Schoonmaakactie door sherpa's in zone des doods Mount Everest

amsterdam Onder de tientallen klimmers die de komende weken de top van de Mount Everest hopen te bereiken, bevindt zich ook een gezelschap dat met een andere missie naar boven gaat....

Jaarlijks pogen tientallen klimmers uit alle windstreken de Mount Everest (8.848 meter) te bedwingen. Sinds het hoogste punt in 1953 voor het eerst bereikt werd door Edmund Hillary en Sherpa Tenzing, stonden meer dan 2.000 mensen op de top. Onder klimmers geldt de Everest als een ‘makkelijke’ berg. De iets lagere K2 in Pakistan wordt als een lastiger obstakel gezien. Toch komen ook op de Everest elk jaar weer mensen om het leven. Meer dan 200 klimmers zijn de afgelopen decennia op de berg verongelukt. Een flink aantal van de lijken ligt of bungelt nog steeds op of aan de berg – vooral in de beruchte zone des doods, de hoogte boven de 8.000 meter, waar de lucht ijl is en waar een mens slechts korte tijd kan verblijven, gebottelde extra zuurstof of niet.

Op deze hoogten gaat de Extreme Everest Expedition 2010 de komende weken achtergebleven rotzooi opruimen. Verwaaide tenten, lege etensblikken, kleding, zuurstofflessen, touwen – er zou minstens 2.000 kilo rotzooi tussen het laatste kamp en de top liggen. Een team van twintig sherpa’s (de menselijke lastdieren van de Himalaya) gaat onder leiding van Namgyal Sherpa met lege rugzakken naar boven om het vuil op te halen.

Namgyal is een oude rot. Hij stond al zeven maal op de top. Tegen persbureau Reuters vertelde hij: ‘De rotzooi lag jarenlang onder de sneeuw. Maar door het opwarmen van de aarde wordt het weer zichtbaar. Er liggen zelfs nog spullen uit de tijd van Hillary.’ Archeologie op een berg: in 1999 werd zelfs het lijk van George Mallory gevonden, een Brit die er in 1924 op weg naar de top verdween.

Er zijn al eerder schoonmaakacties op de Sagarmatha Chomolungma (de Nepalese naam) geweest, maar nog nooit op zulke grote hoogte. Bovendien zien klimmers zich anno 2010 gedwongen hun eigen afval weer mee naar beneden te nemen, op straffe van fikse boetes van de Nepalese overheid, tot zeker 3.000 euro.

Werd de Mount Everest in het verleden wel de ‘hoogste vuilnisbelt op aarde’ genoemd, door de strengere regels is de berg al een stuk schoner geworden. De Nederlandse bergbeklimmer Ronald Naar: ‘Opruimen is goed, maar volgens mij is er de laatste jaren al zo veel schoongemaakt en zijn de regels in Nepal zo streng geworden dat ik me afvraag of er nog wel iets op te ruimen valt.’

Volgens Sherpa Namgyal heeft puinruimen van de laatste meters naar de top zeker nog zin. ‘De rotzooi hindert klimmers die naar boven willen.’ Zijn expeditieleden gaan ook pogen lijken van gestorven klimmers te bergen. Namgyal: ‘Ik heb met eigen ogen vlak onder de top de afgelopen jaren drie stoffelijke resten zien liggen.’

Vooral het lichaam van één klimmer, Uwe Gianni Goltz (44), een Zwitser die twee jaar geleden op grote hoogte stierf, hoopt hij mee naar beneden nemen. Het is de wens van de familie van Goltz dat het lijk nabij het basiskamp door de sherpa’s wordt gecremeerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.