Voetbal Nations League

Portugal in finale Nations League opnieuw kwelgeest van Oranje

Bij de finale van de Nations League wilde Oranje het seizoen van de wederopstanding bevestigen met een stunt tegen Portugal in het Estadio do Dragao in Porto. Maar de regerend Europees kampioen bewees wederom dat het koel en zakelijk prijzen kan winnen. Met een 1-0 zege won de gastheer eindelijk een toernooi in eigen land, na het mislukte EK in 2004.

Portugal geldt als de grote kwelgeest van Oranje, in 14 duels won Nederland slechts twee keer. De WK-kwalificatie in 2002, het EK in 2004, de schoppartij bij het WK in 2006 en de groepsfase op het EK in 2012; telkens waren de Portugezen net te gehaaid. Voor Cristiano Ronaldo was het zijn derde finale met Portugal, vijftien jaar na het traumatische EK waar hij als 19-jarige debutant de Europese titel aan Griekenland moest laten.

Pas 12 jaar later kreeg Ronaldo zijn revanche, al was hij tijdens de Europese triomftocht van Portugal vrij onzichtbaar geweest. De 34-jarige topschutter had de Nations League gemeden, maar bij zijn rentree tegen Zwitserland schitterde hij als vanouds met een hattrick.

Glimlachend herinnerden de Ajacieden aan hun strafexpeditie tegen Juventus in de Champions League, zij wisten hoe je Ronaldo kunt afstoppen. Dat lukte zondagavond ook, maar Portugal had aan één flits van Guedes voldoende voor de eindzege.

Portugal had het 19-jarige wonderkind Joao Felix na zijn fletse debuut tegen Zwitserland aan de kant gehouden, bondscoach Ronald Koeman hield wel vast aan de formatie die Engeland na verlenging met 3-1 had verslagen. Kritisch was hij geweest over het stroeve spel in de eerste helft, maar ook tegen Portugal creëerde de in blauwe shirts spelende internationals voor rust helemaal niets.

Ryan Babel speelde als linksbuiten teveel achteruit, Steven Bergwijn was weer eens een aanvaller zonder buitenspiegels. Typerend was een kansrijke uitbraak, waarbij Bergwijn zo lang treuzelde dat hij de bal inleverde. Het overkwam hem bij PSV ook geregeld na de winterstop. Memphis Depay heeft altijd dreiging in zijn spel, met zijn doelpunten en assists loodste hij Nederland naar de Final Four van de Nations League.

Tegen Engeland zag Memphis vele acties mislukken, maar hij was bij twee van de drie treffers betrokken. En dan scoor je toch een dikke voldoende. Dit keer kwam Quincy Promes de tegenvallende Babel al na rust aflossen, maar ook Denzel Dumfries had weinig in te brengen gehad. De rechtsback van PSV is op zijn best als hij op zijn brommer mag springen en op pure kracht de assist kan leveren. Met de bal aan de voet mist de 23-jarige verdediger finesse.

Bergwijn was nog niet gewisseld voor Donny van de Beek of Portugal doorbrak de patstelling na een uur. De behendige Bernardo Silva bediende Goncalo Guedes, die even wachtte en met rechts inschoot. Keeper Jasper Cillessen reageerde een fractie te laat op een houdbaar lijkend schot en zag de bal via zijn hand in het doel verdwijnen: 1-0.

Nog één keer wilde Oranje zich oprichten, maar bij de tweede inhaalrace binnen drie dagen deed de last van een lang en slopend seizoen zich voelen. Georginio Wijnaldum kondigde al lachend aan dat hij nog voldoende energie had voor een laatste krachtsinspanning. ‘Daarna is de tank leeg.’

Ook in het tweede deel ontbrak de eindpass bij de soms aardige aanvalspatronen bij Oranje. De te sobere middenvelder Marten de Roon schoot hoog over en werd gewisseld voor PSV-topscorer Luuk de Jong, die bij Oranje de rol van pinchhitter heeft. Prompt scheerde de bal via zijn hoofd langs het doel van de Portugese keeper Rui Patricio, die nauwelijks in verlegenheid was gebracht.

Een ‘mini-EK’ mocht op voorhand niet gelijk worden gesteld met een Europese titel, aldus bondscoach Ronald Koeman. ‘WK, EK, Nations League; dat is toch wel de volgorde.’ Een eindzege zou sober zijn gevierd. ‘We nemen een glas wijn en gaan met vakantie’, zei Koeman. Het zal na een zilveren medaille zonder waarde niet anders zijn.

Natuurlijk was de Nations League veel leuker dan die eindeloze reeks oefenwedstrijden. In dat opzicht heeft het Europese toernooi zich wel bewezen. Het mocht wat kosten van de UEFA om de Nations League in de markt te zetten. Portugal mag als winnaar 10,5 miljoen euro bijschrijven, Nederland 9 miljoen.

De bronzen medaille leverde Engeland 8 miljoen euro op en Zwitserland werd als nummer 4 gecompenseerd met 7 miljoen. Bovendien heeft Nederland als deelnemer aan de Final Four een wildcard voor de play-offs van de EK-kwalificatie mocht het in groep C als derde eindigen.

Gelet op de magere oppositie lijkt dat onwaarschijnlijk, al hebben Noord-Ierland en Duitsland een gaatje geslagen. ‘Always look on the bright side of life’, zongen de Engelse fans in het drakenstadion van Porto en zo is het ook. Ondanks een wederom frustrerende ontmoeting met Portugal heeft het Nederlands elftal binnen een jaar het verloren krediet teruggewonnen.

En dat is meer waard dan weer een tweede plaats bij een eindtoernooi. Uiteindelijk telt toch alleen het EK in 2020. Op dat podium moet Oranje bewijzen dat het weer structureel om titels kan strijden. 

Veerkracht is het grootste wapen van het nieuwe Oranje
De Nations League laat zien hoe de spelers van het Nederlands elftal naar elkaar zijn toegegroeid. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden