NieuwsZwemmen

Rugslagzwemster Toussaint zet met wereldrecord streep door rampjaar

Kira Toussaint heeft zaterdag bij kortebaanwedstrijden in Boedapest een wereldrecord gezwommen op de 50 meter rugslag: 25,60. 

Kira Toussaint viert een overwinning in 2019. Dit weekend zette ze een wereldrecord neer bij kortebaanwedstrijden in Boedapest.Beeld Hollandse Hoogte / AFP

Twee jaar geleden voelde Kira Toussaint zich een halve drenkeling. Ze was uit het zwembad gejaagd door een ‘vals-positieve’ uitslag van een verkeerd uitgevoerde dopingtest bij de WK kortebaan in China. Zaterdag was de grootste dag uit de loopbaan van de rugslagzwemster uit Amsterdam. In Boedapest, in de bubbel van de International Swimming League ISL, glorieerde zij met een wereldrecord op de 50 meter rugslag kortebaan.

Ze noemde dat ‘bizar’. Betere woorden kon zij even niet bedenken. Het besef dat nog nooit iemand 50 meters op de rug sneller had gezwommen moest nog indalen. Grappig genoeg zei Toussaint dat ze al weer bezig was met dag 2 van de halve finales van de ISL. Dat heet taak- en procesgericht in de topsport. Altijd vooruitkijken, niet te lang genieten, al werd zij in elke ruimte van het zwemmershotel met applaus en gejoel begroet.

Toussaints onwaarschijnlijk snelle reactietijd bij de starttoeter, minder dan een halve seconde (0,48), en haar twee uitzonderlijke onderwaterfases brachten haar zaterdagmiddag van blok via muur naar de aantikplaat in 25,60 seconden. Dat was zevenhonderdste sneller dan de oude toptijd van de Braziliaanse Etienne Medeiros in 2014, bij de WK in Doha.

Het was de recordtijd, waar de Nederlandse in het Duna-zwemstadion al enkele weken op joeg. Tweemaal kwam zij tot 25,75, vingerlengtes afstand van een nieuw record. Ze zag er al snel van af om, als gepland, op 2 november naar Amsterdam, naar trainer Mark Faber, terug te keren. In de afgesloten Hongaarse zwemmersbubbel, met geen enkele afleiding buiten het trainen, racen, eten en slapen, is zij als een vis in het water. Ze wordt ook telkens groot aangekondigd door de Engelstalige commentatoren die het afwezige publiek bijlichten over de races in het 25-meterbad.

Amerika

De huidige Kira Toussaint is feitelijk een Amerikaanse zwemproduct. Ze leerde daar tussen 2012 en 2016 nieuwe technieken voor de rugslag. Ze vertelde in het verleden van de lessen van coach Matt Kredich. ‘Ik lag voor de rugcrawl in het water alsof ik borstcrawl deed, maar dan op de rug. Te vlak. Ik drukte de borst naar buiten. Maar de borst moet juist naar binnen. Je probeert, zegt Kredich, een kano van jezelf te maken’, vertelde ze vorig jaar, voordat ze Europees kortebaankampioen werd in Glasgow.

Er was ook de verbeterde onderwatertechniek. Ze ging van puur op de rug liggend naar een zijligging, als een vis, afgekeken van de wisselslagtopper Ryan Lochte. Ze noemde het de Tennessee-kick, naar de universiteit waar ze deze techniek aanleerde. De speciale kick heeft zijn voordelen, omdat het water naar opzij wordt geduwd, niet naar beneden waarna het weer naar boven botst.

Mantra's

Dan waren er nog de mantra’s die Toussaint zichzelf inprent bij het zwemmen van de 50, 100 en 200 meter rugslag, de afstanden die zij in Boedapest namens het Britse team London Roar voor de rekening neemt. Op de videobeelden van onder het startblok geschoten was zaterdag weer te zien dat ze ‘jump, jump’ lispelt. Onder water zegt ze in het Nederlands: aanvallen. Bij het bovenkomen juist voor de 15-meterlijn, de break-out, is het ‘relax’. In de laatste meters dreunt er door het hoofd ‘big, big’. De slagen moeten groot zijn, het lichaam moet als het ware opgerekt worden voor de ideale aantik.

Dat alles slaagde zaterdag in 25,60 seconden. De relatief kleine zeemeermin, zij mist met haar 1.74 best wat centimeters tegenover de collega’s, voegde zich na zestig jaar in een rij Nederlandse wereldrecordhouders op de rugslag. In 1960 was Ria van Velsen, in het bad van Maastricht, de laatste Nederlandse die zo’n record achter de naam mocht schrijven. Dat was 1.10,9 op de 100 meter, in het 50-meterbad, met maar één keerpunt derhalve. In die tijd waren er geen onderwaterfases. Onder water verkeren, later ontdekt geheim, bevordert de snelheid van de zwemmer. Daar werden later grenzen aan gesteld. Vijftien meter duikboot spelen is maximaal.

Het fraaie vertoon van Toussaint, dochter van olympisch rugslagkampioen Jolanda de Rover (Los Angeles 1984, 200 meter), past in de traditie van het Nederlandse zwemmen. Daar hebben de vrouwen altijd meer tot de verbeelding gesproken dan de mannen, Pieter van den Hoogenband en Marcel Wouda uiteraard uitgezonderd. Inge de Bruijn zwom in 2000 acht wereldrecords in drie maanden; op de nummers 50 en 100 meter vrije slag en 50 en 100 meter vlinderslag.

In de jaren 2007, 2008 en 2009 werd ze op dat vlak gevolgd door Marleen Veldhuis die ook wereldrecords (kortebaan en langebaan) vestigde op de sprintnummers. Ook de estafetteploeg 4x100 meter vrije slag, het gouden kwartet met Inge Dekker, Ranomi Kromowidjojo, Femke Heemskerk en Veldhuis, vestigde op die internationaal fel beconcurreerde afstand tal van wereldrecords.

Kromowidjojo was in 2017, bij de wereldbeker in Berlijn, vooralsnog de laatste Nederlandse met een wereldrecord. Op de kortebaan was zij de eerste vrouw die dat in minder dan 23 seconden deed: 22,93. Zaterdag mocht zij Toussaint feliciteren die zei dat ze vooral floreerde met het teamzwemmen. Dat clubgevoel was ze gewend geraakt uit haar Amerikaanse collegetijd. Zondag ging London Roar nog eens uit de plaat met een wereldrecord: dat van de Brit Adam Peaty op de 100 meter schoolslag.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden