Reconstructie Ongeluk Ayrton Senna

Terug naar de plek waar de grootste Formule 1-coureur aller tijden verongelukte

Klaar voor de start: Ayrton Senna op het circuit van Imola. Beeld Jean-Loup Gautreau / AFP

Woensdag is het 25 jaar geleden dat Ayrton Senna op het circuit van Imola verongelukte. Een kwart eeuw later is de Braziliaanse Formule 1-coureur nog altijd een begrip. Terug naar de plaats des onheils.

Wilt u dit verhaal liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie.

Kort voor de start op die rampzalige dag slenterde fotograaf Angelo Orsi door het gras naar de Tamburello. Het was een bocht waar hij niet wilde staan, omdat er toch nooit iets interessants gebeurde. Maar Orsi was vergeten zichzelf in te delen toen hij die ochtend voor de GP van San Marino op het circuit van Imola de plekken van zijn collega-­fotografen regelde. Voor hem bleef de saaie Tamburello over.

Twintig minuten later zag Orsi als een van de weinigen de stofwolk. Hij sprintte erheen, greep zijn camera en legde een gebeurtenis vast die de Formule 1 voor ­altijd zou veranderen: de dood van de grootste coureur aller tijden, een van de best betaalde sporters van dat moment en zijn beste vriend: Ayrton Senna.

De auto van de drievoudig wereldkampioen uit Brazilië was vlak daarvoor, terwijl hij met ruim 300 kilometer per uur op de Tamburello afkwam, onbestuurbaar geworden. De Williams raakte de betonnen muur, vloog in honderden onderdelen uit elkaar waarna een stuk stalen wielophanging Senna’s helm doorboorde. Met fataal letsel tot gevolg.

Ayrton Senna crasht in zijn Williams bij een snelheid van 300 kilometer per uur op het circuit van Imola. Beeld Alberto Pizzoli / Getty

Het betekende het dieptepunt van een inktzwart Formule 1-weekeinde, op 1 mei 25 jaar geleden. Op de vrijdag crashte Senna’s landgenoot Rubens Barrichello al zwaar tijdens een training, op zaterdag verongelukte de Oostenrijker ­Roland Ratzenberger – de eerste dode ­tijdens een F1-weekeinde in ruim elf jaar – en zondag volgde de fatale crash van de ­wereldkampioen.

Het was het moment waarop de sport besefte dat het anders moest. Met Jim Clark, Ronnie Peterson of Jochen Rindt had de koningklasse wel vaker grote coureurs verloren, maar nooit had dat serieuze veiligheidsrestricties tot gevolg. Toen titelkandidaat Wolfgang von Trips in 1961 op het circuit van Monza het publiek invloog en samen met vijftien toeschouwers om het leven kwam, werd de race voortgezet, slalommend tussen hulpverleners, brancards en brokstukken.

Wat ging er mis in die bocht?

Tot op de dag van vandaag is er geen eensgezindheid over de oorzaak van de crash waarbij Senna om het leven kwam. Na een reeks slepende rechtszaken oordeelde het hoogste Italiaanse gerechtshof in 2007 dat een afgebroken stuurkolom de oorzaak was waardoor de Braziliaan de controle over zijn auto verloor met 300 kilometer per uur.

Senna was net overgestapt naar het team van Williams, maar de eerste twee races verliepen teleurstellend. Hij was erg ontevreden met zijn auto. Voor de GP van San Marino was zijn auto daarom op meerdere punten gehaast aangepast, waaronder de stuurkolom. Op de plek van het laswerk was de kolom geknakt, te zien op foto’s na de crash.

Onderzoekers konden alleen niet onomwonden vaststellen dat de kolom tijdens de crash was afgebroken of pas daarna. Zo vermoedt auto-ontwerper Adrian Newey dat Senna kort voor de crash een lekke band had opgelopen door een overgebleven brokstuk van een crash bij de start van de race. Williams-teamgenoot Damon Hill denkt dat Senna simpelweg een fout maakte.

Maar na de dood van Senna, het eerste fatale ongeval in de Formule 1 dat wereldwijd live op tv te zien was, veranderde de kijk op veiligheid binnen de racewereld volledig. Er werden talloze nieuwe veiligheidsmaatregelen ingevoerd. Crashtests werden voortaan strenger, onveilige circuits verdwenen van de agenda of werden aangepast. De Formule 1 moest voortaan bovenal veilig zijn en daarna pas snel. Het bleek effectief: tot de crash van Jules Bianchi in 2014, bleef de sport twintig jaar lang verschoond van een ­dodelijk ongeval.

‘Kijk’, zegt Roberto Marazzi, directeur van het Imola-circuit, terwijl hij in het controlecentrum van zijn circuit wijst naar een tv. Daarop is te zien dat het gedeelte van de baan waar vroeger de Tamburello zat, die snelle, lange bocht naar links, tegenwoordig een trage S-bocht is geworden. Die verandering werd al een jaar na het verongelukken van Senna doorgevoerd om aan alle nieuwe veiligheidseisen te voldoen, zegt Marazzi. Toch heeft de sport zijn Imola sinds 2006 links laten liggen.

Ayrton Senna. Beeld Getty Images

Smet op Imola

Imola, zo weet Marazzi, zal immers voor altijd verbonden blijven aan die eerste meidag in 1994. ‘Het is gewoon een feit dat Senna hier is verongelukt. Daar moeten we mee leven.’

Wat Marazzi zegt is waar: het hele circuit van Imola ademt Senna, waar je je ook bevindt. Zo is het controlecentrum gevestigd aan het Piazza Ayrton Senna da Silva, staat in de voormalige Tamburello-bocht een standbeeld van de coureur en hangen over een lengte van twintig meter de hekken vol met persoonlijke boodschappen en vlaggen vanuit de hele wereld.

De algemene boodschap: Senna, we missen je.

Marazzi is pas sinds de zomer directeur van Imola en praat redelijk vrijuit over de Braziliaan, maar zijn persvoorlichter Marcello Pollini begint ostentatief te puffen als het gesprek over Senna gaat. Hij loopt al meer dan tien jaar mee en zegt: ‘Het lijkt niemand nog te interesseren dat Imola meer is dan alleen dat weekend. Vijf jaar geleden kreeg ik bij het twintigjarig jubileum van Senna’s dood tien Braziliaanse cameraploegen op bezoek. Dat was nooit gebeurd als dat weekend alleen Ratzenberger was omgekomen.’

Dat komt, zegt fotograaf Orsi, omdat hij anders was dan andere coureurs. Orsi kan het weten, want de twee waren vrienden. Ze ontmoetten elkaar voor het eerst in 1983, aan de vooravond van Senna’s Formule 1-debuut. Orsi was autosportfotograaf voor het gerenommeerde Italiaanse raceblad Autosprint. ‘Senna stelde zich voor en zei: ‘Ik ken jouw werk en ik hou van jouw stijl, dus ik wil graag dat je mij volgend jaar helpt als ik Formule 1 ga rijden en wereldkampioen word.’’

Senna wist precies wat hij wilde, zegt Orsi, namelijk de allergrootste aller ­tijden worden. Daarvoor had hij Orsi ­nodig. Hij wilde elke GP een aantal exclusieve foto’s die hij persoonlijk naar ­Braziliaanse kranten – die geen budget hadden voor eigen F1-correspondenten – opstuurde. Hij dacht: hoe meer aandacht ik krijg in Brazilië, hoe populairder ik word, hoe meer sponsoren ik trek, hoe beter ik mij op het racen kan richten. ‘Ayrton was de eerste die zo systematisch te werk ging en dat heeft ongelooflijk veel bijgedragen aan zijn naamsbekendheid. Hij was de eerste echt grote superster in deze sport.’

Charisma

Dat bleek bijvoorbeeld tijdens zijn ­begrafenis, waarbij drie miljoen rouwende Brazilianen door de straten van São Paulo trokken. Maar ook buiten Brazilië was hij dankzij zijn charisma en racetalent een icoon dat zijn sport oversteeg. Nog elk jaar krijgen minimaal honderd Nederlandse kinderen de naam Senna en bij F1-races is hij, 25 jaar na zijn dood, nog altijd de enige coureur met een eigen merchandisekraam.

Ook Luisa Tosoni krijgt weer kippevel zodra ze over Senna praat. Tosoni is ­eigenaar van Hotel Castello in het dorpje Castel San Pietro Terme, de plek op een kwartier rijden van het circuit waar Senna altijd sliep tijdens een F1-weekeinde. ‘In die tijd lag ons hotel op een heuvel in het midden van het groen en hij zocht een plek ver weg van de drukte van de Formule 1, weg van alle journalisten en fans. Hij heeft mij weleens verteld dat deze plek hem deed denken aan zijn huis in Brazilië.’

Senna was een speciale man, zegt ­Tosoni. Anders dan zijn collega-coureurs die in haar hotel sliepen. Toen ze in 1989, vlak voor de GP van San Marino, beviel van haar eerste kind, liet Senna een ­gigantisch boeket naar het ziekenhuis brengen. ‘Hij kende mij nog nauwelijks, zat midden in de voorbereiding op een race en toch had hij de tijd gevonden dit voor mij te regelen. Hij was allereerst een goed mens. Daarna pas een coureur.’

Net als het circuit van Imola groeide ook hotel Castello uit tot een bedevaarts­oord voor F1-fans. Vrijwel elke dag ontvangt Tosoni mensen die vragen of ze kamer 200 mogen zien, de kamer waarin Senna de laatste nacht van zijn leven doorbracht. Er is zelfs een Franse fan die de suite al 25 jaar ­reserveert rond 1 mei. Hij wil elk jaar weer slapen in het bed waar Senna voor het laatst sliep.

‘Er komen hier mensen vanuit de hele wereld’, zegt Tosoni. ‘Ook tieners die hem nooit hebben gezien, maar wel alles over hem weten. Waarschijnlijk omdat hun vader of grote broer alles heeft verteld. Dat zegt toch heel veel?’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden