TerugblikFeyenoord - Celtic

Terugblik op een historische finale: Feyenoord - Celtic is voetbal zonder oponthoud

Voor het eerst in de geschiedenis won een Nederlandse club de Europacup. Feyenoord versloeg Celtic met 2-1.Beeld ANP

Op 6 mei 1970 won Feyenoord als eerste Nederlandse ploeg de Europa Cup 1 door te winnen van Celtic. Voetbalverslaggever Willem Vissers kijkt de wedstrijd terug. Hoe verhoudt het spel uit 1970 zich tot het huidige voetbal?

De spelers van tegenwoordig zijn sneller, maar het spelverloop van vroeger was sneller. Feyenoord - Celtic van vijftig jaar geleden is een perpetuum mobile van voetbal. Het is spel zonder rimram, zonder gekkigheid.

Met de ogen van nu naar voetbal kijken van precies vijftig jaar geleden, naar de eerste gewonnen Europa Cup door een Nederlandse club, is een bijzondere ervaring. Alleen al tv-technisch. Nooit is daar een pose te zien van de trainers, Ernst Happel, de onverstoorbare Oostenrijker, of Jock Stein. Er zijn vrijwel geen herhalingen. Nooit een beeld van publiek van dichtbij, de camera die zich richt op een mooie vrouw, een tafereel van uitzinnige vreugde of teleurstelling. 

Wedstrijdverslag
Lees hier een ingekorte versie van het wedstrijdverslag dat Ben de Graaf destijds schreef, onder de kop: ‘Triomf van geweldige betekenis’.

Je hoort alleen af en toe supporters zingen, met aanzwellende Rotterdamse trots. Fotografen zonder telelenzen zitten voor de reclameborden: in de huidige wetten van commercie is dat een doodzonde. Ze rennen het veld op na een doelpunt, met hun lange jaspanden.

Nooit blijft een speler langer liggen dan strikt noodzakelijk, zelfs niet na een ‘aanslag’, want het is een sportieve, bij vlagen harde wedstrijd. Voetbal is op 6 mei 1970 in Milaan nog een sport van witte mannen uit Nederland en Schotland, in korrelig beeld in zwart-wit. Details van hun uitdrukking zijn niet te ontwaren. Geen close-ups. Geen tatoeages of haarbandjes. Geen reclame op shirts. Zwarte kicksen.

Tempo

Het lijkt soms op het Polygoonjournaal, maar dan in een spot van twee uur, want Feyenoord wint pas in de verlenging, na de schitterende pass van Rinus Israël, hands van verdediger McNeill, het door scheidsrechter Lo Bello toegekende voordeel en het lobje van Ove Kindvall.

Tja, dat tempo van vroeger, zeggen ze tegenwoordig. Traaaag. Gaap. Maar het tempo ligt hoger dan gedacht, bij nadere beschouwing. Soms lijkt het zelfs of ze bij Ziggo, dat alle Nederlandse finales uitzond in de afgelopen weken, stiekem de beelden wat sneller afdraaien, om de kijker ook vijftig jaar later op maat te bedienen. Maar nee.

Het is alleen een ander tempo dan tegenwoordig, een voortdurend tempo. Wie de bal heeft, trekt ten aanval. Geen schwalbes, geen aanstellerij, geen spel met camera’s, geen lange protesten. Feyenoord valt aan, altijd via dat majestueuze middenveld of met een lange pass van Israël van achteruit. Soms ook snel, met een trap uit de handen van doelman Eddy Pieters Graafland. Feyenoord is over de gehele wedstrijd gezien veel beter. Bijna alle spelers hebben een uitstekende, functionele techniek.

Baan naast voetbal

Voetballers in de top van nu, miljonairs en zonder uitzondering fullprof, zijn sneller dan mannen van toen, die opgeleid waren op straat en die soms een andere baan hadden naast voetbal. Een winkel, of iets op kantoor.

De mannen van nu zijn beter getraind. Sterker vermoedelijk. Ze zijn zeker groter. Het is de evolutie van de sport. De intensiteit ligt hoger. Maar het spel van toen is sneller, het spelverloop beter gezegd, want het gaat altijd door. Zelfs de stopwatch krijgt kuren. De eerste helft op tv duurt ruim 37 minuten. Wat? Zouden ze dan toch stiekem de beelden te snel afspelen? Maar nee, uit de eerste helft zijn een paar loze stukjes gesneden.

De andere delen zijn beter te klokken. Blessuretijd is nauwelijks nodig. De VAR met zijn oponthoud ontbreekt. Vooral de terugspeelbal vertraagt. De doelman mag de bal nog oprapen. Verdedigers spelen veelvuldig terug, als ze in het nauw zijn gedreven of de creativiteit missen om vooruit te spelen.

De wedstrijd is niet geweldig, maar goed, het is een finale met zijn spanning. Feyenoord heerst. Alleen al dat schitterende middenveld. Willem van Hanegem, zo sterk en bijna nonchalant, alsof het niveau eigenlijk te laag voor hem is. Zijn slidings, inzicht, de passes met de buitenkant van de linkervoet. Zoef. Zalig. 

Kunstig

Hij blijft gewoon staan als drie man rond hem drommen om de bal te ontfutselen. Hij speelt kunstig een tegenstander door de benen. De Oostenrijker Franz Hasil trekt af en toe een been terug, maar hij is gracieus, snel en begaafd. Wim Jansen is meer dan een driftige werkbij. Met lange, diagonale passes voedt hij de veelzijdige voorhoede, met sprinter Henk Wery, alleskunner Ove Kindvall en dribbelkoning Coen Moulijn.

Achterin staat de zeis, Theo Laseroms. Ontiegelijk hard soms. Rinus Israël is ook hard, maar alleen indien noodzakelijk. Hij heeft ook gratie, inzicht en bijna hooghartige soevereiniteit. Coen Moulijn valt wat tegen, maar als hij één keer op geweldige wijze een tegenstander fopt, krijgt hij een beuk. Moulijn staat meteen op. Hup, vrije trap nemen, doorvoetballen.

Nooit is er fel, langdurig protest. Scheidsrechter Lo Bello schrijdt als een veldheer over het veld. Ja, Piet Romeijn maakt een gebaartje als hij denkt dat de bal achter is terwijl Celtic een hoekschop krijgt. Maar vooral zie je keurige mannen die strijden en elkaar accepteren zoals ze zijn.

Feyenoord wint terecht, na de achterstand door een vrije trap van McNeill. Israël maakt gelijk met een slimme kopbal, nadat Van Hanegem op imponerende wijze een luchtduel heeft gewonnen. De 2-1 van Kindvall verwerft de legendarische status. Fotografen omstuwen de winnaars.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden