Sport Sven Kramer

Sven Kramer betreedt de laatste hoofdstukken van zijn schaatscarrière, maar hoe vinden topsporters het juiste moment om te stoppen?

Geplaagd door terugkerende pijn aan de rug, ingehaald door een nieuwe generatie. Misschien is het moment daar voor schaatser Sven Kramer om te stoppen. Maar hoe kun je dat moment nou eigenlijk goed bepalen? ‘De laatste hoofdstukken van een topsportloopbaan zijn vaak minder fraai.’ 

Sven Kramer. Beeld ANP

Daar zat-ie dan, Sven Kramer. Niet op weg naar de buitenbaan in Tomakomai, voor het vervolg van de wereldbekerwedstrijden in Japan, maar in het vliegtuig terug naar huis, nadat hij in Obihiro in de B-groep niet verder was gekomen dan een teleurstellende vierde plaats op de 1.500 meter. Kramer had zich vertild aan een koffer, en dat fysieke ongemak kwelde hem te zeer om verder te gaan.

Die zwakke rug geselt Sven Kramer al jaren. Hij praat er niet graag over, omdat hij zijn kwetsuur niet als excuus wil gebruiken, maar feit is dat zijn kwetsbare lichaam hem danig hindert in het bedrijven van topsport. En dat niet alleen: ’s morgens is hij soms niet eens in staat om zijn sokken aan te trekken, zo vertelde hij onlangs op een persbijeenkomst.

Vier gouden medailles

Jarenlang domineerde Kramer het langebaanschaatsen. Hij won vier gouden olympische medailles, maar niet die ene felbegeerde van de tien kilometer. Het lijkt onwaarschijnlijk dat hij in 2022 in Beijing een nieuwe poging zal wagen, Kramer is dan 35 jaar. Ondertussen wordt hij ingehaald door een nieuwe generatie schaatsers, van wie ploeggenoot Patrick Roest het meest in het oog springt.

Blessureleed, gebrek aan sportieve uitdaging, een nieuwe generatie schaatsers die hem overvleugelt. Pas eind december verwacht hij weer wedstrijden te rijden. Dient Kramer zijn tweejarig contract bij Jumbo uit of komt het onvermijdelijke moment dichterbij dat hij een vervroegd afscheid moet overwegen?

Oud-zwemmer Marcel Wouda herinnert zich hoe hij in 2000, niet lang na de Spelen van Syndey, tijdens een training na 35 meter uit het zwembad stapte en tegen zijn coach Verhaeren zei: ‘Jacco, ik ben er uit, het is mooi geweest.’

Wouda: ‘Mijn lichaam was al zo lang aan het protesteren. Ik moest er altijd al veel voor doen om het niveau te halen, maar onderwijl was de wereld om mij heen nog harder gaan zwemmen. Ik had niet het vertrouwen dat mijn lichaam die inspanning aankon. En een vierde of vijfde plaats, daar deed ik het niet voor.’

Jochem Uytdehaage, voormalig schaatser. Nu geeft hij lezingen voor bedrijven. Beeld Jiri Buller

Jochem Uytdehaage wilde zijn olympische schaatstitels op de vijf en tien kilometer verdedigen in Turijn, 2006. ‘Ik investeerde heel veel in de sport, maar het leverde geen rendement meer op.’ Van het één op het andere moment besloot hij te stoppen. ‘Het plezier was weg.’

Plezier heeft Sven Kramer nog steeds in het schaatsen, vertelde hij onlangs: ‘Het leven als topsporter is mooi, het voelt niet als opoffering.’

Maar hij is ook een winnaar, iemand voor wie maar één plek telt. Uytdehaage: ‘Tweede of veertiende is hem om het even. Ook voor de allergrootste kampioenen komt het moment dat ze moeten accepteren dat ze niet meer de beste zijn. Het gaat er om of je daar vrede mee kunt hebben, zonder het respect van het grote publiek te verliezen.’

Dennis van der Geest hield in 2008 op met judo vanwege een zware armblessure. ‘En ik moet ook zeggen dat diep van binnen het brandende vuur weg was. Dan kun je nog best door en wedstrijden winnen, maar als het er echt op aankomt schiet je te kort.’

Over Sven Kramer zegt hij: ‘Een topsportcarrière is niet altijd een jongensboek, waarin je stopt op het absolute hoogtepunt. De laatste hoofdstukken zijn vaak wat minder fraai, maar ze horen er wel bij.’ Hij kijkt ook praktisch naar de discussie rond Kramer. Hij is nog altijd de beste betaalde schaatser. ‘Er zijn slechtere manier om je werk uit te oefenen. Waarom zou hij daar nu mee stoppen?’

Vaderschap

Kramer werd onlangs vader van een dochter. Het zou, opgeteld bij de gezondheidsklachten, een extra reden kunnen zijn om prioriteiten in zijn leven te verleggen. Van der Geest: ‘De een gaat er anders mee om dan de ander, maar vaderschap verandert natuurlijk iets. Tot voor kort draaide alles om Sven. Als zijn teennagel is ingegroeid, worden zes mensen al behoorlijk zenuwachtig. Een kind zorgt ervoor dat je ook wel gaat inzien dat er andere dingen belangrijk zijn in het leven.’

‘Het eigenaarschap van wel of niet stoppen ligt bij Sven zelf’, benadrukt Marcel Wouda. Maar van één ding is hij overtuigd: ‘Je voelt als sporter vanzelf het moment aan als het genoeg is geweest.’

Zelf zei Kramer niet zo lang geleden dat hij vast van plan is de komende twee contractjaren vol te maken. Misschien zelfs wel langer. ‘Maar als het niet meer goed gaat, hoef ik daarover niet meer na te denken. Dan is de keuze voor mij gemaakt.’

Van der Geest: ‘Maar stel dat Sven er in de komende twee jaar geen pannenkoek meer van bakt, dan zijn we dat heel snel vergeten, dat stukje verdwijnt geruisloos in de tijd. In het collectieve geheugen zal Kramer worden herinnerd als de allerbeste schaatser die we ooit hebben gehad.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.