Schaatsen moet post-olympische kater wegwerken

Het schaatsseizoen kent vandaag een ongewoon begin. Geen Thialf, geen NK afstanden. Wat wel? In Enschede staat de KNSB Cup op het programma, een kwalificatiewedstrijd voor de wereldbeker.

De Lotto Jumbo-ploeg met vooraan Sven Kramer. Van links naar rechts: Sanneke de Neeling, Gerben Jorritsma, Douwe de Vries, Hein Otterspeer, Sven Kramer, Kjeld Nuis, Jan Smeekens, Wouter Olde Heuvel, Patrick Roest en Roxanne van Hemert. Beeld EPA

De omzetting heeft verschillende redenen. Schaatsen in Thialf is nog onmogelijk vanwege de grondige renovatie die afgelopen zomer in gang is gezet. En de NK afstanden is verplaatst van eind oktober naar eind december, zodat het toernooi dichter op de internationale titeltoernooien zit, begin volgend jaar. Het is de belangrijkste selectiewedstrijd voor de EK allround en de WK's (al is het niet de enige).

Door het ontbreken van nationale titels heeft de openingswedstrijd van het seizoen aan sportieve relevantie ingeboet. Elke race telt nu vijf winnaars: het aantal schaatsers dat Nederland per afstand mag afvaardigen naar de wereldbekers.

Wat de strijd voor de rijders niettemin interessant maakt, is de locatie van de eerste twee wereldbekers: Calgary and Salt Lake City. Geen schaatser haalt zijn neus op voor wedstrijden op de snelle hooglandbanen, ondanks de lange reistijd en jetlag. Het zal geen afzeggingen regenen, zoals soms gebeurt als de eerste wereldbekers in Azië worden verreden. Iedereen droomt van persoonlijke records, een enkeling zelfs van wereldrecords.

Trendbreuk

De inzet van het seizoen is duidelijk: hoe wordt de post-olympische kater van vorig jaar verwerkt? Op het ongeëvenaarde succes van Sotsji (acht maal goud) volgde een seizoen waarin slechts enkelen opnieuw uitblonken. Sven Kramer werd voor de zevende maal wereldkampioen allround en pakte goud op de 5.000 meter. Jorrit Bergsma won de 10.000 meter.

Olympisch kampioenen Ireen Wüst, Michel Mulder, Stefan Groothuis, Jorien ter Mors en verschillende leden van de succesvolle achtervolgingsploegen voldeden om uiteenlopende redenen niet aan de hoge verwachtingen, net als een behoorlijk aantal schaatsers dat beslag legde op olympisch zilver en brons: Jan Smeekens, Jan Blokhuijsen, Ronald Mulder, Lotte van Beek en Carien Kleibeuker.

Sterke olympische prestaties gevolg door matige post-olympische prestaties: het was een trendbreuk van formaat. In het verleden was het vaak omgekeerd; matige Winterspelen gevolgd door een post-olympisch goldrush.

Van de belangrijkste gouddelvers, Kramer en Wüst, lijkt de 29-jarige Fries dit jaar de meeste kans te hebben op meer succes. Anders dan vorig jaar, toen zijn voorbereiding werd verstoord door twee operaties aan zijn luchtwegen, heeft hij in de aanloop naar deze winter geen noemenswaardige gezondheidsklachten gekend.

Irene Wüst. Beeld ANP

Hersenschudding

In zijn tweede seizoen onder trainer Jac Orie probeert Kramer zich opnieuw te bekwamen in de 1.500 meter, het koningsnummer van de allrounders. Vorig jaar slaagde hij niet in die ambitie. Hij moest zelfs vanwege een gebrek aan conditie zelfs de 10.000 meter laten schieten bij de WK afstanden. Op welke afstanden hij zich in februari richt, bij de titelstrijd in het Russische Kolomna, laat hij afhangen van zijn prestaties in de eerste wereldbeker-cyclus.

De voorbereiding van Wüst, die afgelopen winter voor het eerst sinds 2009 geen mondiaal goud veroverde, is allerminst vlekkeloos verlopen. Bij een val van een fiets liep ze in de zomer een lichte hersenschudding op. Die verstoorde haar voorbereiding flink.

Maar ook de keuze op de ploeg van Marianne Timmer al na een jaar te verlaten en een eigen team op te zetten, heeft Wüst energie gekost. Team4Gold zit zonder sponsor en draait voor een deel op het spaargeld van de gedreven 29-jarige Brabantse. Bedrijven staan niet te dringen om de meeste gelauwerde olympische wintersportster bij te staan.

Wie de bestaande schaatsploegen graag wilde inlijven, was Jorien ter Mors. Hoewel de olympisch kampioene op 1.500 meter vorig seizoen noodgedwongen oversloeg vanwege oververmoeidheid, is het geloof in haar gave ongeschonden. De 25-jarige Enschedese sloeg drie aanbiedingen af, vooral omdat de langebaancoaches haar wilden weghalen van het shorttrack. Ze bleef voor minder geld liever trouw aan haar shorttrackercoach Jeroen Otter, de man achter haar succes in Sotsji.

Concurrentie in eigen land

Wat Ter Mors fysiek aankan, is nog steeds de vraag. Maar ze heeft in trainingswedstrijdjes op de 500 en 1.000 meter al opmerkelijk hard gereden. Hoewel ze van plan is langebaan en shorttrack te combineren, en dus een beperkt aantal wedstrijden zal rijden op de 400 meterbaan, lijkt zij in staat de bestaande orde overhoop te halen. Opnieuw.

Zullen andere schaatsers ook in staat zijn de vele vertrouwde gezichten de stuipen op het lijf te jagen? (In Enschede is zelfs de 38-jarige Bob de Jong van de partij, 21 jaar na zijn seniorendebuut). Sven Kramer vreest van niet. Hij klaagde deze week dat jongeren het vak van topschaatser te licht opvatten en niet hard genoeg willen trainen om de wereldtop te bereiken.

Als dat waar is, bewijzen de jongeren zichzelf een slechte dienst. Want het is sinds vorig jaar moeilijker geworden om internationaal te slagen als schaatser. Het aantal rijders dat per land mag meedoen aan titeltoernooien is door de ISU van vier teruggebracht tot drie, terwijl de concurrentie in eigen land allerminst is afgenomen.

Als het startschot voor KNSB Cup vanmiddag in Enschede klinkt, staat één ding al vast: deelnemen aan een wereldbeker is voor de meeste schaatsers het hoogst haalbare.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.