Interview Helle Thomsen

Thomsen is getrouwd met handbal: ‘Elke week met deze sport bezig zijn, dat is goed voor mij’

Helle Thomsen is de Deense bondscoach van de Nederlandse handbalsters. Onder haar leiding is de ploeg op het EK in Frankrijk nog steeds ongeslagen. ‘Ik stel mij in dienst van hen.’ 

Helle Thomsen Beeld AFP

Haar brein, klaagt Helle Thomsen, is soms te klein om alles wat op het handbalveld gebeurt te bevatten. ‘Ik ben een mens van papiertjes die ik overal neerleg’, zegt de Deense coach. Zaterdag had ze, bij de openingswedstrijd tegen Hongarije, met grote letters ‘iPad’ op de muis van haar hand geschreven. Ook dat was om niets te vergeten.

‘We hebben er een, op de bank, om momenten terug te kijken. Maar dat vergeet ik dan weer in de hitte van de wedstrijd. Daarom schrijf ik dat op mijn hand.’ Ze lacht. Het is haar fanatisme, haar gedrevenheid die haar tot een van de beste handbalcoaches ter wereld maakt, maar die lach hoort erbij.

Ze is serieus, een perfectionist, ‘maar de lach moet klinken. Ik heb lol met de meiden. Dat vind ik gemakkelijker dan boos worden. En dat word ik alleen, als ze niet 100 procent geven. Zo lang ze dat doen, dan zul je mij niet horen.’

Thomsen, 48, gelouterd, geliefd, is ook niet blind fanatiek. Als er niet gewonnen kan worden, dan overziet ze de wereld met een blik die aan een supporter niet besteed is. Vorig jaar incasseerde zij de nederlaag van haar team in de halve finale van het WK in Duitsland met een lenigheid en empathie die niet bij haar (‘ja, regel één, ik wil altijd winnen’) leek te passen.

Ziekte en blessures

‘Ik was bij die nederlaag tegen Noorwegen (23-32, red.) relaxt. Noorwegen was die avond beter. Wij hadden problemen in het team door ziekte en blessures. Vroeg in de wedstrijd besloot ik daarom de druk eraf te halen. Anders hadden enkelen van ons de troostfinale niet gehaald. We begonnen spelers te sparen, anders zouden we in de wedstrijd om het brons tegen Zweden echt geen kans hebben. Ik kan in zo’n halve finale wel volkomen idioot gaan doen, maar twee dagen later moest mijn team weer goed zijn.’

Het werd brons, het was een medaille op karakter. Het was een gewonnen slotwedstrijd die meer vreugde bracht dan een verloren finale (zoals die van het WK 2015 en het EK 2016). Thomsen is na zo’n toernooi uitgewrongen. ‘Ik kijk zeven video’s per weekend’, zo bekende ze vorig jaar, toen haar werd gevraagd hoe zij als clubcoach in Boekarest toch al die internationale verrichtingen van haar internationals kon volgen.

In Montbéliard getuigt zij van haar vierkante ogen. ‘Richard Dik snijdt voor ons de video’s van de tegenstanders, maar ik blijf kijken en aantekeningen maken. Again and again. Aanval, verdediging, spelers en hun eigenschappen. En tussendoor zie je dan weer kleine dingen. Ik doe dat allemaal zelf. Ik wil veel dingen goed doen. Zo goed mogelijk om de speelsters in staat te stellen hun dromen na te jagen. Dit is hun leven. Ik stel mij in dienst van hen. Omdat zij er ook zoveel voor doen om hier te zijn.’

Geen kerstmarkt

In zulke weken als het EK, met voorbereiding mee een dag of 27, is er niets anders dan handbal. Boek lezen, uurtje chillen, dat kan ze niet. ‘Ik ga toch niet de kerstmarkt hier in Montbéliard op. Ik heb alle tijd nodig voor mijn tactische voorbereiding. Het was tot nu toe om de dag een wedstrijd. Dus dan heb je ook maar een dag om je voor te bereiden, een goede training te bedenken. Dat is vroeg op. Naar een ontvangst van het stadsbestuur gaan, die anderhalf uur duurt, dat doe ik maar het voelt niet goed.’

Bij dit EK wordt van Thomsen het uiterste gevraagd. Ze moet het grote gat vullen dat is gevallen door het stoppen van Yvette Broch en de rugpijn van Danick Snelder. Haar ochtend begint met Pepsi Max. Niemand durft te zeggen hoeveel ze daarvan drinkt. ‘Ik drink geen koffie, hè.’ Op haar verjaardag werd ze geplaagd me een T-shirt met het beeldmerk van de frisdrank. ‘En als mijn persvoorlichter Susanne met vier blikjes komt aangezet, weet ik dat ze iets gaat vragen dat ik niet kan weigeren.’

Haar leven kent heel soms gewone weken. ‘Ik werk in Noorwegen en in Nederland. Thuis in Denemarken, dat is dan voor drie dagen. En de zomer en kerstmis.’ In de zomer doet ze als bondscoach ook aan talentherkenning. Ze was bij het WK junioren in Polen, waar de Nederlandse jeugd haar Deense landgenoten versloeg. Kritisch: ‘Als junior ontwikkel je je snel. Maar de grote moeilijke stap is die van junior naar het A-team. In landen als Noorwegen en Frankrijk doen ze dat goed en snel. De Nederlandse bond heeft nu ook een goed plan.’

Spelers beter maken is haar grote plezier. ‘Twee jaar op hetzelfde hameren, tot het in de puntjes beheerst wordt. Dat kan in een clubteam. Dat is ook het fijne van training geven. Ik doe niks liever. Maar in een nationaal team is dat schaven niet mogelijk. We zien elkaar met het Nederlands team maar acht weken per jaar.’

Thomsen, vrouw zonder relatie, is met handbal getrouwd. Zij wil haar verbinding met het Nederlands Handbal Verbond (NHV) die op 1 januari afloopt verlengen tot en met de Olympische Spelen van Tokio (2020). ‘Dit voelt niet van: dit is mijn laatste toernooi.’

Ze wil wel de gedeelde aanstelling aanhouden. Vorig jaar was dat Boekarest, nu het Noorse Molde. ‘Elke week met deze sport bezig zijn, dat is goed voor mij.’

Blijven, het NHV wil het, doet ze vooral om de speelsters. ‘Ik houd van de meiden, van het team, de manier waarop wij spelen. Ik houd van Nederland. Dus laten we zien. Na 1 januari praten we. Nu niet.’

Nieuw talent dient zich aan: Delaila Amega

In een wedstrijd zonder betekenis, Nederland was als groepswinnaar al geplaatst voor de hoofdronde van het EK, toonde zich een nieuwe ster aan het handbalfirmament. Jongeling Delaila Amega, stralend meisje uit de polder, toonde bij de zege op Kroatië (34-23) haar grote belofte. Ze maakte acht goals en kreeg zelfs mandekking van de Kroaten.

Amega, die mocht spelen om sterspeler Nycke Groot rust te geven, maakte indruk met haar versnelling, haar ‘hangtijd’ en haar onderhandse schoten. Het duizelde de Kroatische verdediging. Aan de kant klapten de routiniers die pauzeerden (Groot, Abbingh, Smeets, Bont en Dulfer) zich de handen stuk voor de Delaila-show.

Niet voor niets werd de spelverdeler van het Duitse Metzingen tot speelster van de wedstrijd uitgeroepen. Ze schoot ook raak met een onwaarschijnlijk percentage: 8 uit 9 (89 procent). De 21-jarige Heerhugowaardse maakte de avond in Oost-Frankrijk tot een klein feest. Ze viel in na een minuut of elf, toen routinier Maura Visser geblesseerd naar de kant moest. Het waren de eerste speelminuten voor Amega die in de eerste twee gewonnen EK-duels uit voorzorg aan de kant was gehouden. Dat bleek een wat al te voorzichtige inschatting van coach Helle Thomsen. Aan de cirkel speelde de andere EK-debutant, Merel Freriks, ook sterk. Zij scoorde vijf keer en dwong het grootste deel van de tien Nederlandse strafworpen af.

Zondag speelt Nederland in Nancy in poule 2 tegen Roemenië. Daarna volgen Noorwegen en Duitsland.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.