Rick van den Hurks werparm is goud waard

De pitcher begint vandaag aan een nieuw seizoen in Japan

Nederlandse pitcher gooit in Japan jaarlijks 2.500 ballen, soms met een snelheid van 155 kilometer. Hou dan maar eens je werparm fit.

De Nederlandse pitcher Rick van den Hurk maakt zich op voor een worp, waarbij hij zijn arm in een welhaast onmogelijk bocht wringt. Beeld SAMURAI JAPAN via Getty Images,

De rechterarm van Rick van den Hurk (32) is een fortuin waard. Om precies te zijn: 3 miljoen euro. Dat bedrag verdient de Nederlandse werper bij de Japanse honkbalclub Fukuoka Hawks. De pitcher, die vandaag aan een nieuw seizoen begint, hielp zijn club de afgelopen drie jaar aan twee landstitels.

Zijn snelste ballen vliegen richting de 155 kilometer per uur. Die vergen ook het meest van zijn spieren en pezen. Slechts eens in de vijf dagen kan hij een wedstrijd gooien. En niet eens alle negen slagbeurten, hooguit vijf of zes. Een honkbalwedstrijd duurt voor één werper te lang.

‘De gewelddadigste beweging in sport’, noemde bewegingswetenschapper Glenn Fleisig de pitch eens. Van den Hurk maakte die beweging­ ­vorig jaar zo’n 2.500 keer in 153 werpbeurten.

Om van die krachtproef te herstellen zijn werpers voortdurend bezig met een race tegen de klok. Als de ene wedstrijd is afgelopen, begint de voorbereiding op de volgende. Van den Hurk kent het ritme als geen ander. Toen hij 16 was, werd zijn talent opgemerkt door een scout van Florida Marlins, een club uit de Amerikaanse topcompetitie Major League.

Hij vertrok naar de VS en debuteerde in 2007 als veertiende Nederlander in de Major League. Vijf jaar hield hij zich staande, al dwong hij nooit een vaste plek af bij de vijf teams waar hij onder contract stond.

In Azië voelt Van den Hurk zich beter dan ooit. Japan is na Amerika het grootste honkballand van de wereld. ‘Ik leer nog steeds’, zegt hij. ‘Qua ervaring heb ik wat te winnen. Hier gooi ik in een jaar het aantal innings dat ik in vijf jaar Major League heb gegooid.’

Voortdurend zoekt hij nog naar manieren om beter, fitter en sterker te worden. Als een schilder die nooit tevreden is met z’n werk sleutelt hij aan zaken als zijn houding, bioritme, voeding en trainingen.

Meal preppen

Hij houdt zijn arm fris door zich juist niet blind te staren op zijn kostbaarste bezit. Van den Hurk: ‘Meal preppen (het zelf en vooraf bereiden van maaltijden, red.) is iets wat ik vroeger nooit deed. Nu kan ik niet zonder. Ik wil precies weten wat er in mijn eten zit en alleen de voeding binnenkrijgen waaraan ik iets heb, op het beste moment. Daar win je misschien een kwart procent mee. Ergens anders vind je weer een half procent. En zo ga je door.’

De meeste progressie boekt hij in de winter, als de competitie stilligt en hij even is verlost van de slopende seizoens­cadans. Op de werpheuvel die hij heeft laten aanleggen in de tuin van zijn huis in Veldhoven sprak hij de afgelopen maanden geregeld af met Bart Hanegraaff en Martijn Nijhoff, die bij honkbalbond KNBSB bezig zijn met talentontwikkeling.

De drie vinden elkaar in hun passie voor nieuwe honkbalinzichten die ze het hele jaar bespreken in een appgroepje met de toepasselijke naam ‘Elite Sports Performance’.

Robuust lichaam

In de winter brengen ze het in de praktijk. De afgelopen maanden gooide Van den Hurk veel met weightballs; ballen met verschillende gewichten. Zo ­oefent hij zijn arm op onverwachte bewegingen. Zijn trainingen zijn niet meer te vergelijken met die aan het begin van zijn loopbaan.

Van den Hurk: ‘Toen draaide het om duurlopen en veel herhalingen. Dat komt uit de historie van het honkbal. Nu train ik op explosiviteit via sprintjes of ik doe oefeningen waarbij ik instabiliteit opzoek, bijvoorbeeld op trampolines. Zo maak ik mijn lichaam robuuster. Mijn arm is belangrijk. De rest is dat ook. Als iets bij de voetplaatsing niet goed zit, wordt dat ergens anders verkeerd opgevangen.’

Het idee dat een werper meer is dan zijn arm, wint aan relevantie door ontwikkelingen in Amerika. Daar wordt steeds harder gegooid. In de Major League is de gemiddelde snelheid van een worp in de afgelopen vijftien jaar gestegen van 143 naar 149 kilometer per uur. Hoe harder een werper gooit, hoe zwaarder zijn arm het te verduren heeft. Met blessures als gevolg.

Volgens Sportrac, een site die salarissen in de Amerikaanse sport bijhoudt, waren de dertig Major Leagueclubs in 2017 zo’n 540 miljoen dollar kwijt aan salaris voor 290 geblesseerde werpers. Meer dan op de tien andere posities in het honkbal tezamen (234 blessures, 465 miljoen dollar salaris).

Martijn Nijhoff bezocht twee weken geleden nog Major Leagueclub Pittsburgh Pirates. Hij zag daar hoe clubs op allerlei manieren pogen hun werpers te beschermen. ‘Tien jaar geleden was een krachttrainer bijzonder. Nu lopen er hele krachttrainteams rond plus diëtisten en psychologen.’

Groeimoment

Uiteindelijk is de werper zelf verantwoordelijk voor zijn gestel, weet Van den Hurk. Het lukte hem in de afgelopen jaren ‘aardig blessurevrij’ te blijven. Operaties aan schouder of elleboog – het lot van veel werpers – zijn hem bespaard gebleven. Hij ziet het ook niet als hogere wiskunde. Alles draait om de juiste instelling. Van den Hurk: ‘Ik heb de downs in mijn ­loopbaan altijd als een groeimoment gezien.’

Nederlanders in de Major League 

Zeven Nederlandse honkballers strijden dit jaar om de landstitel in een nieuw seizoen van de Amerikaanse topcompetitie Major League, die donderdag begon. Op de 21-jarige Curaçaoënaar Ozzie Albies (Atlanta Braves) na, zijn het de bekende namen die weer een plek hebben afgedwongen in de selecties van hun teams. Zoals werper Kenley Jansen, die vorig jaar met Los Angeles Dodgers reikte tot de World Series, de seizoensfinale. Ook Didi Gregorius (New York Yankees), Xander Bogaerts (Boston Red Sox), Andrelton Simmons (Los Angeles Angels) en Jonathan Schoop (Baltimore Orioles) zijn al jaren vaste krachten. Voormalig supertalent Jurickson Profar (Texas Rangers) hoopt dat dit jaar te worden na jaren vol blessures. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.