Slotseconden om nooit te vergeten

En dan – als het seizoen al voorbij is – haalt Fernandez uit en schiet hij Excelsior toch naar de eredivisie....

Rotterdam Zo’n tien seconden zit hij er al, Excelsior-linksback Ard van Peppen. Hij zit op zijn hurken, net buiten het strafschopgebied, en staart naar het gras.

11, 12, 13 . . .
De seconden tikken verder. Hij laat zichzelf maar achterover vallen. De spelers van Sparta zijn voorlopig nog niet klaar met juichen. Sparta-spits Rydell Poepon heeft twee minuten in blessuretijd de 1-0 binnengekopt. Hij heeft vervolgens zijn shirt uitgetrokken, maar krijgt het kledingstuk zo snel niet meer aan.

Alle tijd dus om nog even na te denken voor Van Peppen, die zijn handen over zijn gezicht legt. Vermoedelijk overdenkt hij de nederlaag, en vermoedelijk vervloekt hij zijn aanvaller Guyon Fernandez, die vier minuten eerder een strafschop heeft gemist – de strafschop die Excelsior naar de eredivisie had moeten brengen. Fernandez heeft de strafschop opgeëist en de bal vervolgens hoog ingeschoten. Hoog en links van de keeper – de moeilijkste manier om hem te nemen – en mis.

Sparta, dat tot dat moment niet beter of slechter is dan Excelsior, krijgt door de misser een stoot energie. Het clublied wordt door de fans ingezet, de Spartanen lijken net wat feller. Of dat meehelpt of niet, feit is dat drie minuten later, twee minuten in blessuretijd, Rydell Poepon scoort. Ergens vlak voor de Denis Neville-tribune lijkt Poepon nog niet van plan zijn shirt aan te trekken. Scheidsrechter Jack van Hulten kijkt afwisselend op zijn horloge, en naar het kluitje Sparta-spelers rond Poepon. De fans zetten het clublied nog eens in.

. . . 14, 15, 16 . . .
Op de perstribune wordt alvast geanalyseerd. Dat het natuurlijk normaal is dat Sparta met die talentvolle selectie in de eredivisie blijft.

Rydell Poepon krijgt zijn shirt weer aan, en Van Hulten geeft hem een gele kaart. Ard van Peppen krabbelt weer op. Vijf seconden later geeft zijn aanvoerder Ryan Koolwijk aanwijzingen aan zijn ploeggenoten. Hij tikt de aftrap – die in alle haast half mislukt – terug naar een van de centrale verdedigers, die de bal hoog richting het strafschopgebied van Sparta schiet.

. . .21, 22 . . .
En daar is het druk. Zeven, acht spelers van Excelsior zijn er, en acht, negen van Sparta. Iemand raakt de bal, die voor de linkervoet van Guyon Fernandez belandt.

De fanatieke Sparta-supporters op de Denis Neville-tribune zijn nog niet klaar met het clublied. Aad de Mos staat als een generaal voor zijn dug-out. Het vak met Excelsior-fans is voor het eerst stil, nog te verdoofd om hoop te hebben. Een Sparta-fan op de hoofdtribune gilt ‘nee toch, nee toch’. Een meisje schreeuwt, ter bezwering van het gevaar, zo lijkt het.

. . . 23 . . .
Fernandez raakt de bal redelijk. Keeper Cor Varkevisser kijkt over zijn linkerschouder en ziet het net bollen. De fatalistische Sparta-fan zegt: ‘ja hoor, ja hoor’.

Natte douche
‘Excelsior-trainer Alex Pastoor is kletsnat. Zijn spelers hebben hem gejonast onder de douche. Hij laat de analyses voor wat ze zijn. Hij heeft belangrijker dingen te doen, zoals veel bier drinken. En dus stormt hij terug de kleedkamer in, terwijl Aad de Mos achter hem een ingewikkeld en lang antwoord geeft op de vragen of hij doorgaat als trainer van Sparta.

‘Dit is vooral doodzonde voor Sparta’, zegt De Mos, die begin april de ontslagen Frans Adelaar is opgevolgd. Of De Mos blijft, is een zaak voor de Raad van Commissarissen, die volgende week vergadert. De raad zal zich nog het hoofd breken over de vraag hoe het mogelijk is dat Sparta is gedegradeerd met al het talent dat het volgens vriend en vijand tot zijn beschikking heeft. Strootman, Falkenburg, Viergever, Koenders, Bodul, Poepon – ze worden allemaal in verband gebracht met grotere clubs.

Hoe kon het dat een team met al deze spelers het heeft laten aankomen op de nacompetitie – daar waar zoveel meer afhangt van geluk en toeval, en zoveel minder van kunde?

De spelers van Sparta komen de volgende weken op de transfermarkt, tegen actietarieven – ofwel omdat ze weg moeten, ofwel omdat ze weg willen. In het bestek van een paar seconden veranderen vele voetballevens.

‘Dit is wat voetbal zo mooi maakt’, zegt De Mos grootmoedig, terwijl achter hem linksback Ard van Peppen, met zijn hoofd in zijn handen richting kleedkamer loopt, waar om een of andere reden de zomerhit van Sabrina uit 1987 is ingezet: Boys, boys, boys/I’m ready for the good times

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden