Overmars heeft zichzelf als voetballer gemaakt

Lang is er getwijfeld aan de definitieve doorbraak van Marc Overmars. Maar eerst bij Arsenal en nu bij het Nederlands elftal bewijst de kleine vleugelspeler dat hij meer is dan een snelheidswonder....

door Paul Onkenhout en Willem Vissers

VERMOEDELIJK omdat hij als voetballer zo in het oog springt en zich op het veld, heel ouderwets eigenlijk, in een flits nog los kan maken van tegenstanders, is Marc Overmars een voetballer met bijnamen. Kennelijk is het onvoldoende om te volstaan met zijn naam. De meeste bijnamen verwijzen naar zijn snelheid: Miep Miep (naar de snelheidsduivel uit de tekenfilmserie Road Runner) bijvoorbeeld, en Speedy Gonzalez. Het zijn geen bijnamen die hem recht doen: ze zijn een tikje kinderachtig en Overmars is al lang niet meer alleen snel, en bovendien al 25 jaar. Beter is al: Mars Attacks, een vondst van Engelse verslaggevers die zich een film herinnerden waarin de aarde werd aangevallen door bewoners van Mars. Niet beter, wel geestiger is de bijnaam die Franse kranten hem deze maand gaven naar aanleiding van zijn spel tegen België en Zuid-Korea, Le Lupin Orange. De Oranje Kabouter. Overmars is niet heel klein (1.73 meter). Hij is wel kleiner dan de meeste ploeggenoten en tegenstanders. Door zijn postuur springt hij daarom in het oog. En dan zijn er nog de hier en daar met enige regelmaat opduikende kwalificaties; wervelwind, schicht uit Epe, snelheidswonder, tornado. En, totdat hij in 1995 op een bitterkoude decemberavond in het Olympisch Stadion een knieband scheurde, zondagskind. Maar een zondagskind is Overmars nooit geweest. Om dat te weerleggen was de blessure die een eind aan zijn loopbaan had kunnen maken, niet nodig. Door de manier waarop hij revalideerde, gaf hij veel van zijn karakter prijs. Zó revalideren zondagskinderen niet. Iedereen die hem op jonge leeftijd meemaakte, bij Go Ahead, Willem II of Ajax, spreekt nog steeds vol bewondering over zijn leergierigheid en bezetenheid. Overmars wilde topvoetballer worden en werd dat ook. Henny Spijkerman, die hem in het internaat van Go Ahead Eagles onder zijn hoede nam, herinnert zich hem als een jongen die een doel voor ogen had waar alles voor moest wijken.

Daarmee onderscheidde hij zich al als veertienjarige. Overmars was een streber, zelfverzekerd maar tegelijkertijd nuchter, een jongen die niet gebukt ging onder tegenslagen, maar er juist kracht uit putte en vloekte als de wedstrijd zaterdagmorgen werd afgelast. Hij nam het zichzelf als jeugdspeler zeer kwalijk dat hij de bal alleen met zijn rechterbeen kon schieten. Maandenlang legde hij zichzelf beperkingen op en schoot hij slechts met zijn linkerbeen, schavend aan zijn techniek. Overmars is een voetballer die zichzelf heeft gemaakt. Marc Overmars is ook een voetballer die door zijn uiterlijk de fantasie prikkelt, van jonge meisjes bijvoorbeeld die hem, toen hij nog bij Ajax speelde, hun slipjes toestuurden. Hij was een van de eerste voetballers die zich in Nederland wat populariteit betreft kon meten met popsterren. Altijd keerden in de adoratie dezelfde trefwoorden terug: jong, snel, talentvol, bescheiden. En o ja, hij kon ook wel aardig voetballen, ondanks zijn beperkingen. Op zijn voorzet was veel aan te merken en voor het doel verstijfde hij vaak, uit angst of onzekerheid. Overmars was een goede voetballer, geen hele goede. In Engeland werd hij, bij Arsenal, een ándere, hele goede voetballer, veelzijdiger dan de vleugelspeler die hij in Nederland was. Als (linker-)middenvelder werden hogere eisen aan hem gesteld, en hij slaagde erin daaraan te voldoen. Overmars bleef in het veld vertrouwen op zijn intuïtie, zijn snelheid en het onverwachte, korte schot, maar voegde nieuwe elementen aan zijn spel toe. Hij is niet langer de speler die anderen in stelling brengt, maar scoort zelf vaker dan ooit De fan

Youp van 't Hek, cabaretier en schrijver, is supporter van Ajax. Marc Overmars was in diens Amsterdamse jaren zijn favoriete speler. 'Ze moeten het hoofd van de afdeling reclame van Adidas meteen ontslaan. Beginnen ze daar een grote campagne met Kluivert, waarin Overmars een bijrol vertolkt. Volstrekt autistisch beleid, onvergeeflijk. 'Overmars heeft een fantastische uitstraling. Bij iedereen. Bij meisjes? Nou, ik geloof ook bij sommige mannen, maar dat weet ik niet zeker. 'Ik heb nooit meegedaan aan dat vroem, vroem, miep, miep op de tribunes als Marc aan de bal was. Dat vond ik een beetje flauw. Als hij de bal heeft, gebeurt er altijd wat. Spanning, opwinding, die versnelling. Dan schuif je naar de punt van je stoel. Het is volkomen terecht dat hij wordt aangemerkt als een van de beste spelers van het toernooi.'

De vader

Ben Overmars, vader van Marc, bezag van dichtbij de loopbaan en dus ook het herstel na de zware knieblessure. 'Altijd heb ik tegen Marc gezegd dat het weer goed zou komen, hoewel ik twijfels had in het begin. Zo eerlijk moet ik zijn. 'Er is vaak geschreven dat Marc drie maanden in de put heeft gezeten, maar dat is niet waar. Eén dag, toen had hij het verwerkt. Daarna is hij gaan knokken. 'Zeven dagen per week revalideerde hij bij de KNVB in Zeist. Fysiotherapeut Rob Ouderland stond altijd voor hem klaar. De eerste zes weken bracht en haalde ik hem. We kochten een massagetafel en zetten die thuis midden in de kamer. 'Als Marc zijn boterhammetje had gegeten, ging hij oefeningen doen. Met gewichtjes, met zandzakjes. De tv stond gewoon aan. Wij zaten op de bank en Marc lag op die tafel. Hoe meer hij de knie bewoog, des te beter. Hij was altijd met zijn herstel bezig en klaagde nooit. 'Dat harde lopen heeft hij van zijn moeder, maar die mentale instelling van mij. En ook van zijn jeugdtrainer bij Go Ahead, Henny Spijkerman, heeft hij veel geleerd op het mentale vlak. Om zeven uur 's ochtends stonden ze samen op het veld te trainen. 'Als er een halve meter sneeuw lag en de wedstrijd was afgelast, wilde Marc toch naar het veld. Pas als hij niemand bij het clubhuis zag en besefte dat de wedstrijd niet doorging, was het goed. Hij was heel bijzonder. 'Natuurlijk ben ik trots dat hij zo sterk is teruggekomen, maar wij lopen niet met de borst vooruit. Tot nog toe loopt zijn toernooi inderdaad gesmeerd, maar vergeet niet dat hij het shirt met nummer veertien kreeg. Hij was geen basisspeler. Hij heeft in de voorbereiding zijn kans gekregen en gegrepen.'

De voorganger

John Rep, trainer en tv-commentator, was als rechtsbuiten actief in de twee verloren WK-finales van het Nederlands elftal, in 1974 tegen West-Duitsland en in '78 tegen Argentinië. 'Echte buitenspelers zie je helaas niet meer op het WK. Bij Brazilië moet het gevaar zelfs komen van de links- en rechtsback. 'Alle ploegen die ik in Frankrijk heb gezien, spelen het 4-4-2- systeem. Van de zijkanten komt bijna niets meer en dat is jammer, want via de flanken sticht je toch het meeste gevaar; de achterlijn halen en een voorzet geven, daar draaide het vroeger allemaal om. 'Overmars is een verkapte halfspeler, maar omdat Nederland tot nog toe sterker was dan de tegenstander is hij eigenlijk linksbuiten. Dat is mooi om te zien, hoewel ik eigenlijk niet speciaal op hem let. 'Mede door zijn spel was Nederland - Zuid-Korea een van de leukste wedstrijden om naar te kijken. Ook tegen Mexico had hij zijn goede acties. Het was alleen jammer dat dat lobje net naast het doel viel. 'Ik vind veel duels hier heel erg saai. Waar zit je eigenlijk naar te kijken, vraag je je dan af. Spanje - Nigeria was prachtig om te zien en nog een paar wedstrijden waren de moeite waard. België was het absolute dieptepunt. Vreselijk voetbal.' De critici In de duels van het Nederlands elftal tegen België en Zuid-Korea voelden de trainers Leekens en Cha zich gedwongen de directe tegenstander van Overmars te wisselen. Bij de Rode Duivels was Deflandre de vervanger van Crasson en in de Belgische krant Het Nieuwsblad stak hij de loftrompet op Overmars. Hij zei: 'Hij was de beste aanvaller tegen wie ik ooit speelde. De vorige nummer een op mijn lijstje was Ryan Giggs, maar Overmars is dubbel zo goed. Zijn demarrage en zijn snelheid van uitvoering zijn verbluffend. Giggs moet het meer hebben van zijn dribbelkunsten, van zijn onvoorspelbare bewegingen. Maar wat de tovenaar van Wales heeft, heeft Overmars ook, met daarbij nog dat flitsende, dat onhoudbare.' Garth Crooks, voormalig topspeler van Tottenham Hotspur en tegenwoordig werkzaam bij de BBC, is dat niet met Deflandre eens: 'Giggs heeft meer flair. Zijn spel is opwindender, onderhoudender. It's more pleasing to the eye. 'Overmars weet met zijn snelheid precies wat wordt gevraagd van een speler aan de buitenkant van het veld. Net als Bergkamp kan hij goed met de druk van grote wedstrijden omgaan. Op de juiste momenten speelt Overmars goed. Zijn doelpunt op Old Trafford tegen Manchester United was het keerpunt in het seizoen.'

De arts

Frits Kessel, bondsarts van het Nederlands elftal, was nauw betrokken bij de revalidatie van Overmars in Zeist. 'Tien jaar geleden was het medisch gezien absoluut onmogelijk geweest om na een afgescheurde kruisband terug te keren in de topsport. Toen was het alleen mogelijk om de knie te stabiliseren en weer geschikt te maken voor een maatschappelijke functie. Voor topsport was zo'n knie volledig invalide verklaard. 'John de Wolf was de eerste bij wie het wel lukte om hem terug in het topvoetbal te krijgen. Eigenlijk waren twee operaties mogelijk bij Overmars. Er is voor gekozen om een gedeelte van de knieschijfpees te gebruiken om de kruisband te herstellen. 'De medische wetenschap is geëvolueerd, mede door de mogelijkheid om door middel van een kijkoperatie de knie te onderzoeken. Een voorbeeld is de Italiaanse libero Baresi, die vier jaar geleden tijdens het WK in de groepswedstrijden een operatie aan de meniscus onderging. In de finale tegen Brazilië speelde hij weer. 'De mentaliteit van Marc, zijn inzet en veerkracht zijn doorslaggevend geweest bij het herstel. Van Ajax kon hij nooit zes uur per dag privé-aandacht vragen, maar die eiste hij wel. Daarom revalideerde hij in Zeist. 'Marc is helemaal terug: zijn demarrage, zijn versnelling in de demarrage. Aan snelheid heeft hij niets ingeboet. Normaliter, als hij fit is, is hij de snelste van de hele selectie bij de sprinttests. Slechts één keertje was dat Boudewijn Zenden.'

De ontdekker

Frans Bouwmeester was scout van Willem II, plukte Overmars weg uit de jeugd van Go Ahead Eagles en heeft nog altijd veel contact met hem. 'Marc heeft nooit een dikke nek gekregen en dat siert de mens. Hij kan nog beter worden, want pas op zijn 27ste of 28ste zit hij echt aan de top. Dan heeft hij nog meer routine. 'Willem II moest een half miljoen gulden voor Marc betalen, omdat hij al een jeugdcontract had bij Go Ahead. Hij speelde back, op het middenveld, rechtsbuiten, linksbuiten. Eigenlijk had ik hem al eerder willen aantrekken, maar dat vond zijn familie nog te vroeg. 'Bij de besprekingen had Marc zijn vader meegenomen. Ze kwamen ontzettend goed over. Marc heeft zijn loopbaan altijd helemaal uitgestippeld. 'Een sponsor betaalde de helft van dat halve miljoen, Feyenoord verkeerde in financiële problemen en kon dat bedrag niet opbrengen, anders had Feyenoord hem misschien gekocht. We wilden toen bij Willem II ook Numan aantrekken, die in het tweede elftal van Haarlem voetbalde. Maar Numan had net voor drie jaar getekend en kostte zeven ton.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden