Rugbyspeler moet klappen kunnen incasseren

Rugbybondscoach hoopt dat het WK in Parijs nieuwe Nederlandse leden oplevert...

Van onze verslaggever John Volkers

De Thalys, de hogesnelheidstrein naar Parijs, is deze weken zijn toegangsweg tot het beste rugby van de wereld. Erik Hengeveld, bondscoach van de Nederlandse rugbybond NRB, spoort zodra de agenda het toelaat naar het Stade de France, het centrale podium van het WK.

Hij is een liefhebber die zich, in elk uur dat hij kan vrijmaken, bezighoudt met de versterking van het Nederlandse rugby. Wil hij met zijn vijftiental ooit bij zo’n prestigieus WK-toernooi aanwezig zijn, dan zal er veel moeten gebeuren, zeker aan de basis.

De reden van die voorlopige afwezigheid is volgens Hengeveld simpel. ‘Rugby is nog geen grote sport in Nederland. We hebben 7700 leden en streven, voor 2012, naar een verdubbeling. Met ons nationale team horen we niet bij de beste 20 van de wereld. Daar moet je bij horen om op het WK met zijn vier poules van vijf te komen.

‘Wij staan op de wereldranglijst tussen plek 40 en 50. Onze beste klassering was 22. Dat was in 1998. Toen hebben we een aantal jaren behoorlijk gepresteerd, beter dan nu. We bereikten destijds de laatste kwalificatieronde.

‘We troffen toen het grote Engeland en Italië als tegenstanders. Dat was met de befaamde nederlaag in Huddersfield tegen de Engelsen (110-0). Wij haalden nog de herkansing tegen Zuid-Korea, maar daar kwamen we niet doorheen.

‘Het WK van 2003 hebben we bij lange na niet gehaald. En voor dit WK werden we in de poule verslagen door Spanje, dat later Portugal voorrang moest verlenen. Portugal moet in dit WK grote nederlagen incasseren. Ze hebben, net als wij, 830 kilo in de scrum, tegen 915 bij de grote landen.

‘De WK-kwalificatie is in rugby een raar systeem. Eerst spelen de mindere landen tegen elkaar: de E-landen, waar rugby net van de grond komt, en de D-landen. Wij zijn een C-land. Voor ons beginnen de voorronden van het WK van 2011 al in 2008. Het is een lange weg. We kennen onze poule nog niet, maar ik reken op tegenstanders als Tsjechië, Oekraïne, Duitsland en België.’

Het WK wordt door de NRB aangegrepen om propaganda te maken voor de sport. Er is een partner, de NOS. Die zendt samenvattingen uit. De finale, op 20 oktober, komt zelfs live op tv.

Nederlands rugby is zelden te zien op tv. ‘In Frankrijk is rugby een grote, professionele sport geworden, toen er een conflict was over tv-rechten in het voetbal en de nationale omroep koos voor rugby. Toen het Nederlandse voetbal bij de NOS verdween, kregen wij Engels voetbal. Wij gaan voor de kijkcijfers, zei de man van de NOS die met ons naar Parijs reisde.

‘Wij van het Nederlandse rugby moeten bescheiden zijn. Wij zijn amateurs, maar mondiaal is dit een van de grotere teamsporten. Met één manco: dit kun je niet bij de Olympische Spelen doen. Daarvoor is zo’n toernooi fysiek veel te belastend. Daarom duurt dit WK zes weken.’

Gedurende die anderhalve maand worden Nederlandse rugbyclubs aangespoord werk te maken van ledenwerving. ‘We zoeken vooral jongeren, op de scholen. Het is leuk om mannen van 25 jaar de stap naar rugby te zien maken, maar als bondscoach heb ik daar niets aan. Na je 20ste leer je niets meer. Wij zoeken jong talent.’

Hengeveld is naast talentencoördinator de verantwoordelijke man voor het nationale team. ‘Na de uitschakeling voor dit WK is een heel stel spelers gestopt. We zijn daarom nu bezig met een jonge ploeg. Die heeft twee, drie jaar nodig om zich te ontwikkelen.

‘Voor rugby moet je volgroeide spelers hebben, 25 is de leeftijd dat het echt kan beginnen. Rugby is fysiek heel moeilijk. Een bokser heeft één tegenstander, die staat recht voor hem. Een rugbyer wordt van alle kanten belaagd. Hij kan de bal niet weggooien en wegrennen. Hij moet de klap opvangen. Anders hoor je in deze sport niet thuis.

‘Bij rugby loop je constant tegen elkaar aan, je lichaam moet heel goed kunnen herstellen van al die kleine opdonders die je continu krijgt. Schouder tegen dijbeen, schouder tegen rib. Je moet een heel sterk middenrif hebben. Voor 80 minuten zuivere speeltijd in een hoog tempo wordt fitheid gevraagd. Je kunt niet zeggen: ik ga een tijdje linksachter staan en mezelf verbergen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden