Springploeg euforisch na zegepraal in Aken

Ook in de paardensport herhaalt de geschiedenis zich altijd weer en alleen daarom al is de voorspelling niet al te gewaagd dat de Nederlandse springploeg een succesrijk vervolg van 1997 wacht....

MARTIEN SCHURINK

Van onze verslaggever

Martien Schurink

AKEN

Het was daarom dat Jos Lansink, Jan Tops, Emile Hendrix en Bert Romp na hun afgetekende overwinning in de landenwedstrijd collectief uit hun bol gingen. Het onoverwinnelijk geachte Duitsland in eigen huis verslagen. De VS verwezen naar de tweede plaats. Engeland zelfs vernederd. Redenen genoeg om feest te vieren en dat deden ze dan ook. Maar er was ook voorpret en daarin waren de kampioenen van Aken nog veel euforischer.

Tussen het feesten door keerden Lansink en Tops, Hendrikx en Romp in gedachten terug naar 1991. Toen won een Nederlandse springploeg in Aken, voor de eerste keer in de 50-jarige geschiedenis van het CHIO, de landenwedstrijd en daarna regen de successen zich in hoog tempo aaneen. Goud in de landenwedstrijd van het EK, individueel zilver voor Piet Raymakers, een jaar later Olympisch goud en zilver in Barcelona.

Wie Aken wint, wint alles wat er daarna nog maar te winnen valt, het EK, eind augustus in Mannheim, het CHIO in Rotterdam, misschien zelfs de Olympische titels in Sydney, Een ijzeren wet en het was daarom dat de vier hun overwinning uitzinnig vierden. En het was daarom dat bondscoach Horn even in de steek werd gelaten door zijn spreekwoordelijke Twentse nuchterheid. 'Dit is mooi, dit is fantastisch, deze overwinning geeft een heel comfortabel gevoel.'

Een ploeg die in Aken wint, kan inderdaad overal winnen. De parkoersbouwer van dienst, professor Gego, had zich weer eens uitgesloofd. In de Soers bouwde hij dertien kastelen van hindernissen en een waterbak met de afmetingen van een Oost-Duitse grensrivier. Het hele parkoers was de Duitsers op het lijf geschreven. Franke Sloothaak, Lars Nieberg en de broers Ludger en Markus Beerbaum zijn nu eenmaal op hun best als de obstakels hoog en breed zijn.

In de aanloop naar de landenwedstrijd vielen de Nederlanders nauwelijks op. Kleine prijsjes wonnen ze nu en dan, meer niet. Maar vrijdagmiddag was alles anders. Reed Bert Romp, de stille kracht in de nationale ploeg, met zijn schimmel Mr. Blue de sterren van de hemel. Nul fouten, zelfs geen balk beroerd. Hield Emile Hendrix als menner van Finesse de schade tot vier strafpunten beperkt. En deed Jos Lansink, de berijder van de immer onstuimige hengst Carthago, met slechts een enkel pechfoutje de twee bokkesprongen van Jan Tops' viervoeter Operette vergeten. De eerste plaats in het tussenklassement was een feit. Maar de voorsprong was broos en nog kon alles verkeren.

Het toeval wilde dat de leden van het nationale keurkorps daar heel anders over bleken te denken. 'We voelden dat we een kans hadden', zei Emile Hendrix, 'en daarom waren we vast van plan om maar eens alles uit de kast te halen.' Hendrix gaf zelf het goede voorbeeld met een nulrondje in de tweede omloop. Dat gaf zijn ploeggenoten de inspiratie om op de ingeslagen weg voort te gaan. Romp en Tops deden met een enkel springfoutje nauwelijks voor hun ploeggenoot onder en toen de Amerikaanse ploeg, drie vrouwen en een man, en de Duitsers steeds vaker in de fout sprongen, was de overwinning een feit. Zestien strafpunten voor Nederland, twintig voor de VS, 24 voor de Duitsers en Ieren.

Hendrix bekende dat hij daar altijd van had gedroomd, de Duitsers verslaan in eigen huis, winnen in het walhalla van de springsport. 'Iets mooiers is er niet. Dat ik dit met mijn grijze haren nog mee mag maken.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden