Toonbeeld van de wederopstanding

Even leek Robert Gesink zondag op weg naar de leiderstrui in de Ronde van Spanje. 'Eerst zien dan geloven.'

Voor het juiste perspectief kunnen we zondagmorgen in Granada terecht bij Adri van Houwelingen, een klein uurtje voor de start van de laatste bergrit in de Ronde van Spanje. Met een schuin oog op zijn kopman Robert Gesink roept de ploegleider de Tour van twee maanden geleden in herinnering.

‘Weten jullie nog hoe het toen in Nederland was? Alle aandacht ging uit naar Kenny van Hummel, de nummer laatst in het klassement. En nu wordt van Gesink verwacht dat hij de Vuelta wint.’

Adri van Houwelingen zou dus graag zien dat de verwachtingen enigszins worden getemperd. Robert Gesink is nog maar 23 jaar, rijdt pas zijn derde grote ronde en dus liggen zijn beste jaren vermoedelijk nog in het verschiet.

Maar stel nu dat hij straks Valverde eraf rijdt in de slotklim en dat de gouden leiderstrui binnen handbereik ligt? Dan neem je toch geen genoegen met een tweede plaats?

Van Houwelingen glimlacht. ‘En dan? Staat hij met tien seconden voorsprong op de eerste plaats. Die voorsprong houdt hij nooit vast in de tijdrit van zaterdag in Toledo. Staat hij weer tweede of nog lager. Dan zal de kater alleen maar groter zijn.’

Een paar uur later lijkt het gevreesde scenario waarheid te worden. Een paar kilometer voor de top van de Sierra de la Pandera, de laatste beklimming in een lange reeks, neemt Gesink afstand van klassementsleider Valverde. De Spanjaard zoekt op het steilste gedeelte naar de juiste versnelling, meestal een slecht teken. Maar net op tijd vindt hij weer zijn cadans. Na een furieuze achtervolging keert Valverde terug in het wiel van Gesink, om met een voorsprong van vier seconden op hem te finishen.

Een gedenkwaardig weekeinde door drie verschillende bergketens heeft per saldo weinig betekend. Robert Gesink begon er aan met 36 seconden achterstand op de nummer één. Vrijdag bracht hij dat terug tot de helft, zaterdag gingen negen seconden verloren en zondag nog eens vier. Met nog één week te gaan staat Gesink nu 31 seconden achter op Valverde, zij het nu wel als tweede. Cadel Evans viel tussen hun tweeën uit door een lekke band zaterdag in de beklimming van de Sierra Nevada.

Maar de winst van dit drieluik laat zich niet in een rekensom vangen en dat beseft Adri van Houwelingen ook. Die winst is er één op termijn en laat zich het best uitdrukken in de kop die de Volkskrant tweeënhalve maand geleden plaatste boven een artikel over Robert Gesink: ‘We hebben er weer een’. Op dat moment was de wens nog de vader van die gedachte, maar nu lijkt het zover te zijn gekomen.

Robert Gesink zou zich in juli voor het eerst wagen aan de Ronde van Frankrijk, maar was nog niet eens getest of hij viel al uit met een polsbreuk. Terwijl Nederland zich vermaakte met de lotgevallen van Kenny van Hummel, verlegde Robert Gesink meteen de koers naar de Ronde van Spanje.

Opnieuw Van Houwelingen: ‘Vorig jaar, bij zijn eerste Vuelta-deelname, kon hij op z’n best aanklampen bij de favorieten, nu is hij er zelf één.’

Of die polsbreuk achteraf gezien een gelukkig toeval is geweest, kan en wil Van Houwelingen niet zeggen. Maar de kans was natuurlijk groot geweest dat Gesink tijdens de Tour in de misère van de Rabobankploeg had gedeeld, terwijl hij nu het toonbeeld kan zijn van de wederopstanding in het Nederlandse wielrennen. Zie het verschil met de Tour van twee maanden geleden.

Volgens zijn ploegleider is Robert Gesink atletisch vooruitgegaan in vergelijking met de Vuelta van vorig jaar. Mentaal is er nog wat te winnen. ‘Hij moet, zoals Mentsjov kan, wat meer vertrouwen hebben in het verloop van de koers. Niet reageren als een renner van het type Mosquera in de aanval gaat.’

De te boeken vooruitgang zal overigens in stapjes gaan. ‘Je hebt Contador, die steekt er echt bovenuit en daarna komt een groep van zo’n twaalf renners. Daar zit Robert bij. Om op het niveau van Contador te komen, moet hij echt een grote stap vooruit zetten.’

Gezien die status en de huidige vorm acht Adri van Houwelingen een plek op het erepodium volgende week in Madrid meer dan waarschijnlijk. Daarmee zou hij de vijfde Nederlander zijn die zover reikt. Joop Zoetemelk en Jan Janssen wonnen de Ronde van Spanje, Rini Wagtmans en Jan Lambrichs werden een keer derde.

Zelf is Gesink voorzichtig: ‘Eerst zien en dan geloven. De Vuelta duurt nog een week.’ Maar hij sluit de drie dagen door de verschillende Sierra’s van zuidelijk Spanje wel met een goed gevoel af. ‘Ik had vandaag even het gevoel dat ik de leiding van Valverde kon overnemen. Hij kraakte even, maar brak niet.’

Een teleurstelling is dat niet. ‘Ik ben vooral verbaasd dat ik met de besten mee omhoog kan. Ik heb er voor mijn gevoel het maximale uitgehaald en voel me nog best goed.’ Op de vraag of hij nog ergens kansen ziet een aanval te doen op de leidende positie, antwoordt Robert Gesink: ‘Ik heb het koud. Ik ga douchen.’

Robert Gesink. (ANP) Beeld
Robert Gesink. (ANP)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden