Nieuws US Open

Tennisser Novak Djokovic weerstaat de kastijding van het New Yorkse publiek en wint de US Open

Het publiek keerde zich tegen Novak Djokovic, zoals gewoonlijk. De New Yorkers, onder wie veel Argentijnse fans van zijn tegenstander Juan Martin Del Potro, schreeuwden, schimpten en scholden zelfs. Maar het vijandige lawaai bracht Djokovic niet van zijn stuk. Hij won de finale van de US Open in drie sets: 6-3, 7-6, 6-3.

Novak Djokovic viert zijn zege op de Argentijn Juan Martin del Potro in de finale van de US Open. Foto AFP

De openlijk beleden voorkeur voor tegenstanders is een horde die Djokovic buiten zijn geboorteland Servië vrijwel altijd moet overwinnen. Hij is al ruim een decennium de derde man van het tennis, de spelbreker in het tijdperk van Roger Federer en Rafael Nadal. Hij voorkomt finales tussen het geliefde duo, hij houdt hen af van klassieke duels en titels.

Zou Federer in staat zijn een dergelijke kastijding te doorstaan?  Zou Nadal het aankunnen om altijd uitgejouwd te worden? Djokovic wel. Hij heeft tevergeefs geprobeerd het grote publiek te charmeren: met grappen, door zich vreemde talen eigen te maken, door respectvol te spreken over zijn tegenstanders en de toeschouwers.

Maar hij heeft zijn lot geaccepteerd. In het toptennis is hem de rol van booswicht toegevallen, de snoodaard die de geliefde helden aan het wankelen brengt. Dat hij met zijn rol kan omgaan, wijt hij aan zijn moeilijke jeugd. Hij maakte in Servië de oorlog mee en verruilde op jonge leeftijd zijn ouderlijke huis voor een tennisinternaat in Duitsland. ‘Dat heeft mij en mijn karakter gevormd. Die herinneringen geven me net iets meer kracht in moeilijke situaties’, zei hij vier jaar geleden.

Om te overleven in de verhitte atmosfeer van een overdekte arena, zoals het overdekte Arthur Ashe Stadion, vervormt Djokovic de agressie van het publiek in zijn hoofd. ‘Mijn bijnaam is Nolé’, legde hij uit na het behalen van zijn derde titel in New York. Als het publiek ‘olé, olé, olé’ zingt, dan hoort hij ‘Nolé, Nolé, Nolé. ‘Ik zorg ervoor dat ik dat werkelijk hoor. Geen woord gelogen. Ik hoor het echt.’

Die truc had Djokovic zondagnacht vooral nodig in de tweede set, toen hij de controle over de wedstrijd even dreigde kwijt te raken. Del Potro leek kansloos: hij stond een set en een servicebreak achter. Omdat hem weinig anders restte, besloot de Argentijn alle risico te nemen. Hij liet zijn machtige forehand nog harder zwiepen dan gewoonlijk, vanuit alle hoeken van de baan. Plotseling sloeg hij gaten in de magistrale verdediging van Djokovic.

De 31-jarige Serviër raakte geïrriteerd en richtte zich zelfs tot het publiek. Dat had een averechts effect. De wanhopige arbitrale oproepen tot kalmte (‘ladies and gentlemen, please’) kregen de toeschouwers nauwelijks stil. Het gunde de 29-jarige winnaar van 2009 een tweede titel. Door een reeks polsblessures was dat er nooit van gekomen.

Op 4-3 in het voordeel van Del Potro, in een game van ruim 20 minuten en 22 punten, wankelde Djokovic. Hij kreeg 3 breakpoints tegen. Een verloren punt zou betekenen dat de lange Argentijn (1.98 meter) op eigen opslag de set zou kunnen uitserveren en de setstand gelijk zou trekken. Maar dat gebeurde niet. Djokovic (1.88) behield zijn opslag en won de set in een tiebreak.

Steeds vond Djokovic een oplossing. Vaak dwong hij Del Potro, die de eindstrijd had bereikt doordat Rafael Nadal in de halve finale wegens een knieblessure na anderhalve set moest opgeven, tot een fout. Die zag de bal vaker dan hem lief was terugkeren: hard, met effect, bijna altijd diep het veld, tegen de achterlijn aan. De Argentijn verloor de tiebreak na twee geforceerde forehands. ‘Ik speelde bijna de hele tijd op mijn limiet. Ik zocht winnende slagen met mijn forehand en backhand. Maar Novak was er altijd.’

Djokovic gaat voorlopig niet weg. Hij is deze zomer teruggekeerd aan de top na twee moeizame jaren. Hij had problemen met zijn lichaam (in februari onderging hij een elleboogoperatie) en motivatie (hij experimenteerde met verschillende trainers). Na een vroegtijdige uitschakeling op Roland Garros zei hij niet te weten of hij Wimbledon zou spelen. Maar juist op dat toernooi hervond hij zichzelf, vooral in de hoogstaande halve finale tegen Nadal (10-8 in de vijfde set). Hij pakte daarna in de finale tegen Kevin Anderson niet alleen de titel, hij legde het fundament voor een nieuwe periode van succes.

Dankzij zijn zege op Del Potro stijgt Djokovic op de wereldranglijst naar de derde plaats, achter Nadal en Federer. Maar het is de vraag hoe lang hij dat duo voor zich duldt. Met 14 grandslamtitels (een evenaring van het voormalige record van Pete Sampras) staat hij nog flink achter Nadal (17) en Federer (20). Maar hij is de jongste van het drietal (31 versus 32 en 37) en lijkt op dit moment weer de fitste.

Dit jaar won Djokovic twee grandslamtitels: Nadal en Federer ieder één. Over de afgelopen vijf jaar is Djokovic ook beduidend succesvoller geweest. Hij pakte acht hoofdprijzen, Nadal vier, Federer drie. En in onderlinge duels heeft de Serviër op beide spelers de overhand: tegen Nadal is de stand 27-25, tegen Federer 24-22.

Zijn coach Marian Vajda, die in april zijn vertrouwde taak weer oppakte nadat Djokovic met andere trainers weinig succes had behaald, durfde in New York al te speculeren over een geslaagde inhaalrace in de komende jaren. Het aantal grandslamtitels van Federer en Nadal lijkt plotseling niet meer buiten bereik. 

De derde man als eeuwige nummer één? De toeschouwers zullen in elk geval flink moeten wennen aan dat idee.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.