STOEMPEND naar Het Hemelrijck

Op de Grote Markt in Brugge start morgenochtend de 84ste Ronde van Vlaanderen. De wielerklassieker wordt liefkozend 'Vlaanderens mooiste' genoemd....

Vanuit Ichtegem voert de route over de Torhoutbaan en dan verder over de Oostendestraat. In een bocht vlak voor Torhout staat het kasteel van Wijnendale. Er loopt een gracht omheen, er staan hoge hekken, brede lanen leiden naar de toegang, compleet met een kloeke ophaalbrug. Geen ridder is er ooit overheen gegaan.

Wijnendale. Het is een naam die wielerliefhebbers vertrouwd in de oren klinkt. Een naam die uit het oud-Saksisch komt. Winen-dal staat voor 'dal verbonden met de jacht'. De Vlaamse graaf Robrecht de Fries achtte het Wijnendaals plateau geschikt om er een houten burcht te laten optrekken. In 1085 begon het werk. Robrecht van Constantinopel zorgde voor de voltooiing alvorens ter kruistocht te trekken. De jaarmarkt van Torhout had de bescherming van een kasteel nodig. Gwijde van Dampierre oordeelde dat de oorspronkelijke vesting niet stevig genoeg was en liet hem vervangen door een stenen slot.

Door de eeuwen heen werd het een komen en gaan van eigenaars en hoogheden, onder wie Karel V. De Franse revolutie bracht rampspoed: tijdens de bezetting (1794-1815) verviel Wijnendale tot een ruïne. De resten kwamen in het bezit van het Huis van Oranje dat het hele domein in 1833 verkocht aan Josse Pierre Matthieu, een schatrijke bankier uit Brussel, medestichter van de Société Générale. Hij liet het kasteel verbouwen tot wat het nu is: een middeleeuws slot met neogotische stijlelementen en die ophaalbrug.

Op 24 mei 1940 ontving koning Leopold III er na de Duitse inval de nog in België aanwezige premier Pierlot die niet wilde dat de koning krijgsgevangene werd. Leopold dacht er anders over, hij heulde met de Duitsers en bleef. Inmiddels bewoont de zesde generatie Matthieus het kasteel. In een sobere witte kapel in het park hangen de witte gedenkstenen voor Josse Pierre (overleden in het slot in 1863) en andere familieden.

De hele geschiedenis van Wijnendale is te zien in het van 15 mei tot 15 september voor het publiek toegankelijke gedeelte. Er hangen wandtapijten, in de kelder staan folterwerktuigen. De 27 meter hoge donjon biedt een mooi uitzicht. Er heeft eens een groep toeristen opgesloten gezeten achter de kantelen. De portiers waren vergeten dat ze nog boven waren.

In Torhout werd in 1882 Karel Steyaert geboren als zoon van een vlashandelaar die vroeg stierf en zijn vrouw achterliet met vijftien kinderen. Straatarm waren ze. De jonge Steyaert was zich al vroeg bewust van de toen nog enorme klassenverschillen in Vlaanderen. Hij koesterde een lijfboek: De Leeuw van Vlaanderen van Conscience, over de overwinning van Vlaams voetvolk op Franse ruiters in de Gulden Sporenslag, 11 juli 1302. Steyaert deed daarmee de bezieling op voor zijn eigen Vlaamse klassenstrijd. Als jonge journalist nam hij de naam aan van het kasteel, zo benijdenswaardig van rijkdom, en werd Karel van Wijnendaele. Hij vond dat Vlaanderen net zo'n glorieuze koers nodig had als Parijs-Roubaix en begon aan de organisatie.

Van Wijnendaele had geen trits hellingen nodig voor een selectieve wedstrijd. Hij schreef: 'Toen schruwelden onze wegen nog de ellende uit van hun bestaan en spraken de taal van het Arm Vlaanderen.' Paul Deman won op 23 mei 1913 de eerste Ronde, een zware omloop van 370 kilometer tussen Gent en Mariakerke. Met de welvaart kwam het asfalt en daarmee de noodzaak om de Vlaamse heuvels op te zoeken. Het moest wel wérk blijven.

De huidige start in Brugge verbindt de historie met moderne toeristische weelde. Vanaf hun voetstuk midden op de Grote Markt kijken Jan Breidel en Pieter de Coninc als winnaars van de Brugse Metten tegen een Frans garnizoen (18 mei 1302) fier op naar de hoge toren van het Belfort, symbool van grote middeleeuwse voorspoed. Ze hebben Le Panier d'Or in hun rug, restaurant met een rozerode trapgevel waar een grote rieten mand bovenop staat. In dit gebouw uit 1617 kwam het Gilde der Mandenvlechters samen. Links en rechts staan meer restaurants en cafés klassiek te zijn: Café de Vier Winden, Huyze die Maene, Café Sportman, Café des Arts en de Gouden Meermin.

Vanaf de Grote Markt trekt de Ronde de Wollestraat in, vol lonkende etalages. Veel spierwit kant is er te koop. Lucratieve, ambachtelijke truttigheid. Kussenslopen, tafelkleden, kragen. Het Chocoladehuisje vlak bij het Kantmuseum heeft volle chocoladeborsten in de aanbieding. De Kamasutra hebben ze ook, 'een leuk geschenk voor uw man of vriend'. Het betreft een serie chocoladetabletten waarop vrouwen en mannen samen, of groepsgewijs met gevarieërd erotisch vermaak bezig zijn.

Van Brugge loopt de route naar de Noordzeekust, tot het Casino van Oostende, en daarna weer het vlakke Vlaanderen in, langs Stene en Snaaskerke, over brede betonbanen, met meubelhomes, autoshowrooms en villa-bordelen, zoals de Chalet Club, vlakbij het kasteel van Wijnendale.

Na 89 kilometer ligt Tielt. Op de Markt domineert de oude hallentoren. Voor de ingang staat het curieuze standbeeld van Olivier de Duivel, geboren rond 1434 als Olivier de Neckere. Hij draagt een gewei op zijn hoofd, heeft een schaar in de linkerhand, een knipmes in de rechter en een strop om zijn hals. Tekst op de zwarte sokkel: De duivel staat hier / Olivier gedoopt / Koninklijk Barbier / Berecht en opgeknoopt.

De Neckere had in 1458 Louis de Valois ontmoet, aanstaande koning van Frankrijk. Ze werden vrienden; Olivier schopte het tot eerste kapper van Frankrijk en maakte op die manier politiek carrière. De Franse hofadel had een hevige hekel aan hem. Na het overlijden van Louis XI knoopten ze hem op aan de galg van Montfaucon, in 1484.

De Ronde gaat verder over de Galgenveldstraat en door weerbarstig landschap: weilanden met knotwilgen en soms een schamel kot van rood baksteen. In het centrum van Kanegem, de 98ste kilometer, staat het beeld van een duivelse Flandrien, vlak voor de Sint Bavokerk bijgenaamd 'kathedraal van te lande'. Briek Schotte, geboren in Kanegem in 1919, IJzeren Briek, twintigvoudig deelnemer aan de Ronde die hij twee keer won, in 1942 en 1948, zit in brons op de fiets, met een kleine bronzen pad aan het achterwiel. Op een kleine plaquette staat: Ze hadden poten aan hun lijf en trokken er harder aan dan andere mee aan het stuur.

Vijfentwintig kilometer verder beginnen na Kruishoutem de Vlaamse Ardennen. De smalle zijwegen van de N 60, de belangrijkste regionale verkeersader, bieden de opening naar een andere tijd, een andere sfeer, de serene sfeer van het klassieke Vlaamse heuvellandschap. Zonder de Ronde is het er weldadig stil, met de dorpen ingebed in de dalen, of gedrapeerd tegen de heuvels, in een keten van niet-verziekte schoonheid. Desolaat zijn ze ook soms, zoals Mater en Munkzwalm.

Voor de eerste beklimming, Den Ast, ligt Mullem (de 122ste kilometer). Het is alsof je een schilderij binnenrijdt. Rechts van de Mullemstraat staat het karakteristieke café-restaurant De Kroon. Daartegenover, zachtgeel, het restaurant Ter Motte. Het is pas gerenoveerd, wat niet naar de goesting schijnt te zijn van de plaatselijke barones - het is niet gebeurd in de oud-Heerlijke stijl van Mullem. Kunstschilder Martijn Wallaert huurt er een woning met atelier. Hij is verzot op de rust van het dorp, maar ziet de Ronde graag komen: 'Ik zal maken dat er iets aan de muren te zien is. . .'

In Roborst (153 kilometer) slingert de Borstekouterstraat omlaag, naar het dal van het riviertje de Zwalm. Hier begint een smalle keienweg die zijn oorsprong heeft in de Romeinse tijd. Sinds vele eeuwen trekken de padden eroverheen: de Paddestraat, een door renners vervloekt weggetje. Ooit maakte Jan de Lichte hier de streek onveilig. Nu is er een wandelroute naar hem genoemd. Midden in de wei aan de straat pronkt een witte hoeve uit de achttiende eeuw: De Moriaan. Tijdens de Ronde strijken er veel oud-coureurs neer. Specialiteit van het huis: konijn in Oud-Zottegems bier. Vlakbij is een aardig logies: hotel 't Blaffend Konijn, gevestigd in een oude brouwerij aan de Machelgemstraat.

Na Zottegem pakken we het heuveltraject weer op. Eerst de toeristische Kluisberg, vol restaurants en speeltenten en dan - veel stiller - de Knokteberg. Na de top is het rechtsaf de Drogenbroodstraat in, richting Ronde van Vlaanderen-straat. Hier wacht ook zo'n klassiek volgerstrefpunt: D'Oude Hoeve. Zo'n tweehonderd meter daarvandaan, richting Ronsebaan (N 36), is een monument voor Karel van Wijnendaele neergezet.

De volgende heuvel is één van de beroemdste. Over de kasseien van de smalle Broektestraat wriemelt het peloton kort, maar venijnig naar boven, naar het Kwaremontplein. Ook daar hangt deze morgen een magnifieke rust. Kwaremont is door de inspanningen van kunstschilder en burgemeester Gies Cosyns een geliefd kunstenaarsdorp geworden. Hij leefde en werkte in wat nu de Greenhouse Gallery heet. Daar tegenover heeft de schilder Henri Ernalsteen zijn woon-werkplaats: 't Palet. Dat de weelderige Vlaamse Ardennenzône een belangrijke inspiratiebron blijft, is ook te zien aan de doeken onder de balken van café-restaurant In 't Palet.

Tegen het einde van de route ligt een beroemde bedevaartplaats: de Muur van Geraardsbergen, rechtsaf na de Vesten. Naast de smalle omhooglopende kasseienweg staat een Jezusreliëf tussen de bladeren verscholen met de tekst 'ontmoeting op de kruisberg'. Boven is Het Hemelrijck, een restaurant met een degelijke kaart. Het heeft een goed uitzicht op de top, met het witmarmeren beeld van Onze-Lieve-Vrouw van Smarten, daarboven tussen rododendrons en sierdennen een stalen kruisbeeld en erachter de kapel van Onze-Lieve-Vrouwe Oudeberg. Roomser kan het niet. Binnen, aan de muur van de cirkelvormige gang om het altaar, hangen talloze borden met bedanken voor genezing, bekomen gunsten, of verzoeken om voortdurende bescherming. Het kan geen toeval zijn dat hier altijd weer wielrenners langs worden gestuurd.

Het kale Meerbeke verdient als aankomstplaats niet de schoonheidsprijs, op de Sint-Pieterskerk na, met zijn stoere rococogevel uit 1750. Ze tappen er wel prettige pinten in Café Onder de Linde en Feestzaal Oud Wit Huis.

Vlaanderens mooiste. De renners stoempen er tegenwoordig in een dikke zes uur doorheen. In een lang weekeinde kun je er kalm van genieten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden