Analyse Wimbledon

Tennisrivalen op Wimbledon: Van Borg vs McEnroe tot Federer tegen Nadal

Beeld Getty

Tien jaar na hun historische finale op Wimbledon zijn Rafael Nadal en Roger Federer nog altijd de nummers 1 en 2 van de wereld. Wimbledon vraagt van elke generatie het uiterste. Acht tegenpolen voorzien van commentaar door tenniscoach Martin Šimek.

Björn Borg en John McEnroe. Beeld Getty

Björn Borg – John McEnroe

Het is verleidelijk om de schitterende finales op Wimbledon tussen Björn Borg en John McEnroe te toetsen aan de tijdgeest, als een botsing tussen het verstilde boegbeeld van het establishment uit Zweden en de Amerikaanse ‘Angry Young Man’. Legendarisch zijn de clashes tussen McEnroe en het gezag op Wimbledon. Bekijk die beroemde uitbarsting van ‘Big Mac’ als de ace na zijn opslag door de umpire wordt ­geannuleerd. ‘You cannot be serious’.

De tiebreak tussen Borg en McEnroe in hun Wimbledonfinale van 1980 is de Nachtwacht van het tennis, een pronkstuk waarop je bijna veertig jaar later nog steeds niet raakt uitgekeken. ­McEnroe won de tiebreak met 18-16, maar ­verloor de vijfde set met 8-6. Nog één keer was Borg het ijskonijn dat zijn emoties verborgen hield, maar ‘Ice Borg’ bleek een pose.

De film Borg vs McEnroe uit 2017 over de slechts vier jaar durende rivaliteit bevestigt dat niet alleen McEnroe maniakale trekjes had. ‘Diep in mij borrelde dezelfde vulkaan als in mijn jeugd’, vertelde Borg, in 2008 aan de Volkskrant. ‘Ik wist die emoties te beheersen. Federer heeft hetzelfde traject afgelegd, ook hij was soms onhandelbaar als kind.’

In zijn autobiografie Serious constateert McEnroe dat Borg opgelucht leek na zijn nederlaag in de Wimbledonfinale van 1981. Een jaar later stopte hij: 26 jaar. McEnroe kon het niet verkroppen. Borg: ‘Het grappige was dat John zich altijd keurig gedroeg als hij tegen mij speelde. Hij had het meeste respect voor mij. Hij heeft me suf gebeld in 1982. Typisch McEnroe: hij schreeuwde dat ik een klootzak was, dat ik niet mocht stoppen. Ik zei dat hij me ooit zou begrijpen. Drie jaar later voelde McEnroe zich net zo opgebrand als ik in 1982.’

Tenniscoach, theatermaker, commentator en publicist Martin Šimek: ‘Cabaretier Toon Hermans heeft ooit gezegd: vergelijken is de domme manier van waarnemen. Borg en McEnroe zijn allebei uniek. De film suggereerde dat Borg faalangst had, ik geloof er niks van. Angst bestaat aan de oppervlakte, innerlijk was Borg van graniet. Hoe absurd het ook klinkt: Borg kon eigenlijk niet tennissen.

‘Ik heb nog met hem gespeeld na zijn comeback. Ik kon toch niet hardop zeggen dat ik beter was dan Borg? Hij raakte geen bal in het midden van zijn racket, maar het hoefde ook niet. Borg was tennis, als hij in een meditatieve toestand verkeerde klopte alles in zijn spel. Op de baan was hij een Boeddha, McEnroe besefte dat hij het aura van Borg niet kon breken met wangedrag. Hij moest zelf in een roes zien te raken.’

De Duitse Boris Becker (rechts) en de Zweedse Stefan Edberg in 1989. Beeld Getty

Boris Becker – Stefan Edberg

Zie hem schuifelen over het terras voor de perszaal op Wimbledon. Drievoudig kampioen Boris Becker is een oude, ­ietwat sjofele en corpulente man ­geworden die alles aangrijpt om zijn faillissement te voorkomen. Volgens Becker kan hij niet worden vervolgd, omdat hij als diplomaat voor de Centraal Afrikaanse Republiek onschendbaarheid geniet. De lokale minister van sport ontkende dat Becker een diplomatiek paspoort heeft gekregen, maar Becker heeft altijd in zijn eigen waarheid geloofd.

Hij is onlangs gescheiden van de Nederlandse Lily Kersenberg, Becker heeft vier kinderen bij drie vrouwen. Ondanks zijn aftakeling is Becker ook dit jaar commentator bij de BBC, want het respect voor zijn drie Wimbledontitels is gebleven. Drie keer stond Becker op Wimbledon ­tegenover zijn introverte ­tegenpool Edberg, die het onpeilbare van zijn voorbeeld Borg had overgenomen. Edberg won twee keer.

Šimek: ‘Ik geloof niet dat Federer technisch beter is gaan volleren, toen Edberg zijn coach was. Ik heb Edberg altijd een overschatte speler gevonden. Waarom denk je dat hij zo vaak naar het net kwam? Edberg had een lachwekkende forehand, met die slag achterin blijven was zelfmoord. Edberg moest naar voren, achterin was hij de nummer 50 van de wereld gebleven. En wie naar voren gaat, kent geen twijfel. Federer zal wel iets hebben opgestoken van de plaatsing van Edberg’s volley’s.’

Šimek noemt Becker een pionier. ‘In het klassieke tennis maakte je een achterzwaai met het racket, de moderne speler kan zich dat niet meer permitteren. Zij draaien met de heupen, laten de arm als het ware vallen om de bal eerder te nemen. Becker is daarmee begonnen, zowel met de forehand als de backhand. Zo kwam hij aan zijn bijnaam ‘Boem Boem ­Boris’, hij genereerde meer power dan zijn ­tegenstanders.’

Met zijn duiken gaf Becker ook het netspel een impuls. ‘God moet ook fan zijn van Becker’, stamelde Goran Ivanisevic, Wimbledonkampioen van 2001, ooit na een nederlaag tegen de Duitser. Met een waanzinnig snoekduik had Becker een matchpoint overleefd. ­Šimek: ‘Becker was een atleet, iedereen probeerde zijn service/volleyspel te kopiëren.

‘Op de baan had Becker uitstraling, een eigen stijl. Nu is hij een clown die alles is kwijtgeraakt. Zonder tennis is Becker geen Becker meer. De toptennissers zijn acteurs in hun eigen toneelstuk, de mindere goden acteren in een stuk van een ander. Ze doen iemand na, toppers schrijven hun eigen verhaal.’

Pete Sampras en André Agassi. Beeld Getty

Pete Sampras – André Agassi

Niemand heeft zijn afscheid beter kunnen regisseren dan Pete Sampras in 2002, al nam hij na de finale van de US Open tegen zijn landgenoot en concurrent André Agassi een jaar de tijd om zich te bezinnen. Toen besefte Sampras dat het niet mooier zou worden. Weggehoond en ­afgeschreven op Wimbledon na een nederlaag tegen de Zwitserse nobody Georg Bastl, zes ­weken later opnieuw de koning van de US Open.

Zeven grandslamtitels behaalde Sampras op Wimbledon, alleen Richard Krajicek wist zijn zegereeks in 1996 te onderbreken. Met zijn complete baselinespel haalde Agassi geregeld het beste naar boven bij Sampras, zowel in de finale op Wimbledon in 1999 als drie jaar later op de US Open. Ook deze rivaliteit was een botsing van speelstijlen en karakters. De service/ volleyspecialist versloeg geregeld de koning van de return, buiten de baan was de flamboyante Agassi veel kleurrijker dan ‘Boring Pete’.

Lees hun autobiografieën. Bij die van Sampras val je in slaap, terwijl ‘Open’ van Agassi een fascinerende reis door zijn ziel is. Agassi biechtte op dat hij jaren met een pruik speelde om zijn kaalheid te maskeren. Hij gebruikte drugs en wist een positieve dopingtest weg te moffelen. Sampras liet zijn­ racket spreken en hij leerde zijn opvolger al kennen in 2001.

In dat jaar werd op Wimbledon de nieuwe koning geboren, toen de 19-jarige Roger ­Federer zijn jeugdidool Sampras versloeg. Het was een symbolische machtsoverdracht, want Federer heeft zijn voorbeeld ruimschoots overtroffen. Agassi speelde nog tot zijn 36ste en stopte na de US Open van 2006. Maar alleen door de glamour kwam Agassi uit de schaduw van zijn landgenoot Sampras.

Agassi trouwde met Steffi Graf en nog altijd wordt het droompaar op Wimbledon geëerd, Sampras lijkt soms van de aardbodem verdwenen. ‘De kampioen lijkt op niemand, daarom onderscheidt hij zich juist van de rest’, zegt ­Šimek. ‘Natuurlijk was Sampras veel completer dan Agassi, al had hij met zijn enkelhandige backhand vaak dezelfde problemen als Federer. Ook hij moest de bal dan te vaak boven zijn schouder raken.

‘Ik was niet zo onder de indruk van Agassi, mijn voormalige pupil Christian Saceanu heeft Agassi ooit in twee sets verslagen. Hij moest juist niet serveren als Sampras, maar veel variëren. Agassi nam de bal ook snel na de return, het was bijzonder voor die tijd. Je moest Agassi gek maken met rare balletjes, hij stond als een lantaarnpaal te wachten op snoeiharde opslagen die niet kwamen.’

Roger Federer en Rafael Nadal. Beeld Getty

Roger Federer – Rafael Nadal

In een strak pak vertelt Roger Federer zondag dat zijn nederlaag tegen Nadal in de Wimbledonfinale van 2008 ‘hartverscheurend’ was. Toch betreedt hij maandag als titelhouder het centrecourt in de wetenschap dat een remake van die eindstrijd mogelijk is. Federer-Nadal is de droomfinale van Wimbledon 2018 als eerbetoon aan wellicht de mooiste rivaliteit ooit die nooit lijkt te eindigen.

Šimek observeerde voor De Groene Amsterdammer vele partijen van Federer en verbaasde zich over diens strategie. ‘Mensen zullen beweren dat ik wartaal uitkraam, maar eigenlijk is Federer een tactisch onbenul. In de finale in Halle tegen Coric stond hij meters achter de baseline. Hij verliet zijn winnende tactiek. Het probleem was dat hij jarenlang van iedereen won. Federer had geen tactiek nodig, tot hij door Nadal werd uitgedaagd.

‘Ik ergerde me aan zijn partijen tegen Nadal. Rafa zat op Roland Garros bijna op schoot bij de lijnrechter om de service van Federer te ontvangen. Speel een slappe bal naar buiten en het is klaar, dan is Nadal kansloos vanuit die positie. Dwing Nadal naar voren te komen en speel op zijn lichaam, zo had Federer hem kunnen manipuleren. Maar Roger bleef hardnekkig hard serveren, het had geen enkel effect.’

Geen wonder dat het tien jaar heeft geduurd voor Federer in een grandslamfinale weer van Nadal won, aldus Šimek. ‘Federer is technisch zo begaafd, toch sukkelde hij op Roland Garros altijd met zijn backhand. Ik begrijp niet waarom hij Nadal voortdurend die hoge spinballen liet slaan. Roger tilde zijn arm op om maar bij die bal te komen.

‘Ik had hem willen toeschreeuwen: doe het niet Roger, neem de bal meteen na de stuit. Hij deed het pas in 2017, in de finale van de Australian Open. Een blamage voor zijn coaches. In feite was Federer de scholier die wilde schrijven als zijn meesters, terwijl hij zelf een uniek handschrift heeft. Sinds zijn comeback is hij voor iedereen onbespeelbaar geweest. Maar nog altijd is zijn valkuil dat hij oneindig kan kiezen, Federer verdrinkt soms in zijn opties.’

Ze hoeven elkaar niet meer op te jagen, hun grootsheid is compleet. Šimek: ‘Federer heeft geen reden om jaloers te zijn op Nadal, omdat hij zichzelf de betere tennisser vindt. Hij kickte altijd op mooie, stijlvolle spelers als Rod Laver. Vroeger vond Roger het niet erg om te verliezen, zolang het niet tegen spelers was met een betere techniek. En Nadal voelt geen animositeit met Federer, omdat hij vaker van hem gewonnen heeft. Ze zijn allebei tevreden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.