Stratego op gras zonder sterren

Waar is de balkunstenaar die de wedstrijd naar zijn hand zet? Landenvoetbal is verworden tot een tactisch spel voor goedgetrainde teamspelers. Onverzettelijkheid staat boven brille. Gevolg: er valt nog weinig te genieten in Frankrijk.

Frankrijk - Albanië: Dimitri Payet zet aan om de Albanese muur te slechten. Frankrijk kreeg Albanië pas in blessuretijd op de knieën.Beeld reuters

Ronaldo, glad tot in elke vezel, laat zich verleiden tot afwerende gebaren en spottend gelach, gefrustreerd als hij is door de omsingeling van om zijn hoofd zoemende IJslanders, rauw en ongeschoren.

In zekere zin is dat beeld symbolisch voor Euro 2016. De al dan niet zelfbenoemde sterren leggen het vooralsnog af tegen het collectief van strijders. Beoogde topelftallen kennen problemen met debutanten. Op de terrassen in Frankrijk sprankelde de opluchting woensdag na de bevrijdende 1-0 van invaller Griezmann tegen Albanië in de 90ste minuut.

De Bruyne en Hazard vielen nauwelijks op, net als Müller en Götze. Rooney heeft zich teruggetrokken uit de spits om spelverdeler te kunnen zijn, in de open ruimte van het middenveld. Pogba en Griezmann verdwenen uit de Franse ploeg en keerden weer terug.

Schrijnend weinig treffers

De hoogste uitslag in de eerste 18 wedstrijden (tot vrijdag, red) is 2-0. Veel doelpunten vallen laat en het gemiddelde per duel ligt op minder dan twee treffers. Dat is schrijnend weinig. Spitsen, voor zover die nog bestaan in het voetbal van voortdurende beweging met overbevolkte middenvelden, zijn altijd onderwerp van gesprek als ze relatief weinig scoren, hoewel Milik (Polen) en Seferovic (Zwitserland) zich behoorlijk hadden kunnen profileren op de topschutterslijst.

Is het een meeslepend EK, qua voetbal? Welnee. Het is soms vermakelijk en spannend, het is in de steden meestal gezellig met al dan niet veeldrinkende, verbroederende supporters, maar in veel gevallen is het spel zelf onwaarschijnlijk slecht, althans, voor het oog. Dat komt omdat niemand elkaar ruimte gunt, omdat bijna niemand echt iets speciaals kan.

De voetballer anno 2016 is een vrij grote, sterke, goed getrainde kerel die bijna inwisselbaar is met menig ander. Wie uitblinkt, is spekkoper. Die is miljonair en siert alle bladen. Maar zelfs de Ronaldo's van deze wereld breken niet even een interland met pakweg IJsland open. Het team blijkt meestal groter dan het individu, hoe anders het individu daarover misschien ook denkt.

Slijtageslagen

'De groepswedstrijden zijn slijtageslagen', zei de Duitse bondscoach Joachim Löw na de 0-0 van donderdag tegen Polen. Wat moet dat straks dan worden, in de knock-outfase, als de verschillen nog kleiner zijn?

Voetbal heeft veel verkoopargumenten voor zijn ongekende populariteit, zie ook de kijkcijfers. Avondwedstrijden bij de NOS met rond de drie miljoen kijkers op een toernooi zonder Nederland nota bene. Een van die argumenten pro voetbal is: de kracht is dat een op papier veel mindere ploeg op een mooie dag kan winnen van een veel betere ploeg. In veel andere sporten is dat onmogelijk.

Mario Götze temidden van Poolse verdedigers.Beeld getty

Tredmolen van gelijkmatigheid

Die kracht is tevens de zwakte geworden. Zeker het landenvoetbal is een tredmolen van gelijkmatigheid. Voetbal op toernooien is steeds meer een zaak van trainers, van statistieken, van uithoudingsvermogen. Die enkele sterspeler is volop belicht in de programmagidsen en op de tv.

Hij, de vedette, voetbalt misschien voor een nieuw contract bij nog een grotere club, maar hij vreest tevens de afgang. Voor hetzelfde geld loopt hij zich voor volk en vaderland vast in het tactische web van de trainer van de tegenpartij, van de op papier veel mindere tegenstander. Dan kan zijn marktwaarde ook kelderen. Is hij wel zo veel waard als hij de nivellering niet kan verhelpen, als hij als het ware onderdeel is van die nivellering?

Je zag de stress op de gezichten van de Engelsen, je voelde de stress in hun handelen. Zij, op papier veel beter dan de vechtjassen uit Wales, mochten eenvoudigweg niet verliezen. Maar hoe moeilijk is dat als de tegenstander met acht, negen man verdedigt?

We kunnen lachen om Noord-Ierland met zijn spits Josh Magennis, die tien jaar geleden nog doelman was. We kunnen onze schouders ophalen over goedwillende Ieren, over strijdende Albanezen, over in hun schulp kruipende kerels uit Wales. Al die mannen hebben één ding gemeen: ze kunnen allemaal goed georganiseerd voetballen. Zo goed zelfs, dat ze een sterrenelftal kunnen tegenhouden, in elk geval heel lang.

Josh Magennis, de spits van Noord-Ierland.Beeld epa

Leve de debutanten

De UEFA breidde het deelnemersveld voor Euro 2016 uit van 16 naar 24 landen. In kwalitatief opzicht is dat een goede greep geweest. Het voetbal is zo breed ontwikkeld in Europa, dat niemand afgaat. Leve de debutanten. Ze doen het goed. Complimenten.

Het is ook helemaal niet zo opvallend dat Nederland, nummer 3 van de wereld op het laatste WK, niet eens meedoet. Het onbegrip in Nederland zou iets kleiner mogen zijn dan het is. Zo gering zijn de verschillen nu eenmaal. Als het even misgaat, door de aanstelling van de verkeerde trainer, door een generatiewissel, dan doe je gewoon een keer niet mee.

Waarmee we zijn aangekomen bij het nadeel van de uitbreiding naar 24 landen: het is nog meer van hetzelfde. Wat moet je, met alle respect, met Noord-Ieren als je ook al Welshmen hebt? Ja, ze zingen andere liederen. Ze zijn allemaal trots. De duizenden supporters hebben soms jaren gespaard voor deze unieke ervaring. In ladderzatte toestand tonen ze op een terras hun roomblanke buiken aan Franse filosofiestudentes. Het is ze van harte gegund. Maar het voetbal van hun favorieten is bijna niet van elkaar te onderscheiden, al heeft Wales dan nog het geluk dat Bale meedoet.

In het clubvoetbal zijn die problemen van nivellering 'opgelost', door de verzameling van talent bij een paar elftallen. Daar zijn de poules, bijvoorbeeld van de Champions League, juist helemaal niet spannend. Ronaldo, Bale, Rodriguez, Kroos, Benzema, ze spelen bij Real Madrid. Messi, Neymar, Suarez, Iniesta; allemaal bij Barcelona. Tja, die optelsom van talent is de gewone tegenstander te veel, meestal. Maar zie eens hoeveel moeite het Spanje, zonder de Argentijn Messi nu, kost om door de defensie van pakweg Tsjechië te breien.

Hoogste organisatiegraad

In dit voetbal van de hoogste organisatiegraad vallen in feite slechts een paar soorten doelpunten: allereerst natuurlijk de spelhervattingen. Zwitserland scoort twee keer uit een hoekschop, Roemenië twee keer uit een strafschop, Duitsland opent de score tegen Oekraïne uit een vrije trap, Bale doet hetzelfde tegen Engeland en zo kun je doorgaan.

Dan zijn er de doelpunten uit de snelle omschakeling, bij Slowakije bijvoorbeeld, of bij Hongarije, of bij de Italianen tegen België, en zelfs de 2-0 van Duitsland tegen Oekraïne van invaller Schweinsteiger in de slotminuut. En natuurlijk zijn daar ook de vele late treffers, als de organisatie een wegvalt, als de risico's toenemen, als fitte invallers de zaak beslissen.

Wat heeft massaal aanvallen dan nog voor zin? De kans op succes is relatief klein, het risico van een tegenaanval is groot. Nederland, voorheen behorend tot het kamp der aanvallers, betrok tijdens het laatste WK met succes de defensieve stellingen en trad toe tot het leger der counteraars.

Misschien zouden we de landen die nog werkelijk aanvallen iets meer moeten koesteren: Spanje vooral, Duitsland toch ook, Frankrijk en België soms, Engeland op zijn manier, Portugal. Zonder de aanval van de een valt er trouwens ook niets meer te counteren voor de ander.

Gareth Bale scoort uit een vrije trap.Beeld afp

Unieke kwaliteiten

Maar het werkelijke gemis in het voetbal zijn de spelers met unieke kwaliteiten, die de defensieve muren weten te slechten. Zij zijn schaars. Vandaar ook de oproep in het onlangs gelanceerde plan van de KNVB, Winnaars van morgen, om kinderen weer te laten pingelen en dribbelen, om de straat te laten terugkeren in het voetbal. Sturridge gezien met zijn goal tegen Wales? Puur straatvoetbal.

Of, zoals Ricardo Moniz zegt, als vroegere techniektrainer volgens de methode van Wiel Coerver, en volgend seizoen hoofdtrainer van Eindhoven: 'Er zijn te veel allrounders en weinig spelers met specifieke kwaliteiten om met regelmaat scoringskansen te creëren of zelf te scoren. Daarom zie je geen onderlinge verschillen meer en kan iedereen van elkaar winnen.'

Wie dat mooi vindt, wie voetbal ziet als een soort stratego op gras, zit goed dit EK. Wie meer vraagt, wie vooral thuisblijft voor het individu dat het team verheft, voor de aanval, die heeft vooralsnog een beetje pech. Voor hen is Dimitri Payet van Frankrijk eigenlijk de beste speler tot nog toe. Gescoord met rechts, gescoord met links, lekker gepingeld, beslissende voorzet gegeven met links.

Dat lijkt al ergens op.

Daniel Sturridge scoort voor Engeland tegen Wales.Beeld epa
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden