Interview Raymond Poulidor

‘Poupou’ is nu vooral de opa van Mathieu van der Poel: ‘Iedereen in het peloton heeft het over hem’

Wielerlegende Raymond Poulidor is al voor de 57ste keer aanwezig bij de Tour de France. Zal zijn kleinzoon, multitalent Mathieu van der Poel, volgend jaar debuteren in de grote ronde? ‘Mathieu heeft laten zien dat hij alles aankan.’

Mathieu van der Poel met zijn grootvader Raymond Poulidor, in 2016, na een wielerwedstrijd in het Franse Lignieres-en-Berry. Beeld Belga

De onderkoning in ruste van de Tour de France zit op zijn gemak in de schaduw aan een tafeltje in een van de paviljoens in het Village Départ, opgetrokken in Mâcon, aan de Saône. Raymond Poulidor, 83, won de wedstrijd nooit, maar hij stond wel acht keer op het podium in Parijs, drie keer als tweede, vijf keer als derde. Hij stuitte eerst op Jacques Anquetil, daarna op Eddy Merckx. Zij bleken later vijfvoudige winnaars.

Met die statistiek is het niet zo vreemd dat ‘de eeuwige tweede’, met intussen wit haar, deze morgen gewoon een gele trui om de schouders heeft, al heeft hij het tricot in de koers zelf nooit gedragen en past zijn bijnaam beter bij Joop Zoetemelk, die maar liefst zes keer op de een na hoogste trede op de Champs-Élysées stond.

Met een milde glimlach op zijn volronde gezicht gaat ‘Poupou’ op de foto met genodigden. Hij grijpt kalm naar de pen voor alweer een handtekening. Nadat hij in 1977 de fiets in de schuur parkeerde, keerde hij decennia achtereen terug in het wielercircus als speciale gast. Hij gebaart om zich heen, naar de prikkeling van het aanstaande vertrek van het peloton, deze dag over een heuvelachtig parcours: de menigte langs de hekken, de volgauto’s met de fietsen op het dak, het schetteren van de speakers, de ronkende helikopters. ‘Dit is mijn leven. Hier heb ik alles aan te danken.’ Hij heeft het onlangs nageteld: het is de 57ste keer dat hij de Tour meemaakt.

Overvleugeld

Maar zijn status als levende wielerlegende wordt de laatste tijd overvleugeld door een 24-jarige jongeman uit Kapellen, bij Antwerpen, ruim 700 kilometer noordelijk van zijn woonplaats, het dorpje Saint-Léonard-de-Noblat in de Limoges. Meer nog dan de eeuwige tweede is hij tegenwoordig vooral de opa van Mathieu van der Poel, het multitalent, gevormd door de genen van zijn dochter Corinne en schoonzoon Adrie, dat het afgelopen voorjaar ontbolsterde op de weg. Hij is de laatste die de nieuwe werkelijkheid betreurt. ‘Ik ben heel trots op hem ja, en zeker ook op David, zijn broer. Mijn dochter heeft mij twee kampioenen gegeven, twee uitzonderlijke kleinzonen.’

Toen Mathieu nog maar 5 of 6 jaar oud was, rapporteerde Adrie van der Poel aan opa dat het ventje al spelenderwijs bijzondere dingen op de fiets liet zien. Draaien en keren, de balans houden. ‘Maar dat hij zo goed zou worden, hebben we beiden niet kunnen voorzien. Hij wordt maar beter en beter. Het valt op. Hij is hier niet, maar iedereen in het peloton heeft het over hem.’ Zeker, er is het aangeboren talent. ‘Maar vergeet niet dat hij er keihard voor werkt, elke dag weer. En wat ook belangrijk is: hij houdt niet van verliezen. Als hij de streep ziet, gebeurt er iets in hem.’

In Brussel stond Poulidor na de ploegentijdrit nog op het podium met Wout Van Aert, de grote rivaal van zijn kleinzoon in het veldrijden. Die debuteert in de Tour, als belangrijke pion van de deze dagen zo succesvolle formatie van Jumbo-Visma. De Fransman feliciteerde de Belg met zijn witte trui. In zijn reactie vertrouwde Van Aert hem schertsend toe blij te zijn dat Mathieu hier niet was. Hij heeft geantwoord dat hij vast even sterk is.

Regenboogtrui

Van der Poel heeft twee doelen. Volgend jaar wil hij tijdens de Olympische Spelen in Tokio een gouden medaille halen en hij aast op de regenboogtrui op de WK op de weg eind september in Yorkshire. Vindt de grootvader dat hij eigenlijk al hier had moeten zijn? Geduld, is het antwoord. ‘Over twee jaar is het zover, denk ik. Als hij besluit om deel te nemen, zal hij er klaar voor zijn, fysiek en in het hoofd.’ Van der Poel zelf zinspeelde eind mei al zelf op zijn entree in de Tour in 2021.

Poulidor is wel onder de indruk van de prestaties van Van Aert, die zich zowel in de tijdrit als in de sprinttrein voor Dylan Groenewegen als een grote motor van zijn team profileert. Durft hij alvast een inschatting te maken van een hernieuwd duel tussen beiden, in een grote ronde?

‘Dat is moeilijk te zeggen. Met Mathieu is alles mogelijk.’ Hij verwacht wel dat die in eerste aanleg zal mikken op etappezeges, gelet op zijn sprinterscapaciteiten en de explosiviteit op venijnige klimmetjes. ‘Hij is een soort Julian Alaphilippe. Zo’n rit als vandaag zou op zijn lijf zijn geschreven. Maar ik heb nog geen idee hoe hij de lange klimmen in de bergen verteert.’

Dikke banden

Het is ook het weekeinde waarin Van der Poel zich na een rustperiode weer mengt in de wereldbekerwedstrijden mountainbike. Hij rijdt 200 kilometer oostwaarts, in Les Gets, in de Franse Alpen. Hij beleeft er een offday, hij wordt 16de, ruim een minuut achter olympisch kampioen Nino Schurter. Begrijpt zijn grootvader de keuze voor de dikke banden?

‘Mathieu heeft laten zien dat hij alles aankan. Hij geeft één uur alles in het veldrijden, anderhalf uur alles op de mountainbike en koerst vijf of zes uur in de Ronde van Vlaanderen. Voor hem is het geen probleem. Die variëteit vindt hij juist prettig. Het allerbelangrijkste is dat hij zich amuseert.’

Ze hebben geregeld contact, telefonisch vooral. Tekstberichten kostten hem te veel tijd. Misschien gaat hij hem vandaag nog bellen, hoe het is gegaan op de mountainbike. Een opbeurend Frans woordje kan geen kwaad, opa weet als geen ander wat verliezen is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden