VooruitblikSalt lake City

Schaatsen in Salt Lake City is dromen van records

Donderdag beginnen de WK afstanden in Salt Lake City. De Olympic Oval staat bekend als een snelle baan. En dus hopen schaatsers niet alleen op wereldtitels, maar ook op wereldrecords. 

Kjeld Nuis naast zijn records op de 1000 en 1500 meter in 2019. Beeld International Skating Union via

Ireen Wüst bedoelt het niet arrogant, zegt ze er nadrukkelijk bij, maar als ze wil weten hoeveel titels ze heeft gewonnen in haar carrière moet ze haar Wikipediapagina raadplegen. Over wat nog ontbreekt op haar palmares hoeft ze minder lang na te denken: een wereldrecord. ‘Dat er niemand in de wereld sneller is geweest dan jij, ja, dát lijkt me nou echt een gaaf idee.’

Op de WK afstanden, die vandaag in Salt Lake City beginnen, draait het om titels, maar ook om wereldrecords. Niemand zegt het liever hardop, maar als er vorig jaar één ding duidelijk werd bij de wereldbekerfinale is dat er magische barrières geslecht kunnen worden in Salt Lake City. Dankzij de ligging van de baan op 1.425 meter hoogte is de luchtweerstand minder; schaatsers snijden er als het ware doorheen. Het is een garantie voor toptijden. Negen van de tien wereldrecords op de traditionele afstanden werden gereden in Salt Lake City.

Twee keer mocht Kjeld Nuis in de Utah Olympic Oval, dat als leus ‘Fastest Ice on Earth’ heeft, zijn naam op het bord van wereldrecordhouders schuiven. Vorig jaar bij de WB-finales was hij de snelste op de 1.000 en 1.500 meter. ‘Noem het kinderachtig’, zegt hij, ‘maar het allermooiste vond ik die vlammen op het scorebord. Die kende ik van eerdere records. Nu stond opeens mijn naam daar te flikkeren. Dat was zo’n ongelofelijke kick.’

Nuis kende een rommelige aanloop richting de WK afstanden, door ziekte en gekrakeel rondom zijn aanwijsplek voor het toernooi. Of hij de topvorm heeft voor een wereldrecord is de vraag, al was zijn voorbereiding vorig jaar ook niet vlekkeloos geweest. Eenmaal in Salt Lake vloog hij over het ijs. Na afloop sprak hij van een langgekoesterde wens. ‘Hoppa, die kan ik afvinken.’

In veel andere sporten, zoals het wielrennen (werelduurrecord) of de atletiek, maken wereldrecords doorgaans deel uit van een masterplan. In het schaatsen gebeurt dat niet. Het moet je als het ware overkomen is de heersende opvatting. Vandaar ook dat velen stilletjes dromen van een wereldrecord. ‘Het is heel aanlokkelijk om aan zo’n record te denken. Maar uiteindelijk moet je accepteren hoe goed je bent en hoe de omstandigheden zijn op die dag’, zegt Ted-Jan Bloemen. Hij reed in Salt Lake City wereldrecords op de 5 en 10 kilometer.

Eigen kracht, eigen race

Wüst geeft als voorbeeld haar 1.500 meter van vorig jaar in de Utah Olympic Oval, toen ze weliswaar onder het toenmalige wereldrecord reed, maar Miho Takagi en Brittany Bowe nog veel sneller waren. ‘Alles was toen perfect’, zegt ze. ‘Het ijs, de luchtdruk, alleen ikzelf was niet perfect. Dan houdt het op.’

Een ideaal scenario bestaat volgens haar niet. ‘Als je namelijk wel van een ideaalplaatje uitgaat, rit 8 in de buitenbaan tegen Shikhova, ik noem maar wat, en het wordt rit 10 in de binnenbaan tegen Bowe, dan ben je al verloren. Je moet uitgaan van je kracht. Je eigen race rijden. Met je eigen plan.’

Dat zal ze zondag, als de 1.500 meter op het programma staat, ook weer doen. Het is alweer bijna 21 jaar geleden dat een Nederlandse vrouw een wereldrecord reed. Op 20 maart 1999 was Annamarie Thomas in Calgary op de 1.500 meter 's wereld snelste. Of Wüst in haar voetsporen treedt, moet blijken. Met 1.51,99 moest ze vorige week in Calgary ruim anderhalve seconde toegeven op wereldrecordhoudster Miho Takagi. Het lijkt een onoverbrugbaar verschil, maar ze presteert het beste als de druk extreem hoog is. ‘Zo is het altijd gegaan’, zei ze vorige week.

Records waarbij een bepaalde grens doorbroken moet worden, spreken het meest tot de verbeelding. Takagi snelde vorig jaar als eerste vrouw onder de magische grens van 1.50: 1.49,84. Een paar jaar eerder was het Pavel Koelizjnikov al eens gelukt om de 500 meter onder de 34 seconden te duiken. Hij scherpte vorig jaar in Salt Lake City het wereldrecord aan tot 33,61. Huidige records met een magische grens zijn de 5 kilometer bij de mannen (6.01,86) en de 1.500 meter bij de mannen (1.40,17).

Volgens Kramer moet degene die de 5 kilometer wil winnen donderdag een wereldrecord rijden. En Nuis? Kan hij onder de grens van 1.40 duiken? Vorig jaar moest hij vanwege de hoge snelheid die hij ontwikkelde in de laatste bocht met zijn hand naar het ijs. ‘Als ik die misser niet had gemaakt, was het gelukt. Ik dacht ook meteen: daar gaat die 1.39. Maar goed, die misser maak ik niet voor niets. Ik had alles gegeven, zag letterlijk dubbel. Ik begon ook te denken. Zo van: laatste bocht, nog één keer aanzetten. Dat is nooit goed Je moet gewoon blijven bewegen, doorglijden. Waarschijnlijk was het dan wel gelukt om onder die 1.40 te duiken.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden