EK Volleybal 2019 Nederland - Polen

Poolse decibellen slopen Nederland tijdens EK mannenvolleybal

De derde zege op het EK was niet verwacht en kwam er ook niet voor de volleyballers. Daarvoor de nummer één van de wereld, Polen, veel te goed en daarvoor was de sfeer te vijandig.

De Poolse fans in Ahoy. Beeld EPA

Ahoy, het ware sportpaleis van Nederland, was zondag van Polen. Wie verwacht had dat de Nederlandse volleyballers in Rotterdam-Zuid een thuiswedstrijd ‘met geluid uit duizend kelen’ zouden spelen, sloeg de bal qua partijdigheid danig mis. Het was Polen, de tweevoudig wereldkampioen, dat zesduizend aanhangers in de zaal had. Die in witrood gestoken fans produceerden drie tot vier keer zoveel decibellen als de vijfduizend wat verdwaasd ogende Nederlandse aanhangers.

Ook de spelers van Nederland werden weggeblazen door de muur van geluid die door de Poolse landdag werd aangericht. De nederlaag in drie sets (19-25, 18-25, 19-25) was ingecalculeerd, maar de manier waarop was op zijn minst teleurstellend. Vooral van de servicelijn bleef de nationale ploeg, nog altijd met de koosnaam De Lange Mannen, onder de standaard van de eerste twee wedstrijden uit de Europese titelstrijd.

Tegen Montenegro (3-0) sloeg Nimir Abdelaziz vrijdagavond liefst negen aces; zijn tiende werd niet geteld. Zaterdagmiddag was de kwikzilveren zoon van een Tsjadische vader en Nederlandse moeder opnieuw bezig bommen te gooien van de servicelijn. Hij sloeg in de tweede set het setpoint op die manier binnen, om een set later op matchpoint een enorme, winnende kegel af te leveren. Oekraïne werd met 3-0 verslagen.

Tegen Polen bleef Abdelaziz zondag op één ace (direct punt) uit zijn machtige sprongservice steken. Hij deed er laconiek over en wees graag op de spelers die aan de overkant van het net stonden: de besten van de wereld immers. ‘Negen aces tegen de wereldkampioen slaan? Nee, dat gaat niet. Zij zijn de besten van de wereld. Dat hebben ze hier vandaag laten zien.’

Abdelaziz werd langdurig en intens uitgefloten als hij ging klaar staan voor de vijf meter hoge opgooi en de uithaal met de machtige rechterarm. Net achter hem had zich in de eerste ring, met de duurste kaartjes, een fors peloton Polen opgesteld die de stem, de vingers en volop blazende monden in stelling brachten om de Nederlandse uitblinker van slag te brengen. Hij zei er geen last van te hebben gehad. ‘Ik hoor dat niet. Liever gezegd: ik kan me daarvoor afsluiten. Ik heb vaker in Polen gespeeld, hè.’

Waar het servicekanon wel last van had, was van de matige services die zijn collega’s sloegen. ‘Vanaf de servicelijn was het een wanvertoning’, was de scherpe tekst van zijn collega-international Maarten van Garderen. Abdelaziz wees, zonder namen te noemen, op de mannen die een stabiele opslag dienden te produceren. Die sloegen de eenvoudigste ballen, sprongfloaters, telkens uit.

Maarten van Garderen probeert langs het Poolse blok te smashen. Beeld EPA

Fabian Plak, jonge vent met nog weinig geschiedenis in grote wedstrijden, kon geen moment zijn normale vaste opslag van de rechterhand laten komen. Bal na bal zeilde over de achterlijn. Coach Roberto Piazza bleef hem telkens over de krullenbol aaien, waar hij misschien een corrigerende oplawaai in gedachten had gehad. Van Plaks negen opslagen gingen er vijf mis.

Abdelaziz, zonder namen te noemen: ‘Als zij van de stabiele opslagen de fouten gaan maken, dan moeten de jongens die normaal gaan knallen zich inhouden. Als de twee voor jou fout hebben geserveerd, dan kun jij de bal niet buiten de lijnen slaan. Want als je een punt wilt maken, dan moet de bal wel in het spel worden gebracht. Ja, dat beïnvloedt je service.’

Wie in mannenvolleybal onder de maat serveert, krijgt het te moeilijk, zeker tegen een topploeg als Polen die van de servicelijn juist buitengewoon gevarieerd werk afleverde. Van Garderen beschreef als een volleerd analist het verschil tussen de Polen en Amerika, de nummer twee van de wereld die een maand geleden door Nederland behoorlijk bezig werd gehouden.

Van Garderen: ‘Wij konden de Amerikanen beter tegenspel bieden, omdat zij alles hard serveerden. Daar raak je op ingesteld. Bal hoog en dan verder. De Polen varieerden. Kort, dan weer hard, dan weer een floater. En alles was pas op het laatste moment waar te nemen.’

Het paste in het betoog van bondscoach Piazza die in een poging om elk gevoel van teleurstelling snel weg te poetsen nadrukkelijk wees op de kwaliteit van de tegenstander deze dag. ‘Polen is niet een van de topdrie van de wereld. Polen is de nummer één van de wereld. Geen discussie. Tegen die ploeg, die voluit ging, hebben we hier vandaag gespeeld. Amerika is de nummer twee en daar pakten we bij het olympisch kwalificatietoernooi een set van.’

Het grote verschil met toen was echter de coulisse. Het OKT was in Ahoy een Nederlands feest, met 3.500 in oranje gehulde fans die pal achter hun ploeg stonden. Zondag, op dag drie van de Europese titelstrijd, vormde Ahoy een compleet andere omgeving. ‘Dit was een groot Pools feest. Waarin wij zijn overdonderd door de entourage’, was de correcte vaststelling door Maarten van Garderen.

Zijn toegift: ‘Maar we hebben twee zeges achter de naam. Dat is ook wel eens anders geweest op een EK.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden