Nieuws Baanwielrenner Theo Bos

Succes op keirin na dertien jaar laat baanwielrenner Theo Bos alweer van nieuw succes dromen

Vroeger zou baanwielrenner Theo Bos (35) na een overwinning direct de stad zijn ingegaan. Biertje drinken, feestje vieren, ontladen. Maar afgelopen weekeinde zegevierde hij bij wereldbekerwedstrijden in Hongkong op de keirin en besloot hij toch maar in zijn hotel te blijven. Er wachtte nog een lange vlucht naar huis en volgende maand zijn de WK. ‘Verstandig hè. Dat krijg je op mijn leeftijd.’

Theo Bos tijdens de Keirin kampioenschappen in Hong Kong. Beeld AP

Bos’ laatste wereldbekerzege op de keirin – drie ronden sprinten, nadat de motor van de gangmaker de baan heeft verlaten – dateerde alweer van dertien jaar geleden, toen hij in Sydney de Australiër Ryan Bayley en de Duitser Renè Wolff, de latere bondscoach van Nederland, aftroefde. Destijds stond de carrière van Bos in het teken van olympisch goud in Beijing, een exercitie die mislukte. In China kwam Bos niet verder dan de zevende plaats op het onderdeel sprint. Een jaar later besloot hij over te stappen naar de weg.

De Theo Bos van nu is een heel andere dan die van destijds, zegt hij. De oogkleppen zijn af, het plezier staat voorop. Natuurlijk, hij wil nog steeds winnen, maar het is geen obsessief doel meer. ‘Ik vind het vooral mooi om met jonge gasten op te trekken, mijn ervaring te delen, en ze soms nog een keer te verslaan’, zegt hij. Successen, zoals die in Hongkong, zijn ‘bonus.’

Bos keerde in 2015 terug naar de baan. Zijn avontuur op de weg, bij onder meer Rabobank en Cervélo, was geen doorslaand succes geworden. Hij droomde van een ritzege in de Tour, een beklijvend succes, maar het bleef voornamelijk bij overwinningen in kleine rondes. Het prominentst kwam hij nog in het nieuws met een schorsing van een maand, nadat hij in de ronde van Turkije in een sprint Dyral Impey had meegesleurd in een val. Nee, dan liever terug naar de baan. Daar hoopte hij de oude Theo te worden.

Generatie krachtpatsers

Alleen: de sport was veranderd. Waar hijzelf nog kon vertrouwen op souplesse en techniek, was een jonge generatie krachtpatsers opgestaan, met bovenbenen als stalen trossen. Ze trapten een veel grotere versnelling dan Bos gewend was.

Gelukkig voor hem is baanwielrennen niet alleen brute kracht. Wat de jonge garde niet heeft en Bos wél, is ervaring, routine. Waar zit je in de wedstrijd? Welke tactiek is de beste? Hoe blijf je rustig? Het kwam hem in Hongkong weer van pas. ‘Drie keer was mijn tactiek hetzelfde: op kop komen nadat de derny de baan uit was gegaan en daarna doortrekken. Dat klinkt simpel, maar anderen hadden er geen antwoord op.’

Theo Bos viert zijn overwinning in Hong Kong. Beeld AP

Twee jaar terug, op de WK in hetzelfde Hongkong , was hij teleurstellend als zestiende geëindigd, op de kilometer tijdrit. Misschien was het einde wel nabij, verzuchtte hij destijds. Het was, zegt Bos nu, een uitspraak ‘in the heat of the moment’. ‘Ik had het even helemaal gehad. ’s Avonds drink je een biertje, je praat met wat mensen en al vrij snel daarna ben ik naar Japan gegaan om de keirin te rijden. Daar kreeg ik weer moraal. Teleurstellingen horen bij een topsportleven.’

Helemaal fris

Fysiek voelt hij zich nog prima in orde. Mentaal is hij fris. Het monomane bestaan – eten, slapen, trainen – kost hem geen moeite. Sterker nog: hij vindt het zalig. ‘Een gezonde levensstijl wil ik na mijn carrière vasthouden. Ik voel me er goed bij.’

Een doel stellen en daarnaartoe werken, het is heel overzichtelijk. Bovendien, zegt hij, train je als baanwielrenner heel gevarieerd: op de baan, op de weg, in het krachthonk. Veel afwisselender dan hij als wegwielrenner gewend was. ‘Ik ben eigenlijk vooral bang om te vroeg te stoppen. Dat ik naar wedstrijden kijk en denk: daar had ik ook nog tussen kunnen rijden. Dat lijkt me verschrikkelijk.’

Wordt hij, ondanks zijn leeftijd, nog altijd beter? Bos vind het lastig te zeggen. ‘Ik probeer er niet te veel mee bezig te zijn. Ik weet dat ik in een fase van mijn carrière ben beland, waarin het afscheid steeds dichterbij komt. Maar ik wil niet na elke training denken: word ik niet te oud? Zo sta ik er niet in.’

Er zijn genoeg renners die op latere leeftijd nog goed presteerden. Graag wijst hij naar de Brit Chris Hoy. ‘Die werd nog wereldkampioen op zijn 36ste.

De wereldkampioenschappen zijn eind februari in Polen. Bos wil er uitkomen op de keirin en de kilometer tijdrit. Stiekem broedt hij op een plannetje: ’Nog één keer in de regenboogtrui op het podium staan, dat zou mooi zijn.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden