Sprintkabel laat je harder lopen dan je eigenlijk kunt

Een Zweedse uitvinding helpt atleten harder te lopen dan ze ooit hadden kunnen denken. Wordt de 1080 Motion voor de Nederlandse sprinters in Rio het geheime wapen?

Mark van Driel
De Amerikaanse atleet Christian Taylor, olympisch en wereldkampioen op de hink-stap-sprong, laat zich voor een sprinttraining in Bradenton, Florida, voorttrekken door de 1080 Motion, waardoor hij hogere snelheden kan ontwikkelen dan normaal gesproken. Dit zou helpen het zenuwstelsel te laten wennen aan hogere snelheden. Beeld Klaas Jan van der Weij/de Volkskrant
De Amerikaanse atleet Christian Taylor, olympisch en wereldkampioen op de hink-stap-sprong, laat zich voor een sprinttraining in Bradenton, Florida, voorttrekken door de 1080 Motion, waardoor hij hogere snelheden kan ontwikkelen dan normaal gesproken. Dit zou helpen het zenuwstelsel te laten wennen aan hogere snelheden.Beeld Klaas Jan van der Weij/de Volkskrant

In de training rent Churandy Martina haast net zo hard als Usain Bolt tijdens diens fabuleuze wereldrecord 100 meter: 9,58. Per seconde legt hij 12,1 meter af, een fractie langzamer dan Bolts pieksnelheid van 12,2 meter. Hoe Martina dat flikt? Hij laat zich voorttrekken door een Zweedse uitvinding: de 1080 Motion.

'De volgende keer doe ik 12,2', zegt Martina opgewekt in Bradenton, Florida, waar hij zich deze maand met andere Nederlandse atleten voorbereidt op de Olympische Spelen van Rio de Janeiro. Zijn beste tijd is 9,91. In Peking (2008) en Londen (2012) eindigde hij op de 100 meter als vierde en vijfde, met flinke achterstand op tweevoudig winnaar Bolt. 'Het is heel spannend. Het voelt heel snel, maar het is niet eng.'

Martina (31) is opgetogen over het hulpmiddel waarover zijn Amerikaanse coach Rana Reider sinds begin dit jaar beschikt. Reider werkt deels voor de Atletiekunie. Hij laat zowel zijn Nederlandse als Amerikaanse sprinters en verspringers werken met de draagbare machine, die op de nieuwe atletiekbaan van de IMG Academy een stuk minder geavanceerd oogt dan hij is.

Supramaximaal

De 1080 Motion bestaat uit een rechthoekige, metalen doos en een tientallen meters lange kabel, die een atleet om zijn middel bevestigt. Met behulp van een tablet en software rolt de kabel zichzelf op, in een precies te programmeren snelheid. Hij trekt de atleet met zich mee. Die bereikt met minder inspanning een hogere snelheid. Of: hij haalt met maximale inspanning een snelheid die net boven zijn maximum ligt. Supramaximaal, noemt Reider dat.

Het effect is vergelijkbaar met harde rugwind. De atleet krijgt 'gratis' extra vaart.

'Maar dit is stabieler dan rugwind', zegt coach Reider. Hij heeft al verschillende Amerikaanse atleten naar olympische en wereldtitels begeleid. 'Ik hoef alleen de stekker in het stopcontact te steken. Het is nuttig het centrale zenuwstelsel die hogere snelheid te laten voelen. Dat kan alleen maar door met hulpmiddelen supramaximale snelheden na te bootsen.'

Reider laat zijn atleten tweemaal per week werken met wat zij 'Rana's nieuwste speeltje' noemen. Vandaag is de beurt aan de Ghanees-Nederlandse verspringer Ignisious Gaisah, die drie jaar geleden zilver haalde bij de WK atletiek.

Gaisah bevestigt de kabel aan zijn middel en loopt 100 meter van de machine weg. 'Zzzzzjjjjjjjj', klinkt het na het startsignaal. De kabel danst door de lucht en trekt de verspringer vliegensvlug naar een snelheid van 10 meter per seconde. Dat is voor hem hard. Vijftig, zestig meter houdt hij het vol, dan ontkoppelt hij de kabel. Tijdens het uitlopen hijgt en lacht hij tegelijk. 'Het is alsof je op 150 procent loopt. Dit is hoe Usain Bolt zich moet voelen als hij rent.'

Olympisch en wereldkampioen hink-stapspringen Christian Taylor is de volgende. Hij vraagt om 13 meter per seconde, harder dus dan de onwaarschijnlijke pieksnelheid van Bolt. Met reuzenpassen raast hij tientallen meters over het azuurblauwe tartan. 'Het is net als een achtbaan. Het voelt geweldig.'

Toch betwijfelt hij of hij wel zo hard ging als de tablet van zijn coach aangaf. 'Het voelde te gemakkelijk', zegt hij tegen Reider.

De Zweedse uitvinding, die volgens de fabrikant ook geschikt is voor zwemmen en schaatsen, heeft nog een tweede functie. Het stelt de atleten in staat met weerstand te sprinten. Ze hoeven niet langer autobanden of sleetjes met gewichten voort te trekken. Die hebben immers als aanzienlijk nadeel dat ze horten en stoten.

De 1080 Motion zorgt voor een gelijkmatig extra gewicht, bijvoorbeeld van tien kilo. Sprinters en verspringers prikkelen hun spieren door extra gewicht mee te trekken. Reider: 'Beide functies van het apparaat zijn nuttig. Als je trekt, belast je de spieren extra zwaar. Als je je laat trekken, ontlaad je de spieren juist. En je belast het zenuwstelsel.'

Hink-stap-springer Christian Taylor aan de 1080 Motion. Beeld Klaas Jan van der Weij
Hink-stap-springer Christian Taylor aan de 1080 Motion.Beeld Klaas Jan van der Weij

Investering

De Amerikaan is ervan overtuigd dat de investering van 20 duizend euro in het apparaat zich zal terugbetalen. Vóór zijn aanstelling in Nederland werkte hij met een handmatige methode. Met behulp van een katrol en touw trok hij zijn Amerikaanse atleten naar grotere snelheden dan ze eigenlijk konden lopen. Hoewel die werkwijze veel minder verfijnd was dan die van de 1080 Motion, zag hij de snelheid van zijn atleten toch toenemen.

Reider: 'Als dit ons 1 procent extra kan geven in een olympisch seizoen, dan doe ik de investering graag. We hebben het in de sport altijd over die extra 1 procent. Dit kan het zijn.'

Ook Martina is overtuigd van het nut. Afgelopen winter verbeterde hij zijn persoonlijke record op de 60 meter al. In Rio aast hij op zijn derde olympische 100-meterfinale op rij. Zo'n reeks is zeldzaam.

Voor die tijd hoopt hij al eens een hogere pieksnelheid dan Bolt te hebben gelopen. In een wedstrijd kwam hij met zes meter rugwind al eens tot 9,76. Dankzij de kabel kan hij nog harder, weet hij. Grijzend: 'Het is een heel goede machine.'

Schippers doet het zonder

Dafne Schippers zal waarschijnlijk geen gebruik maken van de 1080 Motion, hoe enthousiast coach Rana Reider ook is over het apparaat.

Haar coach Bart Bennema snapt wat de voordelen kunnen zijn, maar vindt dat haar programma onvoldoende ruimte biedt om het apparaat structureel in te bouwen. Dat is nodig om het zinvol te laten zijn.

'Ik snap het idee, maar ik wil het op een ander moment doen', zegt Bennema in Florida. 'Na dit trainingskamp kom je in een drukke wedstrijdperiode, waarin ik het niet wil gebruiken.'

Bennema wil voorkomen dat Schippers met te veel nieuwe dingen te maken krijgt. 'Er zijn een heleboel dingen interessant om te doen, maar er moet ook gewoon getraind worden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden