REPORTAGE

'Starten blijft mensenwerk'

Ze staan onopvallend naast de stootkussens, alleen door een hek afgeschermd van het publiek langs de ijsbaan van Enschede. De drie beste starters van Nederland, internationaal erkend. Janny Smegen met pistool op de startkar, Jan Zwier en André de Vries achter haar, met stopwatch in de rechterjaszak. De 500 meter van de KNSB Cup staat op het punt van beginnen.

Beeld Klaas Jan van der Weij

Het is de eerste 500 meter sinds een onderzoek over de oneerlijkheid van de startprocedure in de publiciteit kwam. Volgens oud-schaatser Beorn Nijenhuis, nu student neurowetenschappen in Utrecht, en twee experimenteel psychologen is de start op de sprint een 'loterij'. Hun conclusie: hoe langer een schaatser op de 500 meter moet wachten op het startschot, hoe groter de kans op een trage race. Het kan tienden van seconden schelen, denken ze.

De starters is die conclusie niet ontgaan. Niet eerder heeft hun dienende werk zo in de belangstelling gestaan, zeggen ze. Maar extra zenuwen brengt dat niet met zich mee, beweert Smeenge. Zij is al ruim 20 jaar startster. Ze voelt wel altijd wat wedstrijdspanning voor de 500 meter, zegt ze. Het gaat om minieme verschillen die voor de schaatsers van groot belang zijn. In Enschede staan startbewijzen voor de wereldbeker op het spel.

Smegen roept de rijders gedecideerd naar de start. Op haar commando 'ready' zakken ze in de starthouding. Zodra ze stilstaan, draait Smeenge in haar hoofd een ezelsbruggetje af: 'Be-ren-burg', denkt ze. Dat neemt 1 á 1,5 seconde in beslag, precies de tijd die ze volgens de regels moet laten verstrijken. Dan schiet ze de rijders weg.

Interpretatie

Wanneer staan de sprinters stil? Dat is de hamvraag voor scheidsrechters. Het is voor toekijkende leek lastig te bepalen, zeker van nabij. Handen bibberen, beenspieren trillen. Zelfs als de scheidsrechter oordeelt dat een rijder stilstaat, beweegt er ergens in de straks gespannen lichaam wel iets, zo lijkt het voor het ongetrainde oog.

De scheidsrechters draaien er niet om heen: interpretatie hoort bij hun vak. Dat leidt tot de verschillen die volgens Nijenhuis cum suis voor problemen zorgen. 'Er is absoluut variatie', bekent Smegen. 'Het is mensenwerk', erkent ook Zwier.

De stopwatch illustreert dat. De Vries en Zwier klokken het werk van Smegen. Na elke start kijken ze of zij de rijders in 1 tot 1,5 seconde wegschoot. Vaak is ze sneller: de variatie op de stopwatches schommelt tussen 0,6 en 1 seconde. Smegen is aan de snelle kant, of haar collega's interpreteren het stilstaan van de schaatsers anders door hun lagere positie langs de baan.

Ready. Be-ren-burg. Pang! Beeld anp

Gecomputeriseerde start

De scheidsrechters kunnen zich wel voorstellen dat Nijenhuis pleit voor een gecomputeriseerde start, zoals in het baanwielrennen. Het is inherent aan de ontwikkeling van de sport. Als de tijd aan de eindstreep in duizendsten van seconde wordt gemeten, is het volgens Zwier niet zo vreemd dat aan de startstreep ook te willen doen.

De Friese starter met dertig jaar ervaring: 'Eerst ging het bij de finish om tienden van de seconden, toen om honderdsten, nu om duizendsten. Als je aan het eind van de rit in duizendsten meet en je doet het aan de voorkant niet, dan gaat er natuurlijk gerede twijfel ontstaan. Het is logisch om dan dezelfde meetmethode te hebben. Dat is clean.'

Een gecomputeriseerde start lost niet alles op, zeker als stilstaan een belangrijk criterium blijft. Dat oordeel is immers aan de scheidsrechter. Er is wel gesproken over het verplichten van de driepuntstart, waarbij de rijder een hand op het ijs zet. 'Dan staan ze het mooiste stil, maar het is anatomisch niet voor iedereen mogelijk', zegt Smegen.

Hein Otterspeer (links) en Pim Schippers zijn net weggeschoten op de 500 meter in Enschede. Beeld anp

Misschien moet het verplichte stilstaan worden afgeschaft? Skeeleraars bewegen hun bovenlichaam voor de start naar achteren en werpen zich dan naar voren, om met die zwiep extra vaart te creëren.

'Als het waardeverhogend is voor het schaatsen, waarom niet?', zegt Zwier. 'Zijn we daar met zijn allen niet naar op zoek: hoe het schaatsen voor de jeugd aantrekkelijker te maken?'

Twijfel

Toch betwijfelen de starters of de computer hun taak binnenkort voor een deel zal overnemen. Vorige week, op een startersbijeenkomst in Calgary, stond de eerlijkheid van de startprocedure niet ter discussie. Om die te veranderen is een reglementswijziging nodig. Dat duurt lang bij de conservatieve schaatsbond ISU.

Bovendien deelt lang niet iedereen de conclusie van Nijenhuis cum suis. Meer onderzoek is nodig, blijkt uit de wetenschappelijke reacties.

Dat winnen na een nadelige startprocedure niet onmogelijk is, bewees Ronald Mulder in Enschede. Hij werd in zijn eerste rit, tegen Jan Smeekens, volgens de handgeklokte meting van starter de Vries als traagste weggeschoten: 1,02 seconden nadat hij had stilgestaan. Toch won hij de rit, in 35,13.

Ronald Mulder (links) en Jan Smeekens zijn net van start gegaan in hun 500 meter. Beeld anp

Vedetten stellen teleur

De vedetten van de Nederlandse schaatssport stelden teleur bij de KNSB Cup in Enschede. Olympisch kampioenen Michel Mulder en Ireen Wüst plaatsten zich niet voor de wereldbekers op hun favorieten afstanden, de 500 en 1.500 meter. Die vernedering bleef Sven Kramer bespaard, maar hij verloor de 5.000 meter wel van Jorrit Bergsma. Michel Mulder zag zijn broer Ronald uitblinken. Die won beide 500 meters: in 35,13 en 34,89 (baanrecord). De olympisch kampioen bleef steken op 35,31 en 35,33. Dat was trager dan de jongelingen Kai Verbij en Gerben Jorritsma. Ook Hein Otterspeer en Kjeld Nuis reden harder. Mulder was zo onzeker over zijn vorm dat hij vorige maand zijn vertrouwde olympische ijzers weer onder zijn schaatsschoenen monteerde.

Wüst, die een trainingsachterstand opliep na een val met de fiets, moest op de 1.500 meter genoegen nemen met de zevende plaats. Ze was bijna twee seconden langzamer dan de verrassende winnares Marije Joling: 2.00,87 om 1.59,08 (baanrecord).

Kramer leed een zeldzame nederlaag tegen Bergsma. Hij moest een halve seconde toegeven: 6.18,90 om 6.18,40 (baanrecord). Een excuus had de Fries niet, al had Bergsma het voordeel dat hij na Kramer mocht rijden en op diens tijd kon koersen. Meestal is dat omgekeerd.

Ronald Mulder. Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden