Interview Karolien en Ronald Florijn

Roeien op bananen, zo deed pa het ook

Karolien Florijn lijkt in veel op vader, tweevoudig olympisch kampioen Ronald. Maar als ze komende week in het Bulgaarse Plovdiv de wereldtitel pakt, is ze hem wat dat betreft al voorbij.

Karolien Florijn draagt de boot van de dubbelvier, waarmee ze bij de WK in Plovdiv komend weekeinde voor het goud gaat. Beeld Merijn Soeters

Toen Karolien Florijn zondag op de WK roeien haar eerste wedstrijd voer, ging de televisie van vader Ronald Florijn uit. De tweevoudig olympisch roeikampioen (1988 en 1996) kijkt niet naar de wedstrijden van zijn getalenteerde dochter.

Mocht Florijn  voor de roeibond in zijn rol als talentcoach toevallig op hetzelfde toernooi zijn, dan zoekt hij een kwartier voor haar start een rustige plek op zonder zicht op de roeibaan. Florijn weet nu al: hij blijft in zijn woonplaats Voorschoten als zijn 20-jarige dochter over twee jaar afreist naar de Zomerspelen van Tokio. ‘Eerst keek ik niet vanwege bijgeloof, maar daar ben ik vanaf’, zegt hij. ‘Inmiddels is het vooral zelfbescherming. Ik zie toch weer iets waarmee ik me wil bemoeien en dat moet ik niet doen. Vervolgens ga ik mezelf opvreten. Dan kan ik het beter gewoon niet hebben gezien.’

Voor anderen is het misschien vreemd. Voor Florijn (57) is het een simpele, doortimmerde afweging waar hij niet van afwijkt. Als roeier was hij net zo rechtlijnig. Het leverde hem vier olympische deelnames op, waarbij hij twee keer goud greep. Eerst op de  Zomerspelen van Seoul in de dubbeltwee met Nico Rienks. Daarna in de befaamde Holland Acht van Atlanta.

Eerste WK

Florijn is een van de succesvolste Nederlandse roeiers aller tijden. Via zijn dochter is de familienaam nu terug in het toproeien. Vorig jaar roeide Karolien haar eerste WK in de vrouwenacht. Nu zit ze in de dubbelvier, de boot die twee jaar geleden op de Zomerspelen van Rio goed was voor zilver. Komend weekeinde maakt ze in het Bulgaarse Plovdiv een serieuze kans op WK-goud, een van de weinige titels die haar vader nooit pakte.

Vader en dochter blijven er nuchter onder. Karolien vindt het vooral ‘handig’ dat haar vader een gelauwerd oud-toproeier is. ‘Dingen die hij fout heeft gedaan, geeft hij me mee.’ Ze weet niet eens zoveel van het rijke roeiverleden van haar vader. ‘Hij vertelt er nooit wat over. Behalve als er visite is. Dan hoor ik opeens allemaal leuk dingen’, zegt ze lachend over de telefoon vanuit Plovdiv. Dat hij niet naar haar wedstrijden kijkt, vindt ze niet erg. ‘Het is eigenlijk best wel prettig. Als hij kijkt, voel ik misschien meer druk.’

Ronald Florijn ziet veel van zichzelf terug in zijn dochter. ‘Ik was in alles extreem. Zelfs op vakanties moest ik een doel hebben. Dan ging ik met de kinderen twintig keer op een eenwieler een berg op. Al stuur je me gratis naar het mooiste plekje van de wereld: ik wil daar weg. Ik heb daar geen doel. Karolien heeft dat ook wel. Als ze opstaat, gaat het in haar hoofd meteen over hoe ze de volgende minuut beter kan worden.’

Ronald Florijn (r) met Rienks met het goud in 1988. Beeld ANP

Streven naar perfectie

Vader en dochter vinden elkaar in hun streven naar perfectie. Ze hebben het bijvoorbeeld geregeld over voeding. Florijn at tijdens zijn roeiloopbaan zo’n vijftien bananen per dag. Karolien heeft dat dieet overgenomen en eet er dagelijks gemiddeld tien. Sinds ze als 15-jarige begon met roeien, helpt hij waar mogelijk.

Florijn: ‘Vlak voor een toernooi belde ze bijvoorbeeld eens met de vraag of ze na het ontbijt nog een hele of halve banaan moest eten.  Door dat extreme van mij ben ik ook vaak de mist ingegaan. Ik ging eens opeens heel veel noten eten en weinig koolhydraten. Dan heb je uiteindelijk geen energie meer. Die dingen kan ik bij haar wel een beetje voorkomen.'

Tegelijk wil Florijn dat zijn dochter haar eigen roeiverhaal schrijft en wil hij allesbehalve de bemoeizuchtige vader zijn. Het is een strijd die voortdurend in zijn hoofd zit. Florijn: ‘Ergens stopt namelijk mijn verhaal en moet ze zelf een weg zoeken.’

Zijn roeimaat Nico Rienks heeft hetzelfde dilemma met zijn roeiende zonen Ralf (20) en Rik (23). In een interview in Trouw zei Rienks dit jaar nog zich ‘nul komma nul’ te bemoeien met de coaching van zijn zoons.

Ontbijtvraag

Florijn glimlacht. ‘Ach, bij Nico is het ook een beetje dubbel spel. Ik vertelde eens over die ontbijtvraag van Karolien. Toen moest hij lachen. Later hoorde ik dat hij voor die jongens ook gewoon tot hun 15de elke ochtend Brinta maakte. Het is lastig. Hoeveel geef je ze mee? Ik weet het zelf niet. Ik was op m’n 27ste pas echt top. Als ik vooraf dingen had geweten, had ik op m’n 23ste misschien al een olympische medaille gepakt.’

Karolien Florijn begrijpt de onzekerheid bij haar vader wel. Hoewel ze niet meer of minder aan de hand genomen wil worden. ‘Ik weet gewoon dat ik hem altijd kan bellen.’ Verder hoeft ze niet alles te weten: ‘Je moet af en toe ook op je bek gaan.’

Ronald Florijn is het daarmee eens. Zeperds hebben van hem een betere roeier gemaakt. Hij ontdekte zo dat hij iemand als Rienks naast zich nodig had om die extremere kant in hem te temperen. ‘Met Nico kwam ik wat meer in het midden terecht, dat was goed voor mij. Hij is wat genuanceerder’, aldus Florijn.

Ervaring leerde hem ook in te grijpen wanneer een miskleun dreigde. Zoals bij de Acht in 1996 in Atlanta. Florijn: ‘Ik hield altijd de afstelling van de boot bij. Nadat we vlak voor de Spelen in Luzern een baanrecord hadden geroeid, ging onze boot op transport naar Princeton. In de trainingsboot ging twee zitjes achter mij Niels van der Zwan opeens een stukje omhoog met zijn zitje. Hij roeide zo lekkerder. De hele week lagen we scheef.

Bommetje

‘Ik wist meteen waar het probleem zat. Op de laatste dag van het trainingskamp zei ik: ‘Zo gaan we de Spelen niet roeien’. Toen ontplofte er wel een bommetje. Hij zag het als zijn plek. Ik vond het onze plek. We zaten samen in die boot en in Luzern ging het goed met de oude afstelling.’ Van der Zwan paste zijn afstelling uiteindelijk aan.

Florijn heeft geen seconde spijt gehad van zijn rigide opstelling. ‘Als ik niets had gezegd en we hadden verloren, had ik dat tot in mijn kist meegedragen. Natuurlijk kun je ook verkeerde besluiten nemen. Je moet ze alleen wel durven nemen wanneer iets niet goed voelt. Zelfs op de Spelen, ook al is dat niet gezellig. Daar zal Karolien ook tegenaan lopen.’

Het zijn zaken die ze zelf moet ervaren. Net als dat een goede boot niet automatisch succes betekent, olympische glorie geen garantie is voor een gelukkig leven en een slecht resultaat niet het einde van de wereld is. Florijn: ‘Er zijn tal van psychische valkuilen waar je onkwetsbaar voor moet zijn.'

Florijn had er een trucje voor. Hij trakteerde zichzelf na elke race op een taartje. ‘Daar kon ik me bij de start al op verheugen. Hoe de wedstrijd verliep, maakte me zo stukken minder uit. Het is belangrijk voortdurend te relativeren.’ Het is het enige dat hij zijn dochter van jongs af aan op het hart drukt. ‘Als ze tevreden is met wat ze doet, ben ik dat ook. Of ze nou wel of niet wint.’

CV Karolien Florijn

Karolien Florijn werd geboren op 6 april 1998 en groeide op in Voorschoten. Ze is de dochter van tweevoudig olympisch roeikampioen Ronald Florijn (57) en de voormalig Duitse toproeister Antje Rehaag (53). Ze heeft twee jongere broers die ook allebei roeien: Finn (18) en Beer (13). 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.