Speurder naar jong talent en onderzoeker van rondjes van 28

Opvolger van Krook werkt aan verbetering aerodynamica en materialen in schaatssport...

Voor Vancouver kan hij niets garanderen, maar Arie Koops is er vast van overtuigd dat de Nederlandse schaatsers bij de Winterspelen van 2014 meer olympische medailles zullen winnen dan de acht van Turijn.

‘In 2010 hebben we in elk geval nog Ireen Wüst en Sven Kramer, maar verder zijn er veel onzekere factoren,’ zegt de ex-schaatstrainer die afgelopen zomer in KNSB-dienst terugkeerde, als manager topsport . ‘Er is talent genoeg, maar ik kan niet voorspellen hoe snel dat doorbreekt. Ook weet ik niet hoe lang bijvoorbeeld Wennemars, Verheijen en De Jong nog rijden.’

Koops is één van de drie mannen die topsportcoördinator Ab Krook opvolgden. Hans Gootjes werkt als technisch directeur voornamelijk vanuit het bondsbureau. Wopke de Vegt staat als bondscoach langebaan op het ijs.

‘Ik doe eigenlijk alle dingen waar Krook nooit aan toekwam’, vat Koops (43) zijn functie samen. Hij is verantwoordelijk voor talentherkenning en -ontwikkeling, alsmede innovatie. ‘Op het gebied van aerodynamica en materialen valt nog veel winst te halen.’

In samenwerking met de Vrije Universiteit in Amsterdam analyseert Koops trainingsgegevens. ‘In Heerenveen kunnen we tegenwoordig de snelheden in acht verschillende baanvakken meten. Dat levert enorm veel nieuwe informatie op.

‘Wat zegt een rondje van 28? Is dat de som van vier keer 7 of van tweemaal 6,5 en tweemaal 7,5 seconden. We kunnen de snelheden in de bochten en op het rechte eind vaststellen en op grond daarvan adviezen aan de rijders geven. Hoe ze hun energie het beste kunnen verdelen.’

Hoewel de technische mogelijkheden al groot zijn, stelt Koops nog hogere eisen. ‘Om de metingen betrouwder te maken, moeten we de luchtvochtigheid en de temperatuur in Thialf constant zien te krijgen. Dan schakelen we de variabelen uit. We moeten naar een soort laboratoriumsituatie toe.’

Al sinds 1981 is Koops kind aan huis in Heerenveen. Als cios-leerling was de enige die schaatsen koos als specialisatie. Van zijn toenmalige docent Henk Gemser kreeg hij privéles. ‘Ik ben met zijn gedrevenheid besmet geraakt.’

In de periode 1986-’94 was hij conditietrainer bij de schaatsbond, met uitzondering van het seizoen 1988-’89 toen hij Leo Visser naar de Europese- en wereldtitel leidde. Ook de schaatsers Yvonne van Gennip en Jac Orie, de huidige DSB-trainer, maakten destijds deel uit van de eerste commerciële ploeg, die overigens na een jaar uiteenviel.

Koops, die vervolgens adviseur werd van de Wielerunie en de afgelopen zes jaar in het bedrijfsleven werkte, stond in 1998 ook aan de wieg van de succesvolle Sanex-ploeg van Rintje Ritsma en Marianne Timmer, al duurde dat avontuur wegens een verschil in opvattingen over de traingsaanpak slechts een halfjaar.

‘Je kunt zeggen dat ik terug ben bij mijn oude liefde’, zegt hij met enige aarzeling, want liever kijkt Koops vooruit. De piramide van het topsschaatsen wil hij de komende jaren een bredere basis geven. ‘Aan de bovenkant is de opvang goed geregeld, daar hoef ik me geen zorgen over te maken. Maar het gaat nu vooral om de aanvoer.’

Hij signaleert de suprematie van de Aziaten op de 500 meter (’We zullen ook op die afstand moeten specialiseren’) en stelt vast dat geen land kan tippen aan het niveau van de Canadese vrouwenploeg. ‘Dat heeft ook met faciliteiten te maken. Calgary is een echte trainingsbaan, Heerenveen is voor alles een recreatiebaan.

‘Als ik ‘s ochtends om acht uur langs het Abe Lenstra Stadion in Heerenveen rijd, wordt daar al geturnd en gezwommen. Thialf is dan nog niet open. Onze schaatsers trainen van vier tot acht als het publiek van de baan is en de dweilmachine een rondje heeft gemaakt. Dat bijt elkaar.

‘Ik wil optimale omstandighedenheden creëren, zodat onze toppers niet meer naar Erfurt en Berlijn hoeven uit te wijken. Ook voor Heerenveen is dat belangrijk, want daar willen ze graag de snelste laaglandbaan van de wereld zijn.’

In Heerenveen heeft Koops inmiddels ook de nationale shorttrackploeg ondergebracht. ‘Die selectie lag van de zomer helemaal op z’n gat. Nu is er weer een coach, de Canadees John Monroe, en worden er centrale trainingen gehouden. ‘Ook de langebaanrijders kunnen daarvan profiteren, want ik ben een groot voorstander van kruisbestuiving. Daarvoor hebben we nu de expertise in huis.’

De schaatsbond wil de komende jaren bewust investeren in de junioren. ‘Want dat zijn de toppers van de toekomst’, aldus Koops. Hij ontkent dat hij schaatsers in feite opleidt voor de merkenteams. ‘Nee, dat doen we niet voor de merkenteams, maar voor Nederland. Waar het om gaat is dat we in 2010 en 2014 veel medailles halen. Dat is het doel en mijn opdracht.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden