'Over een jaar liggen we definitief op België achter'

Frits Suèr is een kenner en werker in het Nederlandse volleybal. De Martinus-man stond, met trainer Selinger en NeVoBo-voorzitter De Bruin, aan de basis van het succesvolle Bankras-project....

Van onze verslaggever

John Volkers

AMSTERDAM

Mopperend liep Frits Suèr vrijdag door de gangen van de Amsterdamse Zuidhallen. Zijn oogappel, bondscoach Goedkoop, had zich ter plekke moeten verdedigen tegen mensen 'die niet begrijpen wat er nodig is voor topsport'. Suèr zegt wel precies te weten wat werken aan de top vereist en verafschuwt het huidige klimaat in volleyballand.

'Het is een ramp voor het volleybal dat er allemaal van die relativerende en vrijblijvende figuren zijn. Het geeft een voortdurende botsing van culturen. Ik denk heel anders over zulke zaken. Ik weet dat topsport een vrij meedogenloze wereld is. En ons volleybal is dat allesbehalve. Dat achtervolgt ons en leidt tot tegenwerking.'

Het is een oud liedje. 'Het achterland blokkeert je elke keer weer. Daar hebben we met het Bankras-model, in 1986, met geweld doorheen gebroken. Omdat we wisten dat je op de oude manier niet verder kwam. Dat heeft toen dezelfde frictie opgeleverd als nu met de affaire-Goedkoop.

'De groep van Selinger werd destijds ook tot een sekte verklaard. Terwijl de deur van de Bankras-hal altijd open stond. Maar die gedachtengang achtervolgt een coach en dat maakt het juist moeilijk om het niveau in Nederland te handhaven.'

Het topvolleybal in Nederland staat er bij de mannen, ondanks de Europese titel van september, beroerd voor, zo luidt de overtuiging van de TVN-bestuurder. 'De nederlaag van de nationale ploeg tegen de Belgen, eind vorig jaar, is voor mij geen incident. Daar in Den Bosch werd juist duidelijk dat een stel spelers dat eventjes bij het Nederlands team werd gehaald, ver achterligt op België.

'Ik vond het alamerend. Nu was misschien zestig procent incidenteel en veertig structureel. Over een jaar is dat omgedraaid en weer een jaar later liggen we definitief op België achter.

'Zij trainen bij hun clubs 20 tot 26 uur. Elke Nederlandse eredivisieclub die dat aantal niet haalt, draagt niet bij tot het topvolleybal in dit land en heeft dan ook niet het recht aanvoerlijn te zijn.

'Clubs die zeggen dat het nationale team hen een zorg zal wezen, die moet ik voorhouden dat er zonder Nederlands team in Nederland geen volleybal meer is. Dan is 't niet eens een C-sport, maar een Z-sport. Het Nederlands team heeft het volleybal in dit land tot een A-sport gemaakt, een sport waarvoor geld en interesse is.

'Dat is niet de verdienste van de clubs. Ik kan het weten want wij hebben met Brother Martinus aan de weg getimmerd. Maar Brother legde het in zijn beste tijd af tegen wat de nationale teams teweeg kunnen brengen. Je moet gewoon erkennen dat voor het topvolleybal de nationale teams de grote trekkers zijn.

'De clubs profiteren ervan. Zij verdienen er geld mee. Sommigen bestaan voor een deel van de bijdrage van de NOS. Maar de NOS is alleen geïnteresseerd in de top, de nationale teams, en niet in de clubs, zeker niet na de disaster van de afgelopen weken in de Europa Cup.

'De NOS had grote plannen om Dynamo in de Champions League te volgen, maar hun optreden is de afgang van het jaar geworden. Thuis verliezen van Parijs en daarna onderuit tegen een of andere derderangs club uit Slowakije, da's niks. Om maar te zwijgen van de andere resultaten, van Zwolle, Capelle, Nesselande, die waren dramatisch.'

Suèr heeft de verklaring bij de hand. 'Als spelers of een team niet 26 uur per week trainen, 20 uur in de zaal, 6 uur in het krachthonk, dan raken we verder achter.We hebben als Nederlanders de fysieke voordelen van onze lengte, maar dat werkt alleen als er net zo hard wordt gewerkt als elders.

'Het lijkt erop dat we weer de situatie krijgen zoals die vroeger bestond. Toen kwam het Nederlands team een paar maanden bij elkaar om met kunst- en vliegwerk iets in te halen. Maar die andere landen zijn ook niet gek. Het basisniveau in het topvolleybalbal wordt steeds hoger. Het wordt steeds lastiger aan te pikken.'

De oplossing is volgens de Amstelvener, pr-manager van Nationale Nederlanden, tweeledig. 'Of de clubs in Nederland gaan meer trainen en verplichten hun spelers dat ze hun vergoedingen waar maken. Mensen die vijftig, zestigduizend gulden verdienen, moeten toch een dagtaak aan trainen hebben.

'Als zoveel geld aan zo'n gemiddelde buitenlander wordt besteed, dan zet ik daar mijn vraagtekens bij. Dat kun je toch beter in een goede trainer en een zwaar programma steken. Bovendien hoor ik te veel spelers zeggen dat ze voor het geld gaan. Eerst komt de instelling. Een speler moet bezeten zijn om goed te willen worden, later komt het geld wel.'

Voor zulke gretige karakters zou het goed zijn weer een nationale ploeg in afzondering op te bouwen. Het is de tweede oplossing van Suèr en een duidelijke afwijking van het officiële meerjarenplan, Road to Sydney.

'Dan kom je toch weer aan datgene waar Goedkoop met zijn jonge vrouwen mee bezig is. Ik geloof daar heilig in. Het is bewezen dat het werkt. We moeten een topteam houden in Nederland, anders is het voorbij.

'Nu worden we overeind gehouden door de vorming die onze talenten in het buitenland ondergaan. Dat kan niet zo blijven. We moeten weer een tussenstap maken, voor een kwalitatieve injectie. TVN of een grote sponsor moet dat weer ter hand nemen. Over het programma hoeven we ons niet druk te maken. Er zijn zestig, zeventig interlands per jaar. En elke training is top tegen top. Daar worden spelers ook beter van.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden