Ruiters steken dressuurdiva naar kroon

Ongelooflijk. Verbijsterend. Abnormaal. De leden van de Nederlandse springploeg konden donderdagavond geen andere woorden vinden om de gevoelens te beschrijven na hun machtsvertoon in de finale van het WK-landentoernooi in Aken....

Het kostte Jeroen Dubbeldam, Gerco Schröder, Piet Raymakers en Albert Zoer na hun verrassende greep naar de wereldtitel veel moeite te geloven dat ze niet droomden. Ze waren naar Aken getogen om enigszins in het spoor te blijven van Duitsland, de gedoodverfde wereldkampioen. Hoger wilden de pupillen van bondscoach Rob Ehrens de lat niet leggen. En dan ineens goud, het eerste goud voor Nederland in de geschiedenis van het mondiale titeltoernooi.

Verbazingwekkend was het niet dat het nationale viertal zich in de aanloop naar het vierjaarlijkse festival oefende in bescheidenheid. Ze zouden hun best doen, maar konden niets beloven. Zelfs een onverbeterlijke optimist als Rob Ehrens, de dienstdoende bondscoach, hield zich in de voorbeschouwingen op de vlakte. ‘Ik geloof niet in sprookjes.’

Van optimist tot ongelovige. Hoe kan het ook anders. Sinds de Spelen van 2000 in Sydney, waar Jeroen Dubbeldam met zijn intussen gepensioneerde schimmel De Sjiem goud won en Albert Voorn, ook met pensioen, zilver dolf, raakte de Nederlandse springsport gevangen in een neerwaartse spiraal. In landenwedstrijden werd nederlaag op nederlaag gestapeld. Inderdaad om moedeloos van te worden.

Vooral in de Super League waren de prestaties onder de maat. Wat Ehrens ook ondernam en hoe hij zijn A-selectie ook inrichtte, de balken bleven vallen in deze prestigieuze competitie voor de beste acht springlanden ter wereld. Vorig seizoen lag het spook van de degradatie naar de internationale kleuterklas voortdurend op de loer en ook nu dreigt de nieuwbakken wereldkampioen zijn positie in het elitegezelschap te verspelen.

De springsport kachelde achteruit en boette aan populariteit sterk in. En dat terwijl de paardensport in zijn algemeenheid juist groeide en bloeide. Uit een recent onderzoek van de hippische sportbond KNHS kwam naar voren dat het aantal beoefenaars van de paardensport sinds 2000 met zestien procent is gestegen naar 456 duizend. Een groei die in belangrijke mate te danken was aan meisjes en jonge vrouwen.

Die trokken massaal naar maneges om hun grote idool Anky van Grunsven na te volgen en niet om in de voetsporen te treden van die andere olympische kampioen, Jeroen Dubbeldam. De springsport raakte meer en meer uit de gratie, en de dressuur deed er zijn voordeel mee. De tribunes stroomden vol bij optredens van Van Grunsven en haar volgelingen in de nationale equipe. Het aandeel van vrouwen in het ledenbestand van de KNHS steeg tot tachtig procent.

Hoe in vredesnaam het tij te keren? Ehrens en zijn superieuren bij de KNHS verzonnen noodgreep op noodgreep. Er werden maandelijkse praatsessies belegd en de ruiters kregen mental coaches op zich afgestuurd. Die peperden hun doorgaans eigengereide pupillen in dat ze hun individuele belangen en die van de eigenaars van hun paarden ondergeschikt dienden te maken aan het belang van het collectief. Leve het oranjegevoel.

Een en ander zal enigszins hebben bijgedragen aan het in Aken behaalde succes, maar het aandeel van Ehrens was zonder twijfel vele malen groter. De Limburger, die eind jaren zeventig met toppers als Oscar Drum en Koh-I-Noor Nederland als springland op de kaart zette, was zo slim individualisten op een zijspoor te zetten en zijn selectie te versterken met teamspelers als de immer enthousiaste routinier Piet Raymakers en Dubbeldam, de ‘gouden’ ruiter bij de Spelen in 2000.

Met Raymakers en Dubbeldam als bondgenoten was het voor Ehrens mogelijk in de weken voor de wereldtitelstrijd een hecht collectief te smeden. De ruiters beloofden dat ze samen zouden werken aan een glorieuze comeback, te beginnen in Aken. En zo geschiedde het ook.

Het eerste goud werd donderdagavond laat binnengehaald, met overmacht nog wel en met een ongedacht grote voorsprong op toplanden als Duitsland en de Verenigde Staten. Intussen zit het tweede goud er ook al aan te komen. Gerco Schröder is in de strijd om de individuele wereldtitel opgerukt naar de tweede plaats en zit de Amerikaanse amazone Madden op de hielen. Maar ook Dubbeldam en Zoer hebben nog uitzicht op een medaille.

Vanmiddag zal het Nederlandse drietal in de halve finale van het titelgevecht ongetwijfeld aanstalten maken zich te plaatsen voor de finale, waarin de beste vier deelnemers met elkaars paarden over de oxers moeten zien te springen. Dat lijkt het Nederlandse drietal wel toevertrouwd, zeker nu het zelfvertrouwen door het landengoud van nul is gestegen naar honderd.

Nog even en pirouettekoningin Van Grunsven moet vrezen dat ze het rijk niet langer alleen heeft.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden