Interview Roberto Martinez

Roberto Martinez, bondscoach van de Belgen: ‘We willen iets bereiken dat onbekend voor ons is’

Roberto Martinez (in het wit) tijdens een training van het Belgische voetbalelftal. Foto Belga

Voetbal is voor hem een manier van leven, Cruijff een bron van inspiratie: Roberto Martinez (44), ooit een degelijke middenvelder, is bondscoach van België. ‘Op het WK tellen goede generaties of goede individuen niet. Dan gaat het om het winnende team.’

Roberto Martinez, bondscoach der Belgen, is ­Catalaan. Waar hij ook is, hij wil land en ­gewoonten leren kennen. Hij woont in Waterloo, waar Napoleon in 1815 de slag verloor van de Britten en de Pruisen. Met zijn gezin bezocht hij Lion’s Mound, een kunstmatige, door Koning Willem I aangelegde heuvel, bedoeld om de Slag bij Waterloo te gedenken.

Martinez is bezeten van voetbal, spraakzaam en vriendelijk, al is hij soms onbegrepen, zoals onlangs toen hij publiekslieveling Nainggolan niet selecteerde voor het WK. Zo’n geel strikje op het revers draagt hij niet, waarmee die andere Catalaanse trainer Guardiola nationale gevoelens uitdraagt. ‘Ik verliet Catalonië op mijn 16de. Mijn vader is Spaans, mijn moeder Catalaans. Catalanen willen mensen blij maken, omdat het leven al moeilijk genoeg is. De levensstandaard in Catalonië is fantastisch. Nu drijft een wolk over, in het streven naar onafhankelijkheid. Daarvan kan ik bedroefd worden, want ik ben totaal niet politiek ingesteld.’

CV Roberto Martinez

1973 geboren op  13 juli in Balaguer, Spanje.

1993 prof bij onder meer Zaragoza, Wigan Athletic, Motherwell en Swansea.

2007 trainer bij Swansea, Wigan Athletic en Everton. Wint in 2013 met Wigan FA Cup en degradeert in datzelfde seizoen uit Premier League.

2016 bondscoach België, waarmee hij zich eenvoudig kwalificeert voor WK. Contract is al verlengd tot 2020.

Martinez is getrouwd met de Schotse Beth Thompson. Ze hebben een dochter.

Martinez was een degelijke middenvelder met een mooie profloopbaan in Spanje en bij Wigan Athletic, waarmee hij later als trainer de FA Cup won door Manchester City te verslaan. ‘Voetbal is een manier van leven voor mij. Al op mijn derde voetbalde ik met mijn vader, een trainer in de regio. We keken samen tv. Hij legde uit hoe hij elftallen samenstelde. We discussieerden over tactiek. Zonder het te beseffen was ik al jong trainer. Ik wil dat mensen gelukkig zijn, waarbij voetbal gebruikt wordt als inspiratie om iets te bereiken en mensen samen te brengen. Voor mij is voetbal het grootste politieke wapen ter wereld.’

Dan is het WK nogal een toneel. Nederland heeft problemen met Rusland, dat vrijwel zeker de MH17 neerschoot. In hoeverre is voetbal dan nog een politiek wapen?

‘Voetbal is een wereldtaal. Als de bal rolt, begrijpt iedereen elkaar. Dan kun je alle denkbare emoties meemaken. Teleurstelling, opwinding, succes, tevredenheid. Voetbal geeft alles: respect voor en van teamgenoten en voor de tegenstander, gelijke behandeling. Als je naar het WK gaat, hoor je het voetbal te vieren. Meer moet het niet zijn.’

De Belgische ploeg is een symbool van verschillende kleuren en gezindten die met elkaar leven, werken en succes nastreven. Ziet u dat ook zo?

‘Ja. Ik leer elke dag over de Belgische cultuur, over hoe Belgische burgers aankijken tegen hun land. De nationale voetbalploeg neemt een speciale plek in. De saamhorigheid die een Rode Duivel teweegbrengt, is ongelooflijk. Vergeet niet dat de meeste internationals het land jong hebben verlaten, dat ze in het buitenland sterren zijn geworden. Hun samenzijn werkt inspirerend voor het hele land.’

Roberto Martinez, coach van het Belgische voetbalelftal. Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

Wie zijn uw inspiratiebronnen?

‘Allereerst mijn vader, als amateurtrainer. Hij bepaalde mijn normen en waarden. Net als vroeger praat ik nog veel met hem, maar het voetbal is veranderd. Hij kan bijvoorbeeld boos zijn over zonedekking, terwijl dat gebruikelijk is tegenwoordig. Hij is van de mandekking. Dus als hij een tegenstander vrij ziet koppen in ons strafschopgebied, vraagt hij zich af hoe dat kan.

‘De belangrijkste verandering in het voetbal is de fysieke component. Dertig, veertig jaar geleden was degene met het meeste talent de belangrijkste man op het veld. Als je tegenwoordig niet in fysieke topconditie verkeert, is talent niet genoeg. De rest van het spel is min of meer hetzelfde gebleven. Alles is uitgevonden. Soms zie je iets dat al is gedaan door Johan Cruijff of Rinus Michels. Alleen dienen zich telkens nieuwe trends aan. Toen Spanje alles won, gold balbezit als de heilige graal. Daarna ging iedereen zich wapenen, met countervoetbal onder meer. Zo won Leicester City de Premier League. Nu krijgen we weer het dynamische balbezit van Manchester City.’

U woonde in Catalonië toen Cruijff trainer was van Barcelona. Bent u door hem geïnspireerd?

‘Johan was een legende. Hij was als voetballer in staat het op te nemen tegen Real Madrid, in zijn eentje als het ware. Ik heb hem nooit gezien als speler, behalve op beelden. Toen hij trainer werd, was ik oud genoeg om het spel te begrijpen. Johan Cruijff heeft iedereen in het voetbal geïnspireerd. De een probeerde te spelen zoals hij, de ander wilde juist iets tegenover zijn speelwijze stellen. Hij was geniaal, omdat hij eenvoud bracht in het spel.

‘Hij kon uitleggen waarom iets werkte of niet, hij had ideeën die alleen in zijn hoofd leefden en liet ze gebeuren op het veld. In voetbal is het eenvoudiger te kopiëren dan uit te vinden. Johan Cruijff was een uitvinder, een visionair. En dat met zijn creatieve, aanvallende speelwijze. Ik ben destijds geregeld naar wedstrijden van Barcelona geweest. Zijn eerste halfjaar was moeilijk, want ze wilden hem ontslaan. Er waren drastische veranderingen en mensen houden niet van veranderingen. Verandering is een vijand. Hij verloor thuis van Valladolid met 4-0. Alleen omdat hij bezig was het spel totaal te veranderen. Hij wilde dat spelers zelf leerden nadenken. Juist in die periode ben je kwetsbaar als coach. Johan was in tactisch opzicht echt van een andere planeet.’

Roberto Martinez heeft al voor het WK zijn contract als bondscoach verlengd tot 2020. Hij is van België gaan houden, sinds hij in 2016 begon met zijn werk. ‘Wij voelen ons zeer welkom hier. België is een aangenaam land met een open geest, met tal van invloeden van buitenaf. Ik ontdek het land door het voetbal, zoals ik altijd heb gedaan.

‘In Engeland heb ik geleerd van rugby. Het Britse voetbal is op veel gebieden beïnvloed door rugby. Contact. Territoriumdrift. In België houdt de gemiddelde sportfanaat van wielrennen. Ik wilde leren van eendaagse wedstrijden, de Klassiekers.

‘In Spanje gaat het vooral om de ronden: Vuelta, Tour en Giro. Het is fascinerend te zien hoe teams zich voorbereiden op zo’n Klassieker. Ik heb de Ronde van Vlaanderen van binnenuit gevolgd. Prachtig, die organisatie, de strategie in de koers. Wat je ziet is mentale kracht. Ja, er is een team, maar het gaat uiteindelijk tussen jou en je fiets. Zo is het ook in het voetbal. Ja, er is een team, maar uiteindelijk ben je ook een individu en gaat het om dat ene moment dat je de bal hebt. Wielrennen is een charismatische sport met moderne gedachten, met veel parallellen met voetbal.’

Roberto Martinez en de Belgische voetballers tijdens een training. Foto Belga

‘Voetbal is, zoals bijna alle sporten, een combinatie van kwaliteiten in het brein. Er zijn technische, tactische en fysieke aspecten, maar het mentale deel is net zo belangrijk. Dat mentale aspect is cruciaal in een toernooi als het WK, omdat het erom gaat hoe je als groep reageert op gebeurtenissen, hoe je omgaat met verwachtingen.

‘Wij in België kunnen daarmee steeds beter omgaan, ook door de steeds betere individuen. Ze worden winnaars op clubniveau. Het moeilijkste is dat ze op het WK tegen teams spelen die al grote toernooien hebben gewonnen. Duitsland, Brazilië of Spanje gaan naar een toernooi terwijl zij en hun achterban verwachten te winnen. Wij gaan nog een beetje om onze grenzen te verkennen. We willen iets bereiken dat onbekend voor ons is. In die reis naar het onbekende ontmoet je tegenslagen. Dan gaat het erom dat je het geloof in succes behoudt. Dat is een mentaal spel.’

Er komt een dag dat een land voor het eerst een toernooi wint, zoals Spanje op het EK van 2008.

‘Die eerste winst is het moeilijkst. Frankrijk en Spanje hadden heel goede generaties nodig om de toernooizege te bewerkstelligen. Tot de eerste overwinning bestaat altijd twijfel. Hoe kunnen we winnen? Als dat eenmaal is gebeurd, is de mentale barrière genomen. We hebben een goede generatie. Maar op het WK tellen goede generaties of goede individuen niet. Op het WK gaat het om het winnende team, en dat team zal moeilijkheden moeten overwinnen.’

De verwachtingen zijn hoog, maar bij de vorige toernooien vielen de Belgen toch iets tegen, met verloren kwartfinales tegen Argentinië op het WK en tegen Wales op het EK. Mijn inschatting is dat ze wat te angstig speelden. Bent u dat met me eens?

‘We verkeren in de positie dat iedereen een mening over ons heeft. Al die meningen zijn welkom. We moeten zorgen dat we de drie groepswedstrijden goed doorkomen, dat we een team worden dat aangenaam oogt, dat ook kan genieten van het WK en omgaat met extra druk. Wij kunnen alleen hard werken en zo de meningen beïnvloeden. Dan helpt het als iedereen achter het team staat, dat er een wisselwerking is met het publiek. Deze groep spelers is een ongelooflijke groep ambassadeurs voor het Belgische voetbal. Philippe Albert was de eerste Belg in de Premiership, bij Newcastle. Nu hebben we 50 Belgen in de Engelse competitie. Ja, vijftig. Plus anderen in de Italiaanse competitie, in Duitsland, in Spanje, in China, in Amerika.’

Hoe kan het dat België zoveel goede voetballers heeft?

‘De eerste oorzaak is inspiratie. Als je als jonge voetballer ziet dat Philippe Albert naar de Premier League vertrekt, wil jij dat ook. Het moeilijkste was het voor Albert zelf. Vervolgens bestaat in België een duidelijke visie over opleiding van voetballers. We spelen een systeem, of het nu 4-2-3-1 is of 4-3-3, of 3-4-3, met veel technisch begaafde voetballers. Ze zijn goed in één tegen één-situaties, met een voorkeur voor controle over de bal.

‘De Belgische voetballer is zich zeer bewust van zijn omgeving. Hij is open, weet dat er veel culturen om hem zijn en verschillende manieren zijn om een doel te bereiken. Zo word je opgevoed in België. Drie officiële talen op een bevolking van elf miljoen. De Belg is klaar om naar het buitenland te gaan, de kleedkamer te betreden en iets toe te voegen. Voetbal is een diverse sport en de Belgische nationale ploeg bestaat uit spelers van grote diversiteit, of ze nu van Congolese, Marokkaanse of Keniaanse afkomst zijn. Zij passen zich gemakkelijk aan. In de grote competities zitten veel nationaliteiten naast elkaar in de kleedkamer, soms wel twintig. Je kunt een beter team formeren door kwaliteiten uit verschillende voetbalculturen bij elkaar te voegen.’

Wij in Nederland wachten op een nieuwe vedette, na het vertrek van Robben en Sneijder. Jullie hebben Lukaku, Hazard, De Bruyne en anderen, en u moet ze opstellen in één team. Hoe lukt dat?

‘Dat is de opwindende uitdaging. Al hun verschillende kwaliteiten probeer ik samen te voegen. De kracht van Lukaku, de macht in de lucht van Benteke, het ongelooflijke gevoel voor ruimte van Mertens, de één tegen één van Hazard, de passing van De Bruyne, de tactische kennis van Witsel. We hebben een gezamenlijke ambitie.

‘De spelers zijn vrienden en ze zijn zich bewust wat ze betekenen voor België. Niet voor het Belgische voetbal alleen, voor België. Ze nemen de tijd voor mensen, ze doen hun uiterste best. Wat ze voor de ploeg doen, is geen marketing. Wat je ziet, is wat je krijgt. Ze hebben het naar de zin en kunnen zichzelf zijn. Daardoor was ik zelfs het meest verrast: dat de spelers vrienden zijn.’

De Bruyne zei na een oefenwedstrijd dat de tactiek niet deugt, omdat de onderlinge afstanden te groot waren. Bent u dan boos?

‘Je moet begrijpen waarom hij dat zegt. Hij doet dat omdat hij wil winnen, omdat hij het WK serieus neemt. Ik begrijp dat hij zoiets zegt in de hitte na de strijd. Maar we moeten wel oppassen. Als iedere speler elke week met allerlei gedachten komt, wordt de sfeer negatief. Dan gaat iedereen op elkaar reageren en gaat zo’n discussie alsmaar door terwijl wij allang verder zijn met onze daden en gedachten. We zagen een Kevin De Bruyne die leiderschap opeiste. Dat is een goed teken.’ 

Meer over