WedstrijdverslagNederland – Italië: 0-1

Oranje krijgt les in modern voetbal

Nederland, dat graag domineert in voetbal, kreeg maandag een nuttige en pijnlijke les in offensieve moderniteit. Italië heeft zich ontpopt tot een offensiever elftal dan Oranje en won volkomen terecht in Amsterdam (0-1), in de tweede speelronde van de Nations League.

Nathan Aké in een kopduel met Zanolio.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

De krachtig voortstuwende en dampende Italiaanse combinatiemachine reed het tot in zijn voegen krakende oranje karretje de greppel in, al bleef de schade beperkt. Italië, met de routiniers Bonucci en Chiellini als robuuste elftalbazen, was fysiek sterker, combineerde veel beter, zette uitstekend druk, had vaker de bal, was gevaarlijker en hield bekwaam tegen. Italië, net als Nederland een elftal in opbouw, was ook tactisch sterker. Dat gaf te denken, ook voor de directie van de KNVB, die een nieuwe bondscoach zoekt, zodat Lodeweges weer assistent kan zijn.

Italië, dat het alleen in de slotfase even lastig had, speelde soms verrukkelijk samen en voetbalde zoals Nederland dat graag doet. Met aanvallers op de vleugels, een balvaardige centrumspits, een gevarieerd middenveld, volop beweging en vleugelverdedigers die bijna aanvallers zijn. Al die aspecten staan hoog op de wensenlijst van Oranje, maar het elftal miste verfijning, afstemming, creativiteit en inhoud.

Joël Veltman, Hans Hateboer, Quincy Promes of Marten de Roon. Het zijn uitstekende clubspelers, maar geen voetballers met wie je meteen tot de favorieten tijdens een eindtoernooi behoort, om een dwarsstraat te noemen. Tal van anderen sloten zich moeiteloos aan bij het te lang ondermaatse niveau, zo vroeg in het seizoen, waarin iedere speler een ander ritme heeft en de beoordeling meer dan anders een momentopname is. Donny van de Beek was vrijwel onzichtbaar, Memphis Depay wilde weer alles tegelijk doen en Georginio Wijnaldum was geofferd op de balansdag van Lodeweges. Frenkie de Jong was een van de weinigen die zich met de Italianen kon meten.

Mondigheid

Ze zijn machtig tegenwoordig, de spelers van Oranje. Ze vormen een hechte groep. Ze wensen elkaar voor de aftrap op stoere wijze succes. Ze mogen, nu er tijdens de pandemie geen publiek in het stadion zit, de muziek uitzoeken. Opeens is de beleving vooraf en tijdens de rust totaal anders. De feestmuziek van Jan Smit en co is vervangen door een gladde mix van r&b en hiphop. Ook zijn er filmpjes over de strijd tegen racisme, die de ploeg tot de zijne heeft gemaakt. Dat is lovenswaardig, een sportploeg die zich ook profileert buiten het veld.

Donny van de Beek in een duel met de Italiaan D’Ambrosio.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Maar met de mondigheid in het veld was het maandag minder gesteld. Ja, Virgil van Dijk was in de leegte weer goed te horen als aanvoerder, hoewel minder dan vrijdag tegen Polen. Want waar de Oost-Europeanen de wedstrijd in relatieve stilte ondergingen, telt Italië de nodige opgewonden standjes. Maar niemand vond een oplossing voor de grote problemen waarvoor Italië de tegenstander stelde, vooral op de rechtervleugel van Nederland.

Neem Nicola Spinazzola, linksback op papier. Hij rende, hij zweefde bijna. Soms vloog hij stiekem een stukje, hij bestreek de hele linkervleugel en niemand wist hoe dat op te lossen. Ja, Hateboer ving hem soms op, maar dat was veel te veel voor hem, want hij had al moeite genoeg met Insigne, die zwierf en de slimmerik uithing. Bij Nederland was Wijnaldum een soort rechtsbuiten, maar ook weer niet helemaal. Bijna 4-2-2-2 was het systeem. Vreemd was de zet van Lodeweges te noemen om Wijnaldum in feite op te offeren aan het inperken van Spinazzola. Juist de combinatie met Depay was van goud in tijden van Koeman. Wijnaldum was trouwens als enige gevaarlijk voor rust, toen hij even naar zijn geliefde centrum trok en een schietkans kreeg.

Fundament

Feit is dat Nederland bijna een hele verdediging miste, normaliter het fundament van de ploeg. Op het middenveld en voorin is het ook wachten op de groei van talenten als Calvin Stengs en Mohamed Ihattaren, die normaliter meer creativiteit brengen. Italië was keer op keer dreigend of gevaarlijk en scoorde kort voor rust eindelijk, na een schitterende aanval, met een voorzet van Immobile en een kopbal van Barella, die opdook tussen Van Dijk en Aké.

Italië bleef ook na rust beter, al vocht Nederland aardig terug, met aanvallende impulsen van Steven Bergwijn en Luuk de Jong. Van de Beek was al eerder dichtbij 1-1, toen hij kort voor zijn wissel na de beste aanval van Nederland inschoot. Doelman Donnarumma redde schitterend.

Volgend maand, als de spelers bij hun clubs meer ritme hebben opgedaan, gaat het verder met interlands tegen Mexico (oefenduel), Bosnië en Italië in de Nations League, waarin Italië nu leidt met 4 punten, eentje meer dan Polen en Nederland. Als het goed is, is er dan ook een bondscoach aangesteld.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden