Rugby Nederland - Portugal

Rugbyers verliezen dik van Portugal, maar zijn wel live op tv

Het niveau van het Nederlands rugbyteam stijgt. Toch was het zaterdag kansloos tegen Portugal. Maar bondscoach Gilbert ziet meer dan de uitslag: bomvolle tribunes en rechtstreeks op televisie. ‘Geweldig toch?’

Spelmoment uit de wedstrijd Nederland - Portugal zaterdag in Amsterdam. Beeld Jiri Büller / de Volkskrant

Zwaar teleurgesteld stapt Jasey van Kampen zaterdagmiddag van het veld. Terwijl de zweetdruppels nog van zijn gezicht druipen, zoekt de 20-jarige debutant onder de tribunes van het Nationaal Rugbystadion in Amsterdam naar een verklaring voor de nederlaag tegen Portugal

(5-18), waardoor Nederland promotie van de Europe Trophy (derde niveau) naar de Europe Championship (tweede niveau) zo goed als zeker kan vergeten. ‘We slaan niet toe op cruciale momenten’, zegt hij afgemeten.

Een overwinning op Portugal, dat Nederland op weg naar promotie de afgelopen jaren al twee keer eerder dwars zat, had de beloning moeten zijn voor het beleid dat de bond tien jaar geleden uitstippelde. Die richtte zes regionale academies en een nationaal trainingscentrum in Amsterdam op, met als doel de grootste talenten eruit te pikken en het niveau van het Nederlands team op te krikken.

Niveau gaat omhoog

De aanwas van talenten is op gang gekomen. Basisspelers Van Kampen, Kevin Krieger (20) en Siem Noorman (20) zijn exponenten van de ‘route naar de top’, zoals het opleidingssysteem heet. Het niveau van het nationale team stijgt. Al is dat ­tegen Portugal aan het resultaat niet af te meten.

Toch weigert bondscoach Gareth Gilbert alleen naar de uitslag te kijken. Aan de rand van het veld plaatst de Zuid-Afrikaan de wedstrijd in breder perspectief. Hij wijst op de bomvolle tribunes (3.500 toeschouwers). ‘Uniek voor deze sport in Nederland.’ En op het feit dat een wedstrijd van het Nederlands rugbyteam voor het eerst live te zien is op televisie. Ziggo is met meerdere camera’s aanwezig. ‘Geweldig toch?’

Rugby wint aan populariteit in Nederland. De bond telt meer dan 16 duizend leden. Ter vergelijking: in 2014 waren dat er nog 12 duizend. De toekomst ziet er rooskleurig uit. Al is het voor de sport van wezenlijk belang dat het nationale team een keer naar de Championship promoveert, wil zij echt stappen vooruit maken.

Hoe hoger Nederland speelt, hoe interessanter de sport voor sponsoren is, weet Gilbert, die aan het eind van het seizoen na drie jaar stopt als bondscoach. En geld is nou net het probleem. Nederlandse clubs kunnen niet concurreren met de kapitaalkrachtige clubs in Engeland, Frankrijk en Schotland. De grootste talenten vertrekken naar het buitenland.

‘Het liefst hebben we ze in onze eigen competitie, maar voor hun ontwikkeling is het beter dat zij naar het buitenland gaan’, zegt Joost Takken, bestuurslid topsport bij de rugbybond. ‘Uiteindelijk profiteren we er met de nationale ploeg ook van als de spelers beter worden.’

Leven van rugby

Van Kampen is daarvan een sprekend voorbeeld. De voormalig jeugdspeler van de Haagsche Rugby Club (HRC) doorliep het opleidingstraject van de bond voordat hij anderhalf jaar geleden via Zuid-Afrika een contract tekende bij het Franse Aurillac. In tegenstelling tot de internationals die in de Nederlandse competitie spelen, kan hij leven van zijn rugbybestaan.

Van Kampen, klein van stuk maar zo breed als een kledingkast: ‘De academie is voor mij heel belangrijk geweest. Maar om me verder te ontwikkelen moest ik naar het buitenland. Ik speel op het tweede niveau in Frankrijk. Het is niet te vergelijken met de Nederlandse competitie. Ik ben zo’n vijf uur per dag bezig met rugby.’

Van Kampen is niet het enige talent dat zijn geluk buiten de landsgrenzen beproeft. Volgens bestuurslid Takken was het aantal jeugdspelers dat voorheen naar het buitenland trok op de vingers van één hand te tellen. Tegenwoordig spelen ongeveer 25 spelers die hun opleiding in de academie of op het nationaal trainingscentrum genoten in het buitenland. Het zegt iets over het niveau van de Nederlandse talenten. De nationale teams onder 20 en onder 18 jaar spelen al in de Championship, het niveau dat het vaandelteam nastreeft.

Zover is het nog niet voor het Grote Nederland. Tegen Portugal heeft de ploeg van bondscoach Gilbert in de eerste helft moeite met de straffe, harde wind die over het kunstgrasveld van het nationaal rugbystadion waait: 0-6. Direct na rust mist Nederland de uitgelezen kans om via een try (vijfpunter) terug te komen in de wedstrijd. Van Kampen: ‘Een cruciaal moment. ‘Daar hadden we moeten toeslaan.’

Dichterbij komt Nederland niet. De degelijke Portugezen halen slim het tempo uit de wedstrijd. Een paar minuten voor tijd beslissen ze het duel definitief. De try die Kieran Hogg in blessuretijd maakt, redt enkel de eer: 5-18. Van Kampen concluderend: ‘We zitten in een overgangsfase, zijn op de goede weg maar moeten nog een aantal stappen zetten.’

Op de kalender van de bond staat het jaar 2023 al met rood omcirkeld. Dan moet Nederland voor het eerst deelnemen aan het WK. Bestuurslid Takken: ‘Er mogen nu 20 landen meedoen aan het WK. Maar er wordt gepraat over een uitbreiding naar 24 of 26 landen. Daar zouden wij dan bij moeten zijn.’ Zover wil Van Kampen nog niet vooruitkijken. ‘Laten we ons eerst focussen op promotie naar de Championship en dan pas praten over het WK.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.