quarantainedagboekdag 7

Roeier Finn Florijn over de verveling in hotel ‘Day Nice’, waar niets gebeurt: ‘Af en toe komt er een auto voorbij’

Roeier Finn Florijn bericht dagelijks over zijn wederwaardigheden in Tokio. Het hotel waarin alle besmette olympiërs worden opgesloten heet ‘Day Nice’, maar zo leuk zijn de dagen er niet: ‘Alles is hier steeds hetzelfde.’

Het schilderijtje aan de muur van de hotelkamer van Finn Florijn. Beeld Privéfoto Finn Florijn
Het schilderijtje aan de muur van de hotelkamer van Finn Florijn.Beeld Privéfoto Finn Florijn

Regelmaat en eenvormigheid dicteren de dagen bij Finn Florijn. De skiffeur zit inmiddels acht dagen in isolatie en de verveling krijgt steeds vaker vat op hem.

De omgeving helpt niet mee. Hij heeft een raam in zijn kamer dat uitzicht biedt op een paar flats en een klein riviertje. Tokio is een bruisende metropool, een dichtbevolkte wereldstad. Daarvan is weinig te merken. ‘Het is op zich een prima uitzicht, maar er gebeurt niets. Af en toe komt er een auto voorbij.’

Zijn kamer blinkt uit in onopvallendheid. Saaie muren, saaie vloer, saai plafond in nietszeggende kleuren. De enige frivoliteit is de hotelkunst aan de wand: een foto van een golfbaan met gedroogde bloemen in de hoek van het passe-partout.

Op zich een geinige vondst, de combinatie van foto en droogboeketje. Origineel is het niet. Alle kamers hebben exact dat ding aan de muur hangen. ‘Ik zag in de groepsapp filmpjes van de andere kamers. Die zijn allemaal hetzelfde.’

Na een dag of drie plakte Florijn zijn lege etenstasje tegen het glas. Met grove stiftletters staat zijn kamernummer erop: 517. ‘Iedereen heeft dat schilderij, maar niet zoals ik met mijn kamernummer erop.’ Heeft hij toch nog iets unieks.

Die prikkelarme omgeving is op zich geen groot probleem voor de 21-jarige roeier. ‘Ik ben normaal natuurlijk veel actiever, maar ik kan best goed omgaan met weinig prikkels. En ik ben veel aan het bellen, dus sociaal word ik nog wel bezig gehouden.’

Finn Florijn, toen hij nog niet in quarantaine zat. Beeld REUTERS
Finn Florijn, toen hij nog niet in quarantaine zat.Beeld REUTERS

Last van onderrug

Het hotel waar alle besmette olympiërs in worden opgesloten heet ‘Day Nice’, maar zo leuk zijn de dagen er niet. Zaterdag had Florijn last van zijn onderrug en besloot zijn dagelijkse regime vol trainingsoefeningen te verlichten. Daardoor had hij tijd over. Tijd om zich te vervelen.

‘Ik had eigenlijk moeten wandelen’, zegt hij. Dat is goed voor de rug. Maar hij had er geen zin in om die gang voor zijn kamer steeds weer op en neer te lopen. Altijd maar diezelfde dichte deuren voorbij. ‘Ik heb wel wat oefeningen voor mijn rug gedaan in mijn kamer.’

Met de stijve onderrug kan hij geen krachttraining doen. Als hij morgen dan toch wil sporten is er maar één echte optie. ‘Dan wordt het weer hardlopen in de gang. Ik hoop het niet.’

Hij klinkt minder opgewekt dan eerdere dagen. ‘Ik heb vandaag wel verlangd naar wat prikkels’, zegt hij. ‘In het begin was alles nieuw hier. Dan verbaas je je nog. Maar nu ken ik het riedeltje wel. Ik word niet meer verrast. Alles is hier standaard, alles is steeds hetzelfde.’

Maandagochtend komt er een eind aan die monotonie. Nog anderhalve dag. Florijn kan niet wachten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden