Cristiano Ronaldo na de kwartfinale.
Cristiano Ronaldo na de kwartfinale. © AP

Real met de hakken over de sloot door naar halve finale Champions League na spektakelstuk tegen Juventus

Zo voorspelbaar als de Champions League is in de groep, zo ongelooflijk spectaculair is het toernooi in de tweede fase, zeker vanaf de kwartfinales. Een dag na de in Italië als wonder beschreven opstanding van AS Roma tegen Barcelona, ging ook bekerhouder Real Madrid op zeldzame wijze onderuit tegen Italianen, die van Juventus.

Het was 0-3 na 93 minuten, de verlenging zou beginnen. De drie minuten blessuretijd waren voorbij, toen Real een penalty kreeg, voor een overtreding van Benatia op Vazquez. Doelman Buffon kreeg rood vanwege protesteren, Szczesny verving hem, Ronaldo benutte de penalty. Real naar de halve finales. Het was gekkenwerk, het was historisch. Het was zeldzaam als niets.

Na een uur stond het 0-3, dezelfde uitslag als vorige week in Turijn. Real, winnaar van 2014, 2016 en 2017, wankelde, maar bleef dus overeind in een schitterend gevecht. Trainer Zinedine Zidane greep hard in om het apathische Real weg te trekken van de afgrond, toen hij in de pauze, bij een achterstand van 2-0, Bale en Casemiro inruilde voor Marco Asensio en Lucas Vazquez.

Vanaf dat moment kreeg Real weer enige grip op de wedstrijd, maar de spanning bleef intact omdat Juventus nog slechts één doelpunt nodig had om minimaal een verlenging af te dwingen. En dat doelpunt viel. Ongelooflijk. Bombastisch. Verbijsterd was het volk dat Real aanhangt, euforisch de Italiaanse schare.

Op zulke dagen is de totale omkering van kansen mogelijk

De laatste fase van de Champions League is een tombola van toeval, geluk, klasse, scheidsrechterlijk dwalen, oprispingen. Vanaf de kwartfinales is alleen nog topkwaliteit verzameld, dan zijn bijna alle topvoetballers van de wereld onder elkaar. Dan is het de grootste voetbalshow op aarde. Dan kan eigenlijk alles gebeuren, in schitterende, zinderende wedstrijden met voortdurend wisselende kansen. Dan is één slechte dag fataal, zoals Barcelona die had in Rome. Zo'n dag waarop het wachten op die ene geniale actie van Messi eeuwig kan duren zonder resultaat.

Op zulke dagen is de totale omkering van kansen mogelijk. Dat is al meermaals gebleken, en deze week zelfs twee keer. Ook Real had zo'n dag woensdag in Bernabéu, al bleef de schade dan beperkt tot de nederlaag zelf. De bekerhouder bereikte de halve finale met het nodige geluk. Real Madrid - Juventus stond al na 37 minuten 0-2, en daarmee was de zege van Real in Turijn (0-3) al bijna uitgevlakt.

Juventus geeft nooit op, zo was ook vorige ronde tegen Tottenham Hotspur weer eens gebleken. Juve is een ploeg met ervaring, een ploeg met een slimme trainer, Allegri. Het is de ploeg die weet dat een generatie bijna afscheid neemt. Het leeuwenhart bonkt.

Het leek alsof de Italianen ook genoegdoening wilden voor hun gemiste WK

Het leek alsof de Italianen ook genoegdoening wilden voor hun gemiste WK, alsof ze de 40-jarige doelman Buffon een mooi afscheid als doelman willen bezorgen. En dan was daar spits Mandzukic, vorige week reserve omdat de nu geschorste Dybala nog speelde. Woensdag was hij al voor rust twee keer succesvol met het hoofd. Eerst al in de tweede minuut, na een snelle aanval via Douglas Costa, de voorzet van Khedira en de kopbal bij de tweede paal.

Mandzukic speelde een beetje vanaf links, wat hij ook vorig seizoen met succes deed. Hij had bij zijn luchtduels vooral te maken met rechtsachter Carvajal, de minste kopper bij Real in defensief opzicht. De belangrijkste verdediger, Ramos, ontbrak ook door een schorsing. Natuurlijk balanceerde Juventus voortdurend op de rand van de sportieve afgrond, want één doelpunt van Real was vrijwel zeker te veel van het goede. Maar tussen dat balanceren door werd het 0-1, 0-2, 0-3. Het niet voor mogelijk gehouden scenario voltrok zich, toen Douglas Costa de bal van rechts voorzette met links. Doelman Navas liet de bal los, waarna Matuidi van dichtbij scoorde.

Alleen al het loopje van doelman Buffon, dat loopje van waanzinnige blijdschap, was het aanzien waard. Allebei de ploegen kregen kansen in deze memorabele wedstrijd, van de kopbal van Varane in de eerste helft tegen de lat, tot tal van schoten. Ronaldo was eens ongelukkig, voor de gelegenheid. Hij vroeg voortdurend om kaarten en was ronduit vervelend, met hoofdschudden, gebaren.

Nog één doelpunt had Juventus nodig. Het had best gekund. Eén doelpunt had Real nodig. Real drukte, wilde scoren, wilde de verlenging vermijden. Het was zo spannend als voetbal kan zijn, op van die doldwaze avonden, als de kansen door elkaar dwarrelen in een grote trommel en de voorzienigheid regeert. En toen scoorde Ronaldo, uit de door Juventus beweende strafschop.