ColumnWillem Vissers

Sporters zijn voorlopers en voorbeelden, zeker zwarte sporters uit Amerika

Willem Vissers artikel columnBeeld .

I can’t breathe.

Topbasketballer LeBron James draagt het zwarte shirt met dat intens droevige zinnetje, de laatste woorden van George Floyd voordat hij stierf onder de knie van een agent in Minneapolis. Sindsdien zoekt de revolutie in de Verenigde Staten naar de kier in de oppervlakte die groot genoeg is om een opening te forceren, met oplaaiend protest tegen achterstelling en institutioneel racisme.

James’ collega Stephen Curry op Instagram: ‘George was geen mens voor de agent die langzaam en met opzet zijn leven nam.’ Voormalig basketballer Michael Jordan is woedend, net als Colin Kaepernick, voorheen american footballer, nu activist. Hij stelt dat terugvechten mag. Met zijn knieling weigerde Kaepernick voor wedstrijden in de houding te staan voor het volkslied, als protest tegen politiegeweld.

Voetballer Marcus Thuram imiteerde Kaepernick zaterdag, na een doelpunt voor Borussia Mönchengladbach. Jadon Sancho scoorde voor Dortmund en trok zijn shirt uit. Op zijn T-shirt stond: Justice voor George Floyd. Zelfs de Fifa, normaal vies van politiek, prees Sancho. Nike varieerde op zijn beroemde slogan. ‘For once: don’t do it’.

Tienermeisje Coco Gauff uit het tennis verhief haar stem. Frenkie de Jong postte opnieuw de foto waarin hij en Georginio Wijnaldum de armen naast elkaar leggen als bloedbroeders, in de week na racisme op de tribunes bij FC Den Bosch. Liverpool plaatste maandag een foto van de zeer diverse selectie in een kring, alle spelers op één knie, met als bijschrijft: ‘Eenheid is kracht.’

Ook de sport herdenkt de dood van Floyd, die leidde tot massaal protest en, helaas ook, plunderend geweld. Sporters zijn voorlopers en voorbeelden, zeker zwarte sporters uit Amerika. Atleten, van wie velen alleen dankzij hun talent zijn ontsnapt aan een gevaarlijk leven. Als ze zelf geen slachtoffer zijn geweest van sociale achterstelling of racisme, hebben ze wel vrienden of kennissen met ervaringen.

Minneapolis, waar het begon deze keer, is een wat saaie stad. Liberaal. Mijn vrouw en ik wandelden een half jaar geleden oneindig door de straten, alle kanten op. Trots, omdat onze oudste zoon een half jaar studeerde aan de universiteit van Minnesota. Maar ook voelden we broeierige spanning.

Veel schreeuwende, meestal donkere mannen op straat. Scheldend in zichzelf, op een agent, op niemand in het bijzonder. Verlorenen. Veel onbegrip in het openbaar vervoer. Armoede in buitenwijken. Telkens sirenes. Politie met reflecterende brillen, vol bewapend. Intimiderend. Talloze bedelaars in portieken, ’s avonds in de vrieskou. Groepjes mannen voor supermarkt Tesco, hopend op een beetje warmte. En dit was dan een welvarend land.

Een kennis uit Minneapolis mailde dit weekeinde over de zon die weer opging boven een ogenschijnlijk nog steeds mooie stad, met een paar nieuwe waarden. Hij schreef ook over de voortdurende onderstroom van raciale spanning en het structurele gebrek aan vertrouwen van de zwarte bevolking in het politiekorps. De dood van Floyd was de vlam in het kruitvat. 

Al die vaak bevoorrechte sporters reageren nu bedroefd en woedend op de dood van de gewone man George Floyd. In het besef dat racisme diep geworteld is. En echt niet alleen in Amerika.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden