Selinger: ‘In Polen ruik ik de keuken van oma’

De wortels van de Selingers liggen in Krakow. Maar Avital moet over een onzichtbare muur springen om het spoor te volgen van vader Arie. ‘Het is tijd mijn gezin te tonen waar mijn roots liggen.’

Als de perschef van het EK volleybal in Lodz Avital Selinger vraagt of hij ook kan antwoorden in het Pools, zegt de bondscoach van het Nederlandse vrouwenteam in het Engels: ‘Dan heb ik eerst een paar biertjes nodig.’ Er is vooral moed nodig om terug te keren naar het land waar zijn Poolse opa Chaim werd vermoord in het concentratiekamp Ausch-witz.

De wortels van de joodse familie Selinger liggen in Krakow. Maar Avital Selinger moet eerst over een onzichtbare muur springen om het spoor te volgen van zijn vader Arie, die als kind de naziterreur in Bergen-Belsen overleefde. ‘Ik heb Mauthausen en Dachau bezocht, daarna heb ik telkens een excuus gevonden om de concentratiekampen te mijden’, zegt de 50-jarige bondscoach, in het spelershotel in Lodz.

‘Ik vind het erg om toe te geven dat de rest van de wereld niet bestaat als ik een volleybal zie. Het is mijn kracht, want je kunt me nooit afleiden. Maar het is ook mijn zwakte.

‘Ik heb twee harde schijven in mijn hoofd en een grote prullenbak, waarin ik herinneringen weggooi en ze soms weer opvis. Het is tijd om mijn gezin te laten zien waar mijn roots liggen, in Polen, waar ik op bijna elke straathoek de keuken van mijn oma ruik.’

De eerste confrontatie in de jaren tachtig was schokkend, aldus Selinger. ‘Alsof ik naar de oorlogsfilm Schindler’s List keek. Polen was een ouderwets Oostblokland, alles was grauw en grijs. In 2004 kwam ik met het Nederlandse team na twee decennia weer terug.

‘Ik zat aan tafel, deed mijn ogen dicht en proefde in gedachten de gerechten van oma Lina. Iedereen in onze kibboets kwam uit Polen, alle grappen gaan over Polen. Die beelden komen nu weer terug.’

Het was de tragiek van zijn grootouders dat ze halverwege de jaren dertig juist terugkeerden naar Polen. Selinger: ‘Ze waren al geëmigreerd naar Israël, maar het was een hard bestaan in de toenmalige Britse kolonie. Mijn opa had zijn bedrijven in Polen. Hij was in Krakow succesvol als aannemer en bezat diverse huizen.

‘De familie van mijn oma bleef wel achter in Israël. Mijn grootouders moeten het antisemitisme hebben gevoeld in Polen. Maar ze hebben de tragedie van de Shoah nooit kunnen voorzien.’

Selinger verontschuldigt zich. ‘Ik heb dezelfde vragen als jij. Hoe kon het gebeuren? Ik heb er met Arie nooit over gesproken. Ik zei laatst tegen mijn vrouw: vreemd dat ik er zo weinig van weet. Het past bij de generatie van mijn vader dat ze niet over hun oorlogsverleden praten. Nu ik word geconfronteerd met vragen van mijn kinderen besef ik dat ik gaten moet dichten in mijn geheugen.’

Bij de familie van zijn moeder hoeft Selinger niet aan te kloppen. ‘Zij hebben het verleden helemaal weggedrukt. Hoewel ook van mijn moeders kant iedereen uit Polen kwam, wilden ze na de oorlog niets meer weten van hun vaderland. Ze hebben zelfs geen woord Pools meer gesproken, het is een vorm van zelfhaat. Alleen aan hun gedrag, hun accent en de manier van koken herken je hun Poolse achtergrond. Polen hangt sinds de Tweede Wereldoorlog als een donkere wolk boven ze.’

Het leidde tot een bizar schisma in Ein Hamifratz, het oog van de bij, de kibboets in Israël waar Avital Selinger opgroeide. ‘Een familielid emigreerde naar Amerika en heeft zijn broers nooit meer opgezocht. Tot zijn dood heeft hij Polen uit zijn leven verbannen.’

Oma Lina, de moeder van Arie Selinger, hertrouwde meteen na de oorlog, alsof ze er zo een punt achter wilde zetten. Kleinzoon Avital: ‘Ze heeft tot haar dood Pools gesproken én gedacht. Mijn stiefopa is mentaal nooit hersteld van de oorlog. Hij lachte soms, omdat ik het als klein kind van hem vroeg. Maar van binnen was hij verdoofd.

‘Hij stond ’s ochtends om vijf uur op om bij het energiebedrijf te gaan werken, ging daarna naar de synagoge en sukkelde thuis om acht uur ’s avonds in slaap. Dat ritueel herhaalde zich elke dag. Mijn oma overleed al toen ze 63 jaar was. Hij was kerngezond, maar stierf een half jaar na mijn oma. Zonder haar had opa er helemaal geen zin meer in.’

Avital koesterde de geborgenheid bij oma Lina. ‘Ze was een sterke vrouw, ze deed alles voor de familie. Mijn stiefopa volgde haar slechts. In mijn onschuld heb ik hem wel eens gevraagd waar dat nummer op zijn arm vandaan kwam en wat het betekende. Hij kon alleen maar huilen.’

Pas na zijn verhuizing naar Nederland in 1986 ontdekte Arie Selinger dat zijn vader nog tot maart of april 1945 in Auschwitz heeft geleefd. Avital: ‘Er was toen meteen een sprankje hoop bij Arie. Misschien was zijn vader wel bevrijd door de Russen en leefde hij nog ergens in Rusland.

‘Uit getuigenissen van andere kampbewoners bleek dat Chaim in Auschwitz aardappels moest schillen, hij had te eten. Hij moet sterk genoeg zijn geweest om zo lang te overleven. We weten niet hoe het is afgelopen, er staat niets zwart op wit. De conclusie is uiteraard dat hij het niet heeft gered.’

We zijn allemaal Polen, zegt Avital Selinger. Maar bijna niemand in zijn familie wil het nog weten. ‘Nu ik zelf in Polen ben, voel ik niet hun woede over het verleden. Ik ben van de derde generatie. Dit nooit meer, zeiden mijn ouders en grootouders.

‘In mijn familie hebben ze de kinderen willen beschermen door er nooit meer over te praten. Ik had gewild dat ik meer van de oorlog had meegekregen. Ik ken de verhalen uit de geschiedenisboeken, maar ik mis de gevoelens en de beleving.’

Er zijn zoveel vragen. Hoe heeft Arie Selinger Bergen-Belsen overleefd? Wat hebben zijn kinderogen gezien? Avital Selinger kan slechts gissen. ‘In de concentratiekampen ging de overlevingsdrift van mensen nog veel verder dan ze zich ooit hadden gerealiseerd. Tegelijkertijd wilden kampbewoners liever dood dan verder te leven met hun schuldgevoelens.

‘Het waren gruwelijke dilemma’s. Stel je voor dat je mensen hebt moeten verraden om te overleven. Het zijn donkere plekken in je ziel die je een levenlang met je meetorst.’

‘Mijn oma is een heldin, hoe heeft ze zich staande kunnen houden in die hel? Ik weet alleen van mijn vader dat hij voortdurend dingen moest ruilen in het kamp om sigaretten te bietsen voor zijn moeder. Als ze maar kon roken.’

Avital heeft zijn vader zojuist de hand geschud in Lodz. Arie Selinger, grondlegger van het topvolleybal bij de mannen in Nederland en op zijn 72ste nog bondscoach van de Israëlische vrouwenploeg, had zomaar een ticket geboekt om het team van zijn zoon te volgen tijdens het EK. Over de symboliek van hun ontmoeting in Polen hadden ze gezwegen.

Avital Selinger, met een weemoedige glimlach: ‘Mijn vader en ik praten alleen over volleybal. Je moet me helpen herinneren dat ik hem wil spreken over het verleden. Straks komt er weer een wedstrijd en schakel ik over naar de tweede harde schijf.’

In de sporthal zien we ook de andere kant van Avital Selinger, zijn introverte karakter, de argwaan. ‘Het komt door mijn spartaanse opvoeding. Altijd beter willen zijn dan een ander, nog harder worden, nooit je kwetsbaarheid tonen. Zo heeft mijn vader het er bij me ingepompt en ik kan het moeilijk loslaten.

‘Het is soms beangstigend. Een klein deel in mij praat met je over mijn jeugd. Verder is mijn systeem afgestemd op de volgende tegenstander. Mijn vrouw Anja heeft me geholpen anders naar het leven te kijken. Maar ik houd die trekjes van vroeger. Vergeet niet waar ik vandaan kom.

‘Ik was gewend dat gevoelens onder het tapijt werden schoven. We leefden vaak langs elkaar heen. De tijd heelt alle wonden was het motto. Mensen die met mij samenleven hebben daar last van. Ik kan heel goed alleen zijn. Twee jaar coachen in Japan en een jaar in Spanje was niks vergeleken met de eenzaamheid van vroeger. Ik werkte in Israël jarenlang in de katoenvelden. Twaalf uur per dag reed ik in mijn tractor heen en weer.

‘Ik vond het heerlijk, ik liet mijn gedachten gaan. Later kwam ik tot de ontdekking dat de helft van mijn klasgenoten een miserabele jeugd heeft gehad. Ze hebben geleden onder de dwangneurose van hun ouders dat alleen de sterksten zouden overleven. Het heeft vele levens kapotgemaakt, kinderen van oorlogsslachtoffers worstelden met enorme complexen.’

Hij is anders dan zijn vader, zegt Avital Selinger. ‘Ik kan zonder volleybal. Ik hoef niet tot mijn dood coach te blijven. Arie wel, hij heeft keuzes gemaakt in zijn leven die ten koste gingen van zijn gezin.’

Een sterfgeval in zijn familie bracht Avital tot bezinning. ‘Ik heb tot mijn 50ste geen training laten schieten voor een bruiloft of een begrafenis. In augustus speelden we de finale van de Grand Prix in Japan. Na de wedstrijd tegen Polen kreeg ik te horen dat mijn schoonvader was overleden.

‘Ik liet het even op me inwerken en zei tegen mezelf: en nu Avital, is het tijd te beseffen dat het leven niet alleen om jou draait. Het team gaat naar Taiwan en jij gaat naar huis om je vrouw en je kinderen bij te staan.’

Hij bloost bij zijn kanttekening. ‘Ik zeg dit zonder bravoure, want ik had natuurlijk wel berekend dat het precies zou passen in ons schema. Het was ook goed voor het team om ze een keer los te laten.’

Toch voelde zijn terugkeer als een bevrijding. ‘Ik moest afscheid nemen van mijn oude, starre principes om iets terug te doen voor mijn familie. Zo kwam ik bij de essentie van het leven uit. Mijn dierbaren waren aangenaam verrast, ze hadden het niet van me verwacht. Het was voor mij een enorme stap. Maar zo had ik mezelf een beetje verbeterd.’

Het is voor zijn omgeving soms om gek van te worden, beseft Selinger. ‘Ik draai dingen zo om dat alles klopt wat ik doe en zeg. Moet je weer gelijk hebben Avital, zegt mijn vrouw dan.’

Komende winter heeft Avital Selinger eindelijk de rust om zijn Poolse verleden een plaats te geven. ‘Ik coach geen clubteam meer. Voor het eerst sinds 30 jaar hoef ik zaterdag niet te winnen.’

Vader Arie Selinger moet mee op de pelgrimstocht van de familie door Polen. Avital schuift met zijn voeten over de vloer van het hotel in Lodz en zegt: ‘Arie kan het tastbaar maken voor ons. Hij kan zeggen: over deze stenen heb ik als kind gelopen. Zo was Krakow in mijn jeugd. Het is voor Arie 60 jaar geleden, maar zo houden we zijn herinneringen levend.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.