Sneijders vertrek voert mij terug naar mijn mooiste momenten als verslaggever

Nooit stak een voetballer zo goed in zijn vel als Wesley Sneijder tijdens het WK in Zuid-Afrika. Hij was een amulet van geluk, verliefd als nooit tevoren. Hij scheen bijna licht en praatte in mirakels. Hij bad via de telefoon met vriendin Yolanthe, aftellend op de rozenkrans.

Het bericht dat Sneijder stopt als recordinternational voerde me terug naar de mooiste momenten van een leven als verslaggever, naar Johannesburg, naar het WK van 2010, toen objectiviteit het zwaar te verduren kreeg omdat Nederland wegzonk in euforie, omdat de illusie leefde dat de wereldtitel voor het grijpen lag.

Zijn stoppen als international komt wat aan de late kant, want hij is al een tijdje op als topvoetballer, uitbollend in de woestijn van Qatar. Zijn afscheid stemt nochtans melancholisch, juist omdat de hedendaagse armoede in het voetbal doet verlangen naar het rijke, Sneijderiaanse leven, naar dat authentieke ventje uit Utrecht met zijn heerlijke strapatsen.

Ja, kom daar nu eens om, in tijden van de hysterische NAC-trainer Vreven, alweer naar de tribune gestuurd zaterdag tegen Feyenoord. In een normaal leven had de dokter hem al lang pilletjes voorgeschreven, maar een voetbaltrainer leidt blijkbaar geen normaal leven.

Nee, dan Sneijder, bravouremannetje, jongen uit Ondiep, praatjesmaker, nummer 10, spelbepaler, schutter en aangever, met links in zijn topdagen bijna net zo goed als met rechts. Maar ook: een mens met fouten, met het hart op de goede plek ook. Moest je zien hoe hij omging met kinderen, als het Nederlands elftal ergens optrad voor minder bedeelden. De anderen waren wat onwennig. Sneijder was een vader voor allemaal, voor de twintig minuten dat de festiviteit duurde.

Wesley Sneijder viert de 2-1 tegen Brazilië in Port Elizabeth.Beeld anp

Maar Sneijder was toch vooral de voetballer, de spelmaker oude stijl. Zijn pass, na 61 minuten en 17 seconden in de WK-finale tegen Spanje, is een apart hoofdstuk in het geheugen. Precies tussen Capdevila en Piqué door, naar de sprintende Robben, het niemandsland in. 'Jaaa, goede bal...', zei Frank Snoeks op tv, in zijn commentaar, toen ik de wedstrijd later thuis terugkeek. Het was opnieuw spannend. 'Robben op weg naar...'

Vijf seconden dromen van de wereldtitel, want Robben scoorde ook in de herhaling niet, hij schoot opnieuw tegen de teen van Casillas. Daar kon hij, Wesley Sneijder, niets aan doen. Hij was bijna de architect van de wereldtitel geweest.

Hij zat zelfs zo goed in zijn vel, toen, dat hij zijn hele omgeving goede zin schonk. Had je hem gesproken, op zo'n interviewdag in Johannesburg, dan belde je de krant en vroeg je of je alsjeblieft twee pagina's over Sneijder mocht tikken. En dan zei dat de krant dat het goed was, want in Nederland zagen ze ook dat hij een sporter was in zijn hoogtijdagen op het hoogste podium.

Ik lees het interview uit juni 2010 terug. Het ging over alles. Over voetbal, geloof en verliefdheid vooral. 'De priester en ik sms'en veel', zei Sneijder ergens. Haha. Wesley, bedankt voor het voetbalgeluk.

Reageren? w.vissers@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden