Timmer hoeft geen rust na mislukte winter

In het voorlaatste jaar van haar fraaie carrière leerde Marianne Timmer toch weer belangrijke lessen. ‘Drie weken op mijn gat, daar word ik gek van.’

Alle anderen waren al van het ijs, maar Marianne Timmer bleef donderdag op de Olympic Oval van Salt Lake City tot het laatst haar sprintjes trekken. Dankbaar dat ze aan het eind van een ongelukkig schaatsjaar, ‘voor mij een dramatisch seizoen’, toch nog twee grote wedstrijden kan meepikken: de wereldbekerfinale in de VS en de WK afstanden in Vancouver, Canada.

Het voorlaatste jaar uit een fraaie carrière leerde drievoudig olympisch kampioen Timmer (34) toch weer belangrijke lessen. Ze was in december doorgeschaatst met een gescheurde spier in de liesstreek. Dat lijkt vreemd voor een vrouw die haar lichaam na vijftien topsportjaren zou moeten kennen zoals een zeeman zijn nautische kaarten.

Ze legt uit. ‘Ik ben geen ervaringsdeskundige. Want ik heb zelf geen grote ervaring met blessures. Een sleutelbeenbreuk, opgelopen bij de krachttraining, was het ergste dat me door de jaren heen was overkomen.

‘Ik had deze keer niet door dat de spier gescheurd was. Ik dacht dat het om een verrekking ging. Want hoe gaat zoiets? Zo’n blessure past niet in je schema. Je hebt hier en daar weleens een pijntje. Je negeert. Het deed zeer, maar pas toen er foto’s waren gemaakt, kwam ik erachter dat de spier gescheurd was.’

Ze moest zes weken revalideren, midden in het seizoen. De onrust streek in haar lichaam neer. ‘Ik wilde weten: wat kan ik eraan doen? Wat kan wel en wat mag niet? Ik wilde het niet kapotmaken. Want je loopt ook het risico dat het afscheurt. Dan is het einde carrière. Dat zou wel een erg sneue afsluiting van mijn loopbaan zijn geweest.’

De vaststelling dat de spier was gescheurd, gaf Timmer ook rust. ‘Het liep aan het begin van het seizoen, mede door een griepje, voor geen meter. Ik ging helemaal twijfelen aan mezelf. Of het niet iets anders was. Er speelt van alles door je hoofd.’

Ze geeft toe dat ze, zoals iedere oudere sporter, weleens met de gedachte heeft gespeeld dat haar toptijd definitief voorbij was. Want hoe lang kunnen sprinters mee? ‘Deze sprinter gaat hopelijk nog één jaar mee. En dan gaat deze sprinter stoppen. Dan ben ik bij mijn afscheid, na de Spelen van Vancouver, 35.’

‘Timmertje’ neemt na deze mislukte winter geen rust. Haar partner, Feyenoord-doelman Henk Timmer, heeft in april wedstrijdtaken te vervullen. En de schaatsenrijdster zelf wil geen tijd verliezen om haar voorbereiding op Vancouver 2010 tot in de perfectie in te vullen. ‘Ik ben sowieso al iemand van het doortrainen. Want drie weken op mijn gat, daar word ik gek van. Ik ben een actief mens.’

Ze zal zichzelf afbeulen, maar ze zal ook de ervaring van deze blessurewinter meenemen. ‘Ik zie wat er gebeurd is als een waarschuwing. Dat mag en kan volgend jaar niet gebeuren. Dan zal ik ook extra alert zijn.’

Vancouver is het laatste doel in haar loopbaan. Ze lijkt geen topfavoriet op de 1000 meter, die ze in Nagano (1998) en Turijn (2006) op haar naam schreef. Maar ze waarschuwt, zonder opgeheven vinger: ‘Het jaar van de Winterspelen is een seizoen waarin alles anders is. Wat entourage, sfeer en spanning betreft is het met niets te vergelijken. Heel veel mensen kunnen daar niet tegen. Er gebeuren altijd rare dingen. Zoals in Turijn, toen ik met twee valse starts op de 500 uit het toernooi werd geschoten. Het gaf me, achteraf, iets extra’s voor de 1000.’

In Salt Lake City (2002) ging de wereld zeven jaar geleden zelf met Timmer aan de haal. Ze werd er vierde op de 1000 meter en was zichzelf niet.

‘Het was mijn ergste seizoen ooit. Met rechtszaken en zo. Ik had een eigen ploeg gehad. Het heeft me drie jaar van mijn leven gekost. En een medaille? Moeilijk te zeggen. Maar je staat heel anders aan de start als je vrij in je hoofd bent.

‘Als ik in deze hal terug ben, denk ik er nooit aan terug. Die periode heb ik afgesloten. Ik zie Salt Lake niet als een traumatisch iets. Het is gebeurd. Het zij zo.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.