige andere optie, de overdekte 400-meterbaan in Fort St. John kon door verscherpte coronamaatregelen slechts tijdens één trainingskamp worden benut.

Trainen in garage

Het striktst waren de coronamaatregelen in het oosten van het land, waar Dubreuil woont, in Quebec City. Hij mocht als topsporter een paar keer per week uit huis voor een training in het krachthonk, maar vaker niet. Hij trainde eindeloos in zijn garage op hometrainer en schaatsplank.

In het westen, in Calgary, waren er net wat meer mogelijkheden. De vrouwen van de lange afstanden trokken twee keer per week naar de natuurijsbaan van Red Deer, 150 kilometer verderop. Het was beter dan niets, vertelt Isabelle Weidemann (25), stayer en lid van de achtervolgingsploeg. ‘Ik vind het mooi om te fietsen, maar ik ben geen wielrenner. Het wordt saai.’ Op het ijs kon ze doen waar ze echt van geniet.

Ted-Jan Bloemen (34) zocht ook het echte natuurijs op. Niet alleen het ondergespoten landje in Red Deer, maar Gap Lake en Ghost Lake, twee meren aan de voet van de Rocky Mountains. ‘Dat gaf een boost’, vertelt hij.

Ook Bloemen was het zat zo weinig op de ijzers te kunnen staan. ‘Voor mij is de zomer elk jaar al overbruggen.’ Dat de ijsmachines in de Olympic Oval het begaven, viel hem zwaar. ‘We moesten alternatieve trainingen doen waar ik minder plezier in had. Het was dag voor dag doorkomen.’

Uit comfortzone

Vanuit trainingsoogpunt leverde het uitstapje naar de meren hem ook wat op, merkte Bloemen. ‘Je kan toch aan bepaalde dingen werken, kleine technische dingen zoals je positie. En de schaatsspieren weer even gebruiken. Het is altijd goed om uit je comfortzone te stappen.’

De Canadese schaatsers zagen elkaar weinig in die maanden. De verschillende selecties, sprinters, allrounders, mannen en vrouwen, werden opgesplitst. Zelfs binnen die selecties werd het contact zo veel mogelijk beperkt. Weidemann: ‘De regels zijn heel strikt in Canada. We mochten zelfs niet samen buiten fietsen. Alles moest individueel.’

En dan waren er nog de geografische scheidslijnen. De achtervolgingsploeg van Weidemann zag elkaar pas weer in Heerenveen, anderhalve week voor de eerste wereldbeker. Zijzelf had in Calgary getraind. Oud-shorttracker Valerie Maltais zat thuis in Montréal en Ivanie Blondin was met haar Hongaarse vriend en schaatser Konrad Nagy in diens vaderland.

Ze hadden maanden naar het weerzien met het ijs uitgezien. Dubreuil voelt zich sindsdien als een kind zo blij. Bloemen, die in 2014 Nederland voor Canada verruilde, kan een brede lach niet onderdrukken als hij terugdenkt aan die eerste slagen op het Friese ijs. ‘Dat was heerlijk. Echt thuiskomen.’

Hechte ploeg

In Thialf valt op hoe hecht de Canadese ploeg is, na al die maanden afstand. Bij elke rit van een landgenoot verzamelen ze zich boven de tribunes van het ijsstadion, achter de ruiten die uitkijken op het ijs. Ze motiveren elkaar. Dubreuil putte energie uit de bronzen medaille die Heather McLean vorige week zaterdag op de 500 meter won. ‘Dat deed me geloven: als zij het kan, kan ik het ook.’

Hun moeizame voorbereiding heeft ze als ploeg dichter bij elkaar gebracht. Dubreuil: ‘Als je bedenkt wat we allemaal hebben moeten doorstaan om hier te zijn, voelen we ons de underdog. Een beetje zoals de Amerikaanse ijshockeyers op de Spelen in 1980.’ Tijdens die olympische finale wonnen de Amerikanen volledig tegen de verwachtingen in van de Sovjetploeg.

Als het aan Dubreuil ligt, zorgen zij dit weekend bij de tweede wereldbeker en over anderhalve week bij de WK afstanden voor een tweede ‘miracle on ice’, ‘Ik ben hier niet voor een tiende plek, maar voor de medailles.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden